Klankencyclopedie van het Nederlands (22): [o]

[o] De [o] maak je door je lippen te ronden en je tong iets op te tillen – niet zo hoog dat je een [u] krijgt, maar toch hoog genoeg dat je geen [ɔ] maakt.

In de krochten van het internet woedt al minstens vijftien jaar een discussie over de vraag of deze klinker niet eigenlijk zou moeten worden opgeschreven als [oʷ]. (Hier staat bijvoorbeeld een discussie uit 1997 over dit belangwekkende onderwerp, die teruggrijpt op een nog oudere discussie.) Veel mensen spreken inderdaad aan het eind van ho en po een kort w’tje uit.

Moeten we dan daarom zeggen dat de [o] eigenlijk een tweeklank is?


Er zijn klinkers die duidelijk eenklanken zijn: je mond staat aan het begin van het woord in precies dezelfde stand aan het eind. De [i] en de [a] zijn daar voorbeelden van. Er zijn klinkers die duidelijk tweeklanken zijn: aan het begin staat je mond in een andere stand dan aan het eind. Daar zijn au en ei voorbeelden van. Maar hoe zit het dan met de [o]?

De discussie kan eeuwig voortduren omdat er verschillende criteria zijn die niet met elkaar overeenstemmen. Wanneer je die stand van de mond (de precieze uitspraak) als criterium gebruikt, moet je dus zeggen: voor veel Nederlanders wel, maar voor oosterlingen en Vlamingen niet.

Maar er zijn ook abstractere criteria. Zo kun je zeggen: tweeklanken kunnen nooit gevolgd worden door een r in dezelfde lettergreep. Er bestaan geen Nederlandse woorden deir, daur of duir. Zo bezien is [o] dan geen tweeklank, want door bestaat wel.

Je kunt ook zeggen: de beschrijving van ‘het’ Nederlands moet voldoende neutraal zijn om alle geaccepteerde varianten te omvatten. En dan is het beter om die ʷ-naslag, die niet alle sprekers hebben, te negeren.

Maar ook daar kun je dan weer dingen tegen inbrengen. Zo kun je erop wijzen dat precies die naslag ook ontbreekt voor een r: niemand zegt d[oʷ]r, je zegt d[o]r of eventueel d[ɔː]r, maar een tweeklank klinkt daar niet. En je kunt erop wijzen dat een ‘neutrale’ transcriptie natuurlijk niet per se degenen moet bevoordelen die de naslag niet hebben.

Ik houd op een aparte pagina bij welke klanken ik inmiddels behandeld heb in de Klankencyclopedie.