Ilja Leonard Pfeijffer als Rus

De taal van Ilja Leonard Pfeijffer (22)

Door Marc van Oostendorp

Toen Ilja Leonard Pfeijffer geboren werd (in januari 1968), was de naam Ilja in Nederland net aan een opmars begonnen, die een piek zou kennen in de vroege jaren zeventig. Ik heb niet kunnen achterhalen waarom het een piek was. (Het verhaal gaat dat Pfeijffer zelf de naam kreeg naar een kinderboek Ilja de kleine ganzenridder, maar ik weet niet of dat boek zo populair was dat het ’t bredere succes van verklaren.) Het onderstaande grafiekje, dat weergeeft hoeveel jongens per jaar de naam kregen, vinden we in de Nederlandse voornamenbank (NVB).

 De naam is in Nederland overigens populairder als een meisjesnaam: er waren  volgens de NVB in 2014 651 jongens en mannen die Ilja heetten en 1401 meisjes en vrouwen. Waarom die genderverdeling zo is, weet ik ook al niet. (De wetenschap zit telkens met zijn handen in het haar.) Van oorsprong is de naam een Russische mannennaam, een Slavischeaanspreekvorm voor Elias.

Maar veel mensen voelen hem dus als vrouwelijk aan. Pfeijffer speelt met de vrouwelijke associatie van zijn naam in Het ware leven, waar hij een mannelijke correspondent opvoert die denkt dat Ilja een vrouw is en haar daarop begint te stalken.

Dat het een Russische naam is, past wel goed in het werk, waarin in zekere zin een geografische driehoek zit verborgen, van een noord-westelijke (Nederland, Pfeijffer), een zuidelijke (Italië, Leonardo) en een oostelijke identiteit: Ilja.

Die oostelijke identiteit is duidelijk Russisch, blijkt uit Brieven uit Genua:

Ik houd niet van verandering. Jij weet dat. Je zegt dan altijd dat ik ‘staromodny’ ben en een oude Russische ziel heb. Ik vat dat op als compliment, al weet ik dat je dat niet helemaal precies zo bedoelt. Maar het punt is dat ik gelijk heb. Ergens iets aan doen maakt het bijna altijd erger.

(Cтаромодный is een Russisch woord voor ‘ouderwets’)

Kwaadschiks

De jij in bovenstaand passage kun je identificeren met Gelya Bogatishcheva, de vriendin met wie Pfeijffer zo’n tien jaar geleden in Leiden samen was en met wie hij uiteindelijk naar Rome fietste. Uit het reisverslag De filosofie van de heuvel blijkt dat ze onderweg soms het Russisch als geheimtaal gebruikten, bijvoorbeeld toen ze in een Franse bar naar een voetbalwedstrijd Nederland-Frankrijk keken:

We durfden niet eens Nederlands te praten. ‘Le Splendid’ stond vol met nogal jonge en nogal agressief ogende allochtonen. Heel voorzichtig fluisterden we in het Russisch dat het mooi was.

Uit een eerdere aantekening uit het boek kun je overigens opmaken dat Pfeijffers Russisch niet perfect is, want als hij (met toestemming) iets in Gelya’s dagboek leest, vindt hij er iets in het Russisch wat hij niet begrijpt: “Ze legde het mij uit. Het was een equivalent van de uitdrukking: Als het niet goedschiks kan, dan maar kwaadschiks.”

Bietensoep

Ook een paar andere Russische namen komen af en toe terug in het oeuvre, zoals die van de danseres of prostituée Lena, en van het plaatsje Pljos. Dat laatste plaatsje kent volgens Wikipedia zo’n 2500 inwoners en heeft een weinig indrukwekkende geschiedenis, maar heeft in Pfeijffer als het ware zijn chroniqueur gevonden: het komt zowel in het gedicht hoe ik moe werd van mijn werd van mijn russische ziel in Van de vierkante man, in de verhalenbundel Harde feiten als in de roman Het ware leven aan de orde.

De geografische driehoek Rusland – Italië – Nederland wordt behalve in Filosofie van de heuvel het best uitgewerkt in de roman Het ware leven, dat zich in precies deze drie landen afspeelt. Nederland is het land van ‘Tom en Brenda’ die hun hele leven op orde hebben in hun Vinex-woning en een keer in de week, op zaterdag, een witbiertje gaan drinken met wat olijfjes in een ‘grand café’. Italië is het land van de zwier en de zomerjurkjes en de vitello tonato en de smoezelige misdaad. Rusland is het land van de eindeloze onbarmhartige veldtochten te paard, en de bietensoep en de eindeloze melancholie.

Inderdaad, dat is allemaal nogal schematisch, zoals het in een boek met de titel Het ware leven past. Voor Nederland en vooral voor Italië heeft de schrijver het beeld later nader uitgewerkt, maar voor Rusland is dat nog niet zo. Een goede wetenschap doet zoals we sinds vorige week dankzij de wakkere columnisten van de Volkskrant weer weten af en toe een falsifieerbare voorspelling. Welnu, hier komt er een: ooit komt er nog een groot boek komen over Pljos.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column met de tags , . Bookmark de permalink.