Dubbele dubbelepunt

De roman Vallende ouders van A.F.Th. van der Heijden is verschenen in 1983 en is inmiddels aan zijn 26e druk toe. De uitgever heeft hem onlangs ook als digitaal boek uitgebracht. Terwijl ik die onlangs herlas viel me de volgende zin op:

Maar het was al niet meer nodig: rond de zevende slag van de klok werd er gescheld: een hoog belletje tussen twee sombere gongslagen.

Zinnen met twee keer een dubbelepunt kom je zelden tegen. Ik heb het snel even nagezocht op twee websites met taaladviezen (taaladvies.net en www.onzetaal.nl) en vond er geen expliciete adviezen tegen, maar in ieder geval in Vallende ouders komt hij verder niet voor. Ik vind hem ook meestal lelijk en als ik zelf schrijf probeer ik hem te vermijden: zo’n zinsdeel na een dubbelepunt is zelf al een soort uitleg en zou niet op zijn beurt ook weer moeten worden uitgelegd.

Maar precies deze zin vormt natuurlijk een uitzondering op die ongeschreven regel. De zin gaat over een belletje dat klinkt tussen twee sombere gongslagen. Die slagen worden aan het begin en het eind van de zin geplaatst en tussen de twee dubbelepunten staat precies het belletje.