Geluisterde podcasts

Door Marc van Oostendorp


Als iemand aan mij vraagt wat ik luister, aarzel ik onwillekeurig even. Op een pagina van de zakenwebsite NRCQ  gebeurde het gisteren een paar keer. Luisteren werd gebruikt met een lijdend voorwerp:

  • Deze veertien podcasts moet je luisteren vandaag
  • Wat luister jij op weg naar je werk?
Ik weet dat andere mensen dat zeggen, maar ik zou zelf geloof ik ofwel beluisteren gebruiken, of, waarschijnlijker, het voorzetsel naar. 
Opvallend is dat de schrijver van de webpagina het wel heeft over ‘de best beluisterde podcast van 2006′ en niet over ‘de best geluisterde’. Dat laatste kan ik maar één keer vinden via Google (tegenover 211 keer ‘beluisterde podcasts’).  Bij ‘podcasts luisteren/beluisteren’ is de verhouding anders. Die vind ik respectievelijk 460 en 740 keer  – bij ‘podcasts luisteren’ moet je oppassen dat je de vorm ‘naar podcasts luisteren’ niet meetelt. Er is dus een verschil tussen het voltooid deelwoord en andere vormen. Ik geloof dat ik dat ook kan navoelen: geluisterde podcast klinkt raarder dan podcasts luisteren.
Uit het WNT maak ik op dat luisteren in het verleden ook wel met een lijdend voorwerp werd gebruikt, maar eigenlijk altijd in een andere betekenis. Als equivalent van horen bijvoorbeeld (‘Ick meen … alleen By haer te zijn, ey neen …, wie heeft ’t gheluystert?’), of van gehoorzamen (‘Ghy Jongelingen luystert uwen Vader’), maar niet in de betekenis die het woordenboek fraai omschrijft als ‘met aandacht hooren, gewoonlijk met den wensch om het gesprokene te verstaan of het geluid niet aan zich te laten voorbijgaan’. In die betekenis staat er voor zover ik kan zien in het woordenboek nooit een lijdend voorwerp.

Langzaam maar zeker kan luisteren dat lijdend voorwerp dus krijgen. Het is de omgekeerde beweging dan werkwoorden als openen hebben doorgemaakt, die hun wens tot een lijdend voorwerp juist verliezen (‘het restaurant opent volgende week’). Je zou kunnen denken dat het te maken heeft met het feit dat de media – de radio en podcasts – een nieuwe vorm van met aandacht horen hebben gebracht: één waarin je kunt luisteren zonder dat je iets hoeft terug te doen. Je kunt het denken; maar bewijzen kun je het niet.