Gedicht: Karel van de Woestijne – De bruid zegt

De bruid zegt:

Hoe wordt mijn lippe week
van honig-smaak?
– ’t Is of ‘k met tanden-reek
uw tanden raak…

Hoe zijn uw ogen klaar
van vreemde schijn!
‘k Zie er me lévens-waar
spieglend in zijn…

‘k Hou mijne leden, als
ware ik beschaamd…
– Uw adem, om mijn hals,
die zoelig aêmt…

…’k Voel me zo vreemd, – zo vreemd
bevángen zijn…
Uw stille stemme fleemt
als zoete wijn.

Karel van de Woestijne (1878-1929)