De pahahaden op, de lahahanen in

Door Roland de Bonth

Als de mussen van het dak vallen en de temperatuur in het klaslokaal tot grote hoogte stijgt, klinkt veelvuldig de roep van leerlingen om het schoolgebouw te ontvluchten en in de buitenlucht les te krijgen. Jammer genoeg is het vaak onmogelijk of ongewenst om aan dit verzoek te voldoen. Niet alle scholen hebben immers de beschikking over een schoolplein waar ongestoord les kan worden gegeven of een openbare groenvoorziening in de nabijheid die dienst kan doen als geïmproviseerd leslokaal. Op het Haags Montessori Lyceum waar ik werkzaam ben, wordt het – net als op alle montessorischolen – belangrijk gevonden om niet alleen op school maar ook daarbuiten te leren. Dit wordt ‘’binnen en buiten leren’’ genoemd en vormt één van de zes karakteristieken van het voortgezet montessorionderwijs. Kennis en vaardigheden doen leerlingen namelijk niet alleen op binnen de schoolmuren maar ook – of zelfs vooral – daarbuiten. Door kennis te nemen van de wereld buiten de school – en dat kan ook door sprekers van buiten naar binnen te halen – wordt het leergebied van leerlingen vergroot. Een heel aardige manier daarvoor – geschikt voor alle middelbare scholen en ook geschikt als het niet snikheet is – is het maken van een literaire wandeling.

Binnenkort vindt er bij ons op school een projectdag plaats. Voor leerlingen uit 4 havo willen wij deze vullen met een literaire activiteit. Een voor de leerlingen aansprekende én voor de hand liggende optie is een schrijver op bezoek laten komen. De ervaring leert dat de meeste leerlingen een dergelijk bezoek wel kunnen waarderen, mits ze goed voorbereid worden op de komst van de auteur. Bijvoorbeeld door (fragmenten van) boeken van hem/haar te laten lezen of opdrachten over leven en werk van de schrijver te laten maken. Helaas is het niet altijd eenvoudig om de agenda’s van schrijver en school op elkaar af te stemmen. En dan heb ik het nog niet eens over het budgettaire aspect dat hiermee gemoeid is.

Een alternatief zou een bezoek aan een museum zijn. Zowel de Koninklijke Bibliotheek als Het Letterkundig Museum, het Kinderboekenmuseum en Museum Meermanno liggen op 15 minuten loopafstand van de school; een groot voordeel als een school gevestigd is in het centrum van Den Haag. Nadeel van een museumbezoek zou dan wel weer zijn dat het zo gewenste ‘’buiten’’ stiekem toch ‘’binnen’’ wordt.

Nu herinnerde ik me dat ik eens tweedehands Het Land der Letteren (Amsterdam, 1982) op de kop had getikt. Deze door Adriaan van Dis en Tilly Hermans verzorgde uitgave was blijkens het colofon ‘mede samengesteld ten behoeve van het literatuuronderwijs’. In dit prachtig uitgegeven en rijkelijk geïllustreerde boek staan per provincie gedichten en romanfragmenten van bekende literatoren. Met teksten van onder anderen Constantijn Huygens, Annie M.G. Schmidt, S. Carmiggelt, P.C. Boutens, Jacob Cats, Menno ter Braak en Gerrit Achterberg kan dit boek een mooi uitgangspunt vormen voor het vervaardigen van een literaire wandeling door Den Haag. Ter inspiratie daarvoor zou de speciaal voor 4havo ontworpen lessenserie van docent Nederlands Walter Oussoren kunnen dienen waarover hij onder de titel De roman in Amsterdam. Literatuur over domeingrenzen heen op 24 november tijdens de HSN-conferentie in Zwolle zal spreken.

Om echter niet opnieuw het wiel te hoeven uitvinden besloot ik eerst op internet te zoeken en dat leverde een grotere hoeveelheid materiaal op dan ik in eerste instantie had verwacht; nieuwe maar ook oude – inmiddels vergeten – informatie. Zo herontdekte ik de app LitRoutes van het Letterkundig Museum, met voor het Haagse kant-en-klare wandelingen over Louis Couperus en over Jan Siebelink. Gratis te downloaden via de Appstore.

Een literaire wandeling zou zich ook kunnen richten op (beroemde) overleden schrijvers. Voor een rondgang langs hun graven is het tabblad Beroemde Graven en dan Letteren van de website Dodenakkers zeer aan te bevelen. Daar is eenvoudig terug te vinden dat F. Bordewijk in Den Haag begraven ligt. Dit graf werd bezocht door Aad Meinderts, die als directeur van het Letterkundig Museum in 30 dagen een Literaire roadtrip langs 100 schrijversgraven maakte en die op video vastlegde. Als leerlingen dit dodelijk saai zouden vinden, dan bieden de vier literaire wandelingen uit José Buschmans Den Haag, stad, boordevol Bordewijk zeker een goed alternatief.

Van recente datum is de website Straatpoëzie, die onderdeel uitmaakt van het hier al eerder aangehaalde promotieonderzoek van Kila van der Starre. Den Haag, Leiden en Amsterdam zijn daarop met tal van gedichten ruim vertegenwoordigd. Sinds enige tijd is er een tabblad Lesideeën toegevoegd, aan de hand waarvan docenten hun leerlingen de straat op kunnen sturen. Gebruikers van de website worden overigens aangemoedigd eigen lesideeën op te sturen.

Het mooiste resultaat van mijn zoektocht op internet waren toch echt de ‘zwerfverhalen’ van Kinderboekenstad. Dit zijn looproutes door Den Haag waarbij kinderen leren op een andere wijze naar de stad te kijken. De voorbeeldig vormgegeven routes, waaronder een wandeling over Multatuli, zijn via Kinderboekenstad gratis te downloaden.

Natuurlijk bevind ik me als docent Nederlands op een Haagse school voor literaire wandelingen in een bevoorrechte positie. Toch denk ik dat het met behulp van bovenstaande suggesties, literaire genootschappen, plaatselijke VVV’s, de eigen creativiteit en wat dies meer zij mogelijk moet zijn om leerlingen ook elders in Nederlands lekker naar ‘’buiten’’ te laten gaan.