Gedicht: Willem Bilderdijk – Nietigheid

Nietigheid

Ach! al des stervlings roem is niet
Dan blinkend ijs en ruischend riet.
Het ijs versmelt, het rietjen knikt,
Als zon of wind het tegen blikt.
Waar blijft dan ’t schitterschoon kristal?
Waar ’t oorbehagend pijpgeschal?
Eén rukjen luchts, één zonnestraal!
Daar ligt des hoogmoeds flonkerpraal.

Willem Bilderdijk (1756-1831)