Comburgse handschrift digitaal on-line

Door Willem Kuiper

Soms vind je iets bij toeval. Hoewel, toeval? Een middeleeuws spreekwoord luidt: “Men seget dicke in bispele / Ende hets dicke oec gesciet / Dat vligende craje bejaget iet.” (Die queeste vanden Grale, r. 1105-1107)  Op zijn Zaans gezegd: Een vliegende kraai vangt altijd wat.

25 jaar geleden studeerde Hella Hendriks, u mogelijk bekend van het Repertorium van Eigennamen in Middelnederlandse Literaire Teksten (REMLT), bij mij af op de Middelnederlandse vertaling van de Oudfranse Roman de la Rose. De ijsberg onder water van haar doctoraalscriptie was een synoptische diplomatische editie van de drie bewaard gebleven complete Middelnederlandse handschriften in combinatie met de Oudfranse brontekst. Die editie was gemaakt op een bescheiden PC met WordPerfect als tekstverwerker en opgedeeld in tientallen deelbestanden, die tot één doorlopende editie afgedrukt konden worden. Momenteel zijn wij bezig van die digitale deelbestanden één homogeen wpd en pdf bestand te maken. Binnenkort in dit theater!

Al doende valt je oog soms op plaatsen in de tekst, en dan zou je o zo graag eens in het handschrift willen kijken hoe het er daar staat. Maar helaas, ik heb mijn foto’s van het Comburgse handschrift, een erfenis van de grote Hellinga, met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd en het ontruimen van kamer 430 in het P.C. Hoofthuis UvA, weggegeven aan de BNM in Leiden. Op zo’n moment kun je denken: 1) laat maar zitten, de wereld heeft grotere problemen aan haar hoofd dan de betekenis en functie van een streepje in de marge van de Comburgse codex; maar zo zit ik niet in elkaar. Ik dacht: 2) je weet nooit hoe een koe een haas vangt, dus laten wij eens kijken of de Comburgse codex inmiddels gedigitaliseerd en on-line gezet is.

De Württembergische Landesbibliothek te Stuttgart, waar het Comburgse handschrift bewaard wordt, was snel gevonden, maar daarna werd het lastig. De signatuur is nogal ingewikkeld en bevat een cijfer ‘2’ met een superscripte letter ‘o’. Staat voor folio. Als je die 2 met bovengeschreven o in je zoekopdracht weglaat of vervangt door ‘folio’ dan zie je na was missers tot je niet geringe vreugde een link op je scherm die leidt naar een integrale gedigitaliseerde Comburgse codex, die je ook nog eens (wat ik zelf zéér op prijs stel) als pdf kunt downloaden. Als u op deze link klikt dan kunt u met doorbladeren beginnen door rechtsboven in het scherm op DFG Viewer te klikken.

Mocht u problemen hebben met het lezen van het handschrift dan heb ik nóg een verrassing voor u. De integrale diplomatische editie van het Comburgse handschrift,  bezorgd door Herman Brinkman en Janny Schenkel. Hilversum [Verloren] 1997, Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden, 4 staat on-line op de website Textualscholarship.nl onder Digitale edities. Daar kunt u de beide delen van deze prachtige editie met een rijke inleiding downloaden. Volg daarvoor deze link.

Ik wens u veel kijk- en leesplezier.

Naschrift

Wie Comburg zegt, zegt Vanden vos reynaerde. In 1991 verscheen in Leuven, België bij Uitgeverij Davidsfonds een kleurenfacsimile editie van de Comburgse Reynaert met een diplomatische transcriptie, woordverklaring en commentaar bezorgd door Jozef Janssens, Veerle Uyttersprot en Rik van Daele. Van de Dyckse Reinaert bestaat zo’n editie niet, maar omdat ik toch bezig was, ben ik ook op zoek gegaan naar het bestaan van een gedigitaliseerde Dyckse codex. Welnu, ook het Dyckse handschrift staat integraal en in kleur digitaal op de website van de Westfälische Wilhelms-Universität Münster. Als u deze link volgt, kunt u onmiddellijk met doorbladeren beginnen. Let vooral op de marges van dit handschrift. Al onze letterkundige middeleeuwse handschriften zijn door latere bezitters opnieuw gebonden en daarbij is de boekbinder doorgaans niet zuinig geweest met het besnijden van het boekblok. De Dyckse codex is een van de zeer weinige Middelnederlandse literaire codices die in hun oorspronkelijk formaat bewaard zijn gebleven.