Klankencyclopedie van het Nederlands (1): [u]

Vanaf vandaag presenteert Neder-L af en toe en met onregelmatige tussenpozen afleveringen van de Klankencyclopedie van het Nederlands: we gaan alle klinkers en medeklinkers van onze taal stuk voor stuk behandelen. Omdat ik geen idee heb welke systematiek ik zou moeten volgen om een volgorde te bepalen, doe ik dat ook willekeurig. Daar gaan we. Ik schrijf de klankvorm van klinkers en medeklinkers in het Internationaal Fonetisch Alfabet op tussen vierkante hakken [a]; de corresponderende spelling schrijf ik cursief. In de loop van de tijd zal ik hyperlinks toevoegen van de ene klank naar de andere, maar deze eerste keer valt er natuurlijk nog niks te linken.)


[u] De [u]-klank (oe) komt in twee vormen: lang en kort. Voor een [r] (r) is de [u] langer dan voor een andere klank: boer heeft een langere oe dan boek, boet, boef of boei. Alleen in sommige Franse leenwoorden (rouge) maken sommige Nederlanders ook zo’n lange [uː].

Je maakt een [u] ruwweg door je lippen te ronden en de achterkant van je tong vrij hoog op te tillen. Met dezelfde ronding van de lippen en de tong iets minder omhoog krijg je een [o]-klank (oo); de tong nog iets verder omlaag geeft een [ɔ] (oh).

De [u] is in veel opzichten één van de minst bijzondere klinkers die we hebben: heel veel talen hebben hem. Er zijn talen met maar drie klinkers – daar zit dan bijna altijd de oe bij. Dat komt waarschijnlijk doordat het een extreme klinker is (met die geronde lippen en die heel hoge tong). De andere extreme klinkers ([a] / aa en [i] / ie) komen ook in de meeste talen voor.

Dat we de [u]-klank in het Nederlands schrijven met is op het eerste gezicht misschien wonderlijk. De letter werd ooit gebruikt als verlengingsteken: is een lange , was een lange (schaep). En zo was  een lange , die vervolgens dus wat extremer werd uitgesproken.

Er is nog een klank waarmee de [u] affiniteit heeft: de [w]. Als er op een [u] een andere klinker volgt, vullen sprekers van het Nederlands bijna automatisch zo’n [w] in (dou[w]ane). Dat komt doordat de [w] bijna op dezelfde manier gemaakt wordt als de [u] – hij is er als het ware de medeklinkervariant van. Omgekeerd lijkt de [w] juist weer niet graag vóór de [u] te staan. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat je wel kwaad, kweel, kwispel, quotum, kwijl en allerlei andere woorden kunt zeggen die beginnen met kw, maar dat er geen Nederlandse woorden zijn die beginnen met kwoe-.