Gedicht: Ton Lebbink – Voetbalknieën

• Ton Lebbink overleden.

Voetbalknieën

De stoomwals sintelbaant rondjes door het ovaal van
het stadion.
O O Olympisch.
Slipstreamslakken spuiten weg.
Rooskleurig
He! Kneet! Speedway Yesterday. Gouden helm

Tochtlatten kroeskoppen baardapen melkboerenhondenhaar.
Appelwangen.
Prutlippen wijsneuzen flaporen spekbeknekken.
Kippenborsten hangtieten.
Winterhanden bofkonten bierbuiken paardereten.
Voetbalknieën.
Stalbenen rildijen klapkuiten zweetvoeten tenekazen.
Brillejoden doofkwartels knikkerbollen mafkezen maagzweren
nierstenen leverkwalen.
Galbulten.
Voetbalknieën. Ja, ja ik weet het!

Pantoffelhelden spataderen klompvoeten spijkerlaarzen.
Zeurkousen lolbroeken.
Watertanden droogkloten.
Binnenschippers buitenspelers misstanden raakvlakken
tongzoenen liplezen.
Voetbalknieën.
Ik vaar een donkerbruine sloep het IJ uit.
Bij Pampus op paarse bordeelsluipers kliekjesgeest begluren,
leuk!
Kickboksen natrappen.
Voetbalknieën.

Dwangnagels ooievaarskuiten puntknieën spillebenen
jubeltenen snotneuzen waterhanden klootogen oorvijgen
hielelikkers papzakken slijmjurken puistekoppen
tennisarmen…

Voetbalknieën.

Ton Lebbink (1943-2017)