Klankencyclopedie van het Nederlands (32): [ə]


door Marc van Oostendorp
] De [ə], de laatste klinker van mode, is de meest inhoudsloze klank van het Nederlands en tegelijk de klank waar waarschijnlijk het meest over geschreven is, en waar ook het meest over te vertellen valt. (Hier is een Engelstalig wetenschappelijk overzichtsartikel dat ik een jaar of tien geleden over de sjwa schreef.)

Neem alleen de naam van de klank: sjwa, een naam waar de klank zelf niet inzit. De naam komt uit de studie van het (bijbelse) Hebreeuws, waar het stond voor een klinker die soms werd ingevoegd tussen twee medeklinkers, min of meer op de manier waarop wij dat nog steeds doen in heləp en Marəc. In het Hebreeuws klonk die klinker overigens waarschijnlijk eerder als een [e] dan als een [ə].

De Nederlandse klank is de makkelijkste klinker die je kunt maken. Waar je voor andere klinkers je tong en je lippen in een bepaalde stand moet houden – de vervormingen die dat opleveren zorgen voor het karakteristieke geluid van iedere klinker – laat je voor een sjwa de lucht min of meer vrijelijk naar buiten stromen. De sjwa zit daarmee precies in het midden van de mond.

Het is waarschijnlijk die eenvoud die de sjwa zo’n goede keuze maakt om in te voegen tussen twee medeklinkers. Bovendien duurt de sjwa ook het kortst van alle klinkers en is daardoor de minst opvallende. Je kunt hem natuurlijk wel langer aanhouden, zoals we doen in gesprekken als we willen laten weten dat we nu even niet op een woord kunnen komen, maar wel aan het woord willen blijven: “Dat heb ik… əəəəə… nooit gedaan.”

En er is nog iets waar we hem voor inzetten. Wanneer je een beetje snel spreekt, worden onbeklemtoonde klinkers al snel tot sjwa: mənuut, ik ga naar kətoor, nətuur. Die klinkers onthullen kennelijk niet zoveel informatie en dus maakt de spreker als het zo uitkomt zich er makkelijk vanaf. Bij beklemtoonde klinkers lukt het juist nooit: lokomotief kan als het uitkomt lokəmətief worden, maar nooit ləkəmətəf.

Sjwa heeft toch al nooit klemtoon. Dat heeft waarschijnlijk ook weer te maken met het feit dat de klinker zo kort is: klemtoon drukken we juist uit door de klinker wat langer te maken.

Ik houd op een aparte pagina bij welke klanken ik inmiddels behandeld heb in de Klankencyclopedie.