Marc van Oostendorp – taalkundige

Door Marc van Oostendorp

We hebben nieuwe visitekaartjes! Ik vergeet die dingen weliswaar altijd mee te nemen naar gelegenheden waar ik ze aan iemand uit kan delen, maar ik ben er nu heel blij mee.

Dat komt doordat we zelf onze functie-omschrijving mochten bedenken. Dus nu heb ik een kaartje waar niet een of andere bizarre rangaanduiding op staat, maar wat ik eigenlijk, in diepste wezen, ben: taalkundige.

Er is van alles mis met het academische bedrijf; er werken behalve een paar aardige en gevoelige mensen ook veel nare, bange, opportunistische; er is een vloed aan onzinnige dingen die van de moderne academicus worden verlangd. Dus academicus zijn is eigenlijk alleen maar een manier om te bereiken wat je eigenlijk wilt zijn – taalkundige. Er zijn trouwens – gelukkig – ook andere manieren.

Wereld

Waarom iemand iets anders zou willen zijn dan dat, is mij nog altijd een raadsel.  Taal is vrijwel altijd en vrijwel overal in ruime hoeveelheden voorhanden, en dat dan ook nog eens gratis: als er eens toevallig niemand zit te kletsen en er is ook geen leesvoer voorhanden, kun je altijd nog zelf zinnen gaan bedenken.

Bovendien is taal natuurlijk niet zomaar iets, maar ze maakt ons denken, ze bepaalt vrijwel al onze relaties, ze bepaalt hoe we dingen te weten komen over de wereld. Ze bepaalt onze wereld. Wie de taal zou begrijpen, zou de wereld begrijpen.

Heerlijke plekken

Dat doel verwacht ik niet te bereiken in mijn leven, maar ik hoop wel dat we er nog een paar stappen dichterbij kunnen komen voor ik definitief mijn lippen sluit. En ondertussen is taal ook nog iets om plezier mee te hebben, om mooie momenten in mee te maken, om  van te gruwelen en om te lachen.

Het mooie van taalkundige zijn is juist ook dat je niet per se alleen je in kringen van academici hoeft te begeven: er zijn genoeg mensen die geïnteresseerd zijn in taal met wie je kunt praten, er zijn genoeg mensen bij wie je onderzoek kunt doen. Je kunt met andere woorden vrij gemakkelijk af en toe je vleugels uitslaan buiten de nauwe muren van de academie.

En verder zijn er natuurlijk ook heerlijke plekken binnen de academie, waar een mens nog taalkundige kan zijn. Zoals het Meertens Instituut.

Lees anders het stukje even dat ik hier precies een jaar geleden schreef: Rondje voor mijn vijanden