Hoe dieper de crisis, hoe gouder de glans

Bijna had ik hem gemist, een gouden zin in NRC Handelsblad van maandagavond:

Hoe langer geleden, hoe dieper de crisis, hoe gouder de glans die in Griekenland over het olympisch jaar ligt.

Gouder de Beauregard is een deftig klinkende familienaam (ook al zijn er gelukkig ook autohandelaren met die naam) wat het moeilijk maakt om te googlen, maar ik kan me niet herinneren dat woord gouder ooit te zijn tegengekomen.

Het is eigenlijk wel een vondst, want er bestaat geen goede vergrotende trap van gouden (of van andere bijvoeglijk naamwoorden op –en zoals zilveren, zijden). Nu kun je natuurlijk zeggen: wat moet je ook met een vergrotende trap van zo’n woord, kan de ene glans wel meer van goud zijn dan de andere? Maar dan heb je buiten de dichterlijke ambities van in ieder geval de redactie van de NRC gerekend.

Je kunt trouwens die woorden op –en ook niet goed verbuigen. Een blauwe knikker kan wel, maar een goudene knikker niet en een zilverene knikker klinkt geloof ik nog vreemder. Het heeft te maken met een afkeer in het Nederlands om twee lettergrepen met een toonloze e achter elkaar te zetten. Die neiging zorgt ervoor dat we wel loper zeggen, maar geen wandeler of aarzeler. (Overigens is die afkeer weer niet zo absoluut dat er geen woorden als jongere of zilveren zouden kunnen bestaan.)

Tot nu toe heeft die afkeer van twee toonloze e’s ons weerhouden om de glans steeds goudener te maken. Gelukkig heeft de NRC een uitweg gevonden en hakt gewoon de eerste –en eraf.