Samen sta jij sterk

Marc van Oostendorp

Dat je en jij niet hetzelfde betekenen, blijkt maar weer uit de campagne die de Pensioenfederatie onlangs begonnen is, en die als slogan heeft:

Samen sta jij sterk.

Dat klinkt raar, terwijl Samen sta je sterk natuurlijk veel beter klinkt.

Het is het soort slogan waar je als lezer moe van wordt omdat je voelt hoe hard er door de tekstschrijver over is nagedacht. “Ja! Ik heb het! Samen sta jij sterk! Dan maken we duidelijk dat we aan de ene kant samenwerken, maar dat dit aan de andere kant een voordeel is voor jou, de klant!”

Wat er knerst aan die zin is natuurlijk precies die tegenstelling tussen samen en jij.
Dat samen slaat normaal gesproken terug op het onderwerp, maar dan moet het onderwerp wel meervoudig zijn: samen staan jullie sterk. Jij is enkelvoudig en dat past dus niet.

Maar waarom kan je dan wel? Je kan ook een vorm kan zijn voor jullie, in ieder geval als bezittelijk voornaamwoord: ‘jullie hebben je (eigen) boeken niet meegenomen’ is een gewone zin.

Als persoonlijk voornaamwoord is het wat lastiger. ‘Ik heb je niet gezien’ kan wel betekenen ‘ik heb jullie niet gezien’, maar ik zou dat zelf toch niet zo snel zo zeggen en ik associeer het met ouderwetse boekentaal. In zijn onvolprezen Onze Nederlandse Spreektaal wijst Jelle de Vries erop dat er bovendien iets merkwaardigs aan de hand is: jullie kan wel voorafgaan aan je, maar andersom an het niet:

– Passen jullie goed op dat je niet verdwaalt?
– Pas je goed op dat jullie niet verdwalen? [uitgesloten]

Ik denk dat uit ‘Samen sta je sterk’ blijkt dat het nog iets sterker is: je betekent alleen jullie wanneer er elders in de zin een woord staat dat van je meervoud maakt. Zoals een jullie in de hoofdzin, of een samen. Jij kan op geen enkele manier tot een meervoudige interpretatie worden gedwongen en daarom knerst samen sta jij sterk zo en heeft een copywriter er ongetwijfeld een goed bedrag voor weten af te dwingen bij zijn opdrachtgever.