Ik ben deskundige, geloof mijn mening

Door Marc van Oostendorp

In mijn eigen filterbubbel zitten bijna alleen deskundigen, en die maken zich zorgen. Eerder deze week verscheen een artikel in NRC Handelsblad waarin de president (José van Dijck) en de vice-president (Wim van Saarloos) van de KNAW een artikel waarin ze opriepen om ‘een cultuur te koesteren waarin feit en mening van elkaar onderscheiden zijn’, zonder daarbij precies duidelijk te maken aan wie de oproep gericht was of welke stappen er genomen moeten worden om het doel te bereiken behalve ‘investeren in onderwijs’.

De oproep lijkt me daarmee voorbij te gaan aan wat er aan de hand is, namelijk dat geen enkele autoriteit meer vanzelf spreekt. Dat het nu nog wel wat betekent als je president van de KNAW bent, maar dat je op die vanzelfsprekende autoriteit niet altijd meer kunt bouwen (er verschenen nu ook al meteen stukken die deze autoriteit in twijfel trokken).

Maar een belangrijker bezwaar lijkt me dat Van Dijck en Van Saarloos de oplossing zoeken in het onderwijs. Omdat het gesignaleerde probleem relatief recent is, suggereert dit dat er de afgelopen jaren of decennia iets mis is gegaan in het onderwijs; dat er minder aandacht is geweest voor “het vinden en wegen van feiten, op dialoog in plaats van monoloog, op transparante argumentatie in plaats van opinies in oneliners”.

Voldoende transparant

Daar nu lijkt mij eigenlijk weinig bewijs voor. Je zou net zo goed kunnen zeggen dat er de afgelopen jaren méér aandacht is geweest voor dat soort zaken in het onderwijs, en dat dit dus niet helpt. Bovendien is maar de vraag of mensen vroeger dan wel alles per se geloofden dat de wetenschap oplepelde, of dat ze toen alleen maar geen manier hadden om hun scepsis te uiten.

In een interessante column in het Universiteit Twente-magazine wijst Peter-Paul Verbeek er zelfs op dat je de kritiek, bijvoorbeeld in het vaccinatiedebat, zelfs kunt zien als een teken van emancipatie: mensen accepteren niet zomaar de ‘monoloog’ die de wetenschap ze voorschotelt, maar willen in dialoog. Ze willen zelf feiten vinden en wegen. Ze vinden de gegeven argumentatie niet voldoende transparant. En uit recent Duits onderzoek blijkt dat mensen sceptischer worden over de wetenschap als ze heel duidelijke populair-wetenschappelijke publicaties lezen.

Eigen theorietjes

Natuurlijk, er zijn óók een heleboel domoren die hun mond over van alles en nog wat open doen en geen enkele interesse hebben in het moeizame proces van het vinden van feiten. Maar in mijn ogen is de kern van het probleem een autoriteitsprobleem. (Waarbij we overigens voor de goede orde moeten vaststellen dat de overgrote meerderheid van de Nederlanders nog vertrouwen lijkt te hebben in de meerderheid van de wetenschap.)

Neem nu dé twee grote kwesties: het vaccinatiedebat en het klimaatdebat. Ik ben in beide gevallen geneigd om de meerderheid van de deskundigen te volgen. Ik zou mijn kind laten vaccineren, de opwarming van de aarde zal voor mij bij de komende verkiezingen leidend worden in mijn stemkeuze. Maar is dat nu omdat ik zelf zoveel mogelijk feiten op een rijtje heb gezet, in dialoog ben gegaan, de argumentatie heb ontrafeld? Nauwelijks. Ik lees wel af en toe iets wat in de wetenschapsbijlage van een krant staat, of op een populair-wetenschappelijke website; maar ik als ik mijn eigen motivatie goed bekijk, is het vooral dat ik meer vertrouw op het instituut van de wetenschap dan op Jos uit Schin op Geul die er zijn eigen theorietjes op na houdt.

Kritisch denken

Het kán ook niet anders. Je kunt als mens niet alles volgen en niet alles begrijpen. Je moet je verlaten op wat anderen zeggen.

Zelfs in mijn eigen vak is dat ten dele zo. Wanneer ik iets schrijf over Nederlandse dialecten is dat niet per se altijd omdat ik het desbetreffende dorp zelf bezocht heb, maar omdat ik erop vertrouw dat het onderzoek dat ik erover lees (en heb geprobeerd te doorgronden) op goede gronden is gebeurd.

Alle wetenschap is gebaseerd op vertrouwen. En de relatie tussen burger en wetenschap is dat nog veel meer. Tegelijkertijd is de wetenschappelijke methode juist gebaseerd op wantrouwen (altijd je eigen aannames aanvechten, nooit zeker weten of er niet ergens een meetfout is gemaakt). Daar zit een belangrijke paradox, die je volgens mij onder ogen moet zien om het debat goed te voeren. Wetenschappelijke autoriteit spreekt kennelijk minder voor zichzelf dan ooit, en dat is deels misschien te danken aan het succes van onderwijs in het kritisch denken

Als ik dat wil

Wat er vooral ontbreekt: het vertrouwen in deskundigheid moet terugkomen. Het handige van een deskundige is dat hij allerlei argumenten al honderdduizend keer heeft doorgenomen. Ik ben bijvoorbeeld een (derderangs) deskundige op het gebied van taal, en dat betekent onder andere dat ik de mening dat het almaar bergafwaarts gaat met het Nederlands omdat de kinderen niet meer kunnen spellen al honderdduizend keer heb gehoord, en dat mij dat kennelijk in al die jaren nooit heeft overtuigd. En dat ik daar dus kennelijk goede redenen voor heb. De reden dat ik vaccinatieonderzoekers en klimaatonderzoekers vertrouw is dat ik aanneem dat ze hun redeneringen opzetten volgens redelijke methoden, en dat ik als ik dat wil, die redeneringen ook zou kunnen volgen en de relevante feiten zou kunnen vinden. Terwijl ze eigenlijk misschien achter een betaalmuur zitten.

Wetenschapscommunicatiefenomeen Jona Lendering merkte op Twitter op dat het soms lijkt of er meer energie wordt gestoken in het bestrijden van de wetenschap dan in het verdedigen ervan. Ik denk dat daar wat in zit.

Wetenschap is wel een mening

Wetenschappers zijn nog te zeer geneigd uit te gaan van het oude model, dat mensen vanzelfsprekend aannemen dat ze gelijk hebben, bijvoorbeeld omdat ze dat op school hebben geleerd. In plaats daarvan moet er duidelijk worden gemaakt dat alle feiten en alle redeneringen inderdaad voor wie dat wil vrij toegankelijk zijn, en moet er een eindeloze strijd worden gevoerd, waarin telkens weer met redelijke argumenten, soms op een zeer elementair niveau, moet worden aangetoond wat de waarde is van expertise.

Want wetenschap is uiteindelijk wél een mening over hoe de wereld in elkaar zit. Het is alleen doorgaans een mening waarop de beste mensen die er het langst over hebben nagedacht elkaar hebben kunnen vinden.