Na een kort ziekbed

Door Marc van Oostendorp

Ik had ter voorbereiding op de komst van de begrafenisondernemer gisterenavond alvast een tekstje geschreven. “Na een kort ziekbed”, waren de eerste woorden.

“Daar maken we maar van kortstondig“, zei de begrafenisondernemer, een dertiger die al twaalf jaar in het vak zat.

“Nee, dat willen we niet,” zei ik, terwijl ik naar mijn tante keek.

“Zoals u wilt,” zei de begrafenisondernemer. “Als u maar weet dat het taaltechnisch fout is. Een kort ziekbed kun je volgens mijn baas alleen zeggen als het ziekbed bijvoorbeeld maar 1 meter 50 lang is.”

Ik keek mijn tante nog eens aan. “Wij vinden kortstondig een lelijk, ouderwets woord”, zei zij.

“Dan laten we het natuurlijk kort,” zei de man. “Maar taaltechnisch…”

Ineens leek het me in het belang van honderden toekomstige nabestaanden om het autoriteitsargument uit te spelen. “Ik ben taalkundige,” zei ik. “Uw redenering klopt niet. Je zegt na een ziekbed. Door dat voorzetsel laat je al zien dat je ziekbed niet letterlijk bedoelt, maar als een aanduiding van de tijd. ‘Na het ziekbed’ betekent natuurlijk niet ‘achter het ziekbed’ of zoiets. En zoals je best kunt zeggen ‘na korte tijd’ kun je ook best zeggen ‘na een kort ziekbed’.”

Zijn gezicht klaarde op. “Zie je wel!” leek hij te willen zeggen, maar zoiets zegt een begrafenisondernemer natuurlijk niet wanneer hij in functie is. En bij de volgende zin vroeg hij meteen advies. ‘Sommige van mijn collega’s vinden dat je moet zeggen “onze broer, mijn zwager, onze oom”, maar je kunt toch ook zeggen “onze broer, zwager, oom”? Omdat je dan de rollen opsomt die hij in uw familie had.”

En weer heb ik hopelijk wat overlijdensberichten eenvoudiger gemaakt.