Neder-L, no. 0207.b

Subject: Neder-L, no. 0207.b
From: BJP Salemans
Reply-To:Elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek
Date:Wed, 24 Jul 2002 18:52:39 +0200
Content-Type:TEXT/PLAIN
                           *********************
*-Elfde-jaargang----------- Neder-L, no. 0207.b -----------ISSN-0929-6514-*
|                                                                         |
|      ************************************************************       |
|      * Neder-L, elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek *       |
|      ************************************************************       |
|                                                                         |
| Onderwerpen in dit bulletin:                                            |
| ============================                                            |
| (1) Vac: 0207.21: Vacature voor een voltijds hoogleraar in de           |
|                   Nederlandkunde op de Faculteit der Letteren van de    |
|                   Universiteit Leiden (deadline: ma 26 augustus 2002)   |
| (2) Med: 0207.22: Overleden: Gertrude Starink (1947-2002)               |
| (3) Med: 0207.23: Poeziefestival 'Dichters in de Prinsentuin' op do 25  |
|                   en vr 26 juli 2002 te Groningen                       |
| (4) Sym: 0207.24: Congres Werkgroep Zeventiende Eeuw 'De toekomst van   |
|                   de 17e eeuw' op vr 30 augustus 2002 te Amsterdam      |
| (5) Web: 0207.25: Nieuw artikel neerlandistiek.nl: Thomas Vaessens,     |
|                   'Procedures voor de poezie. Sybren Polet en het       |
|                   probleem van de authenciteit'                         |
| (6) Web: 0207.26: Nieuw in Trefwoord: I. van Hardeveld,                 |
|                   'Zestiende-eeuwse woordenboeken in het WNT', en W.    |
|                   van Pijnenburg, 'Van klokkenluiders en kutzwagers.    |
|                   Bespreking van N. van der Sijs, Etymologie in het     |
|                   digitale tijdperk'                                    |
| (7) Web: 0207.27: Adreswijziging Bomans Krant                           |
| (8) Lit: 0207.28: Pas verschenen: M. van Oostendorp. Steenkolen-Engels. |
|                   Een pleidooi voor normvervaging. (Amsterdam, 2002)    |
| (9) Lit: 0207.29: Pas verschenen: yang 2002, nr. 2                      |
|(10) Lit: 0207.30: Te verschijnen: Le neerlandais en France et en        |
|                   Belgique francophone: approches scientifiques et      |
|                   didactiques / Het Nederlands in Frankrijk en in       |
|                   Franstalig Belgie wetenschappelijk en didactisch      |
|                   benaderd (redactie: Philippe Hiligsmann)              |
|(11) Art: 0207.31: Door Th. Janssen: Column (= repliek) 'Wij- en         |
|                   zij-taalkunde in relatietherapie'. Bij M. van         |
|                   Oostendorps coulumn 'De Nu-Wij-Taalwetenschap' in     |
|                   Neder-L 0207.19. Gevolgd door een naschrift van M.    |
|                   van Oostendorp en een epiloog van Th. Janssen         |
|(12) Informatie over Neder-L                                             |
|                                                                         |
*--------------------------                     -------------24-juli-2002-*
                           *********************

(1)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Fri, 19 Jul 2002 14:38:17 +0200
From: Elly Glas <E.J.M.Glas@let.leidenuniv.nl>
Subject: Vac: 0207.21: Vacature voor een voltijds hoogleraar in de Nederlandkunde op de Faculteit der Letteren van de Universiteit Leiden (deadline: ma 26 augustus 2002)

===============
Vacature Leiden
===============

De Faculteit der Letteren vraagt:

hoogleraar (m/v) in de
Nederlandkunde, in het bijzonder de
studie van het Nederlands in relatie tot andere talen
(vacaturenummer 2-130)

Aan de opleiding Dutch Studies studeren ongeveer honderd buitenlandse studenten, die na de voltooiing van een driejarig programma een BA-diploma verwerven dat toegang geeft tot een MA-opleiding van een jaar. In de studie verwerven de studenten het Nederlands, en specialiseren zij zich op het gebied van de Nederlandse taalkunde of letterkunde, de Nederlandse kunstgeschiedenis of de vaderlandse geschiedenis.

De taken van de te benoemen hoogleraar bestaan uit:

  • het geven van onderwijs en het verzorgen van onderzoek op het gebied van de Nederlandse taalkunde, meer in het bijzonder de verwerving van het Nederlands als tweede of vreemde taal en het contact tussen het Nederlands en andere talen;
  • het verrichten van onderzoek op het terrein van de Nederlandse taalkunde, meer in het bijzonder op ten minste een van de hiervoor genoemde deelgebieden;
  • het entameren en stimuleren van samenwerking in onderwijs en onderzoek tussen de verschillende disciplines van de opleiding Dutch Studies waartoe de hoogleraar behoort;
  • het entameren, stimuleren en begeleiden van promotieonderzoek;
  • bestuurlijke taken binnen de opleiding Dutch Studies, het onderzoeksinstituut ULCL, de faculteit en in andere organisaties binnen en buiten de Leidse universiteit die voor de opleiding en het vakgebied van belang zijn. Hierbij is uitdrukkelijk begrepen het onderhouden van internationale contacten op universitair niveau die van belang zijn voor de Neerlandistiek extra muros.

De te benoemen kandidaat voldoet aan de volgende eisen:

  • een promotie op het gebied van de leeropdracht;
  • uitstekende kwaliteiten als docent op het gebied van de leeropdracht in het universitair onderwijs. Ervaring in het verzorgen van onderwijs voor buitenlandse, niet-Nederlandstalige studenten strekt tot aanbeveling;
  • uitstekende onderzoekskwaliteiten op het gebied van de Nederlandse taalkunde, zichtbaar in een promotie en een lijst van publicaties verschenen bij voor het vakgebied gerenommeerde uitgevers of in hiervoor gezaghebbende periodieken;
  • aantoonbare en ruime ervaring met onderzoek naar (i) de verwerving van Nederlands als tweede of vreemde taal of (ii) het contact tussen het Nederlands en andere talen;
  • uitstekende leidinggevende kwaliteiten;
  • het vermogen interdisciplinaire samenwerking te stimuleren.

Als niet-Nederlandstaligen in aanmerking willen komen, worden ze geacht de Nederlandse taal uitstekend te beheersen.

Het verzorgen van een proefcollege alsmede een onderzoek naar managementkwaliteiten maken deel uit van de sollicitatieprocedure.

Zij die voor de functie in aanmerking menen te komen, en zij die de aandacht willen vestigen op eventuele kandidaten, dienen zich binnen vier weken na het verschijnen van deze advertentie schriftelijk te wenden tot de Decaan van de Faculteit der Letteren, Faculteitsbureau Letteren, Postbus 9515, 2300 RA Leiden. De sollicitatie dient vergezeld te gaan van een curriculum vitae, een lijst van publicaties en een plan voor toekomstig onderzoek. Belangstellenden kunnen op het secretariaat van het faculteitsbureau, bereikbaar onder nummer +31 (0)71 -527.23.18, de profielschets opvragen. U treft deze tevens aan op onze website: http://www.leidenuniv.nl/let/faculteit/index.html, onder de rubriek ‘Hoogleraarsvacatures’. De Decaan is bereid nadere inlichtingen omtrent de leerstoel te verstrekken; u kunt hem bereiken op het hiervoor genoemde telefoonnummer.

De Universiteit Leiden wil meer vrouwen in dienst nemen, teneinde de getalsverhouding tussen mannen en vrouwen in het algemeen en in hoogleraarsposities in het bijzonder in evenwicht te brengen. Daarom worden ook zij uitdrukkelijk uitgenodigd te solliciteren.

(2)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Mon, 22 Jul 2002 11:47:10 +0200
From: P.J. Verkruijsse <piet.verkruijsse@hum.uva.nl>
Subject: Med: 0207.22: Overleden: Gertrude Starink (1947-2002)

=========
Overleden
=========

Op 9 juli 2002 overleed te St. Ives de dichteres Gertrude Starink (* 30 september 1947 te Breda). Zij publiceerde in de jaren 1970-1999 een aantal dichtbundels onder de hoofdtitel ‘De weg naar Egypte’. Voor de derde bundel uit die serie ontving zij in 1996 de Herman Gorterprijs en de vijfde bundel werd genomineerd voor de VSB Poezieprijs in 2001. Daarnaast vertaalde zij uit het Frans en Engels, o.a. – samen met haar man Jan Starink – Laurence Sterne’s ‘Het leven en de opvattingen van de heer Tristram Shandy’.

(3)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Fri, 12 Jul 2002 18:48:45 +0200
From: Dichters in de Prinsentuin <rense.sinkgraven@wanadoo.nl>
Subject: Med: 0207.23: Poeziefestival 'Dichters in de Prinsentuin' op do 25 en vr 26 juli 2002 te Groningen

=======================================================================
Poeziefestival Dichters in de Prinsentuin op 25 en 26 juli te Groningen
=======================================================================

Op 25 en 26 juli vindt voor de vijfde maal het literair botanisch festival ‘Dichters in de Prinsentuin’ plaats.

Met dit jaar o.a.: Ali Albazzaz, Mowaffk Al-Sawad, Rik Andreae, Joost Baars, Hidde Boersma, Piter Boersma, Sijbrand Bolman, Nynke Bonga, Wouter Boonstra, Tsead Bruinja, Maria van Daalen, Dani”el Dee, Bart FM Droog, Arthur la F’eber, Sieger M. Geertsma, Trix Giebels, Wouter Godijn, Hassan Golbang Khorasani, Peter de Groot, Karel ten Haaf, Kees van der Hoef, Tjitse Hofman, Annemieke Houttuin, Petra Else Jekel, Alain van Kessel, Ruud Knook, Elmar Kuiper, Gertjan Laan, Marije Langelaar, Titia Lodewegen, Edwin Lotz, Janneke Lueks, Annelieke van Mens, Thomas Moehlmann, Emmie Muller, Tjitske Mussche, Nataca, Max Niematz, Ronald Ohlsen, Piet Oosterheerd, Coen Peppelenbos, Kasper Peters, Johan Pol, Guillaume Pool, Henk Puister, Naji Rahim, Ineke Riem, Viviane Rose, Hannie Rouweler, Suze Sanders, Rieks Siebering, Rense Sinkgraven, Albertina Soepboer, Ina Sousa, Meindert Talma, Wim van Til, Leonieke Toering, Peter Veen, Benne van der Velde, Erik Verhaar, Maatje Visbeen, Matty de Vries, Nyk de Vries, Sjef Weller, Nina Werkman, Atze van Wieren, Willem Jan van Wijk, Gert Wijlage, Pom Wolff, Harry Zevenbergen, Gauke Zijlstra en Jaap Sietse Zuierveld.

Dichters in de Prinsentuin wordt dit jaar voor het eerst op meerdere locaties gehouden in de stad. Bezoekers kunnen terecht bij de Prinsenhoftuin, Athena’s Boekhandel, Ann’s Art en het Natuurmuseum. In het Natuurmuseum is de tentoonstelling ‘Flowering inferno’ van beeldend kunstenaar Rommert Boonstra te bewonderen. Door onder meer de dichters Maria van Daalen, Rutger Kopland, Esther Jansma, Frans Bud’e, Rozalie Hirs, Albert Schaalma, Albertina Soepboer en Tonnus Oosterhoff werden gedichten geschreven bij bloemenfoto’s van Boonstra. Deze gedichten zijn te beluisteren via koptelefoons. De bezoeker van het Prinsentuinfestival krijgt korting op de toegang van het museum.

’s Avonds is er een literair programma in het Schouwburgcafe De Souffleur. Op de donderdagavond zal het accent liggen op poezie en muziek met onder meer Meindert Talma. De vrijdagavond staat in het teken van de bloemlezing ‘Vanuit de lucht – de eerste generatie dichters van de eenentwintigste eeuw’.

Entree: gratis

Tijden en locaties (in Groningen):
13.00-15.00 uur: Prinsenhoftuin, Kreupelstraat
14.00-16.00 uur: Galerie Ann’s Art, Munnekeholm 8
14.45-16.45 uur: Tuin Natuurmuseum, Praediniussingel 59
14.00-16.00 uur: Athena’s Boekhandel, Oude Kijk in ’t Jatstr. 42
21.00-22.00 uur: Schouwburgcafe, Kruitlaan 3

Nadere informatie:
De Schrijversschool Groningen – +31 (0)50-850.71.62
schrijversschool@hotmail.com
Tsead Bruinja – +31 (0)50-5890071 – tseadbruinja@hotmail.com
Internet: http://www.geocities.com/prinsentuin

(4)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Wed, 17 Jul 2002 11:29:51 +0200
From: Rene van Stipriaan <stipriaan@dbnl.org>
Subject: Sym: 0207.24: Congres Werkgroep Zeventiende Eeuw 'De toekomst van de 17e eeuw' op vr 30 augustus 2002 te Amsterdam

========================================================
De toekomst van de zeventiende eeuw
Congres vrijdag 30 augustus 2002 – Rijksmuseum Amsterdam
========================================================

De congressen van de Werkgroep Zeventiende Eeuw zijn meestal opgezet rond een interdisciplinair thema en bieden gelegenheid tot het presenteren van onderzoek over de periode 1550-1700. Voor het congres van 2002 is gekozen voor een ruimere opzet dan gebruikelijk en een breder onderwerp, namelijk de overdracht van zeventiende-eeuws cultuurgoed aan het tegenwoordige en toekomstige publiek. Aanleiding is de aanstaande verbouwing en herinrichting van het Rijksmuseum Amsterdam (te beginnen in 2003). Maar het nieuwe Rijksmuseum is niet de enige drastische verandering die de zeventiende eeuw te wachten staat. Het geschiedenisonderwijs ondergaat zijn meest verstrekkende hervorming tot nog toe. Mede onder invloed van de digitalisering verandert zowel de aard van het historisch onderzoek als de wijze waarop resultaten openbaar worden gemaakt. Liggen hier nieuwe mogelijkheden om een brug te slaan tussen de wereld van specialist en de interessesfeer van een breder publiek of komen deze juist steeds verder uit elkaar te liggen? We schrijven zeventiende-eeuwse kunst, poezie, toneel en muziek eeuwigheidswaarde toe, maar hoe zorgen we er voor dat werken ook daadwerkelijk worden bekeken, gelezen en beluisterd? Kortom, aanleiding genoeg om aan het begin van de eenentwintigste eeuw een discussie te wijden aan de toekomst van de zeventiende eeuw, met medewerking van onder meer Nelleke Noordervliet, Eddy de Jongh, Marijke Spies, Peter Sigmond, Paul Vandenbroeck, Cas Smithuijsen, Hans Croiset en Jean Pierre Rawie.

Het congres wordt georganiseerd door: Werkgroep Zeventiende Eeuw; Amsterdams Centrum voor de Studie van de Gouden Eeuw; Rijksmuseum Amsterdam.

Het congres vindt plaats op vrijdag 30 augustus van 10.00-18.00 in de Filmzaal van het Rijksmuseum Amsterdam (rechter hoofdingang). De kosten, inclusief lunch, bedragen: EUR 17 voor leden van Werkgroep Zeventiende Eeuw; EUR 22 voor niet-leden, studenten betalen EUR 8. U kunt zich opgeven bij Huigen Leeflang, Rijksmuseum Amsterdam, Postbus 74888, 1070 DN Amsterdam, e-mail h.leeflang@rijksmuseum.nl. Gelieve gelijktijdig het verschuldigde bedrag over te maken op girorekening nr. 4739223 ten name van Werkgroep Zeventiende Eeuw, te Hilversum, onder vermelding van ‘Toekomst Zeventiende Eeuw’.

(5)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Mon, 15 Jul 2002 15:23:50 +0200
From: Matthias Huening <mhuening@zedat.fu-berlin.de>
Subject: Web: 0207.25: Nieuw artikel neerlandistiek.nl: Thomas Vaessens, 'Procedures voor de poezie. Sybren Polet en het probleem van de authenciteit'

===============================
Nieuw artikel neerlandistiek.nl
===============================

Thomas Vaessens.
Procedures voor de poezie. Sybren Polet en het probleem van de authenciteit.
neerlandistiek.nl 02.04
http://www.neerlandistiek.nl/02/04/index.html

Samenvatting

Veel van Sybren Polets gedichten wekken een machinale, kunstmatige indruk. Zij lijken met behulp van procedures gemaakt te zijn. Met dit ‘proceduralisme’ distantieert deze dichter zich tamelijk rigoureus van het traditionele beeld van poezie, dat ervan uitgaat dat het gedicht een lyrische ontboezeming is van een ik (een ik die de inhoud van het gedicht dus van tevoren bedacht heeft). Polet lijkt andersom te werk te gaan. Er is niet eerst een inhoud, maar er is eerst een vorm, een formeel stramien. De inhoud lijkt daarmee niet door een ik te zijn aangebracht. In deze bijdrage bespreek ik het procedurele karakter van Polets poezie in relatie tot het postmodernisme.

Bij dit artikel zijn ook de beide ‘open reviews’ gepubliceerd van:

  • Wiel Kusters
  • Hugo Verdaasdonk

(6)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Sat, 20 Jul 2002 10:01:28 +0200
From: Anne Dykstra <adykstra@FA.KNAW.NL>
Subject: Web: 0207.26: Nieuw in Trefwoord: I. van Hardeveld, 'Zestiende-eeuwse woordenboeken in het WNT', en W. van Pijnenburg, 'Van klokkenluiders en kutzwagers. Bespreking van N. van der Sijs, Etymologie in het digitale tijdperk'

==================
Nieuw in Trefwoord
==================

Hardeveld, Ike van. Zestiende-eeuwse woordenboeken in het WNT.
http://www.fryske-akademy.nl/trefwoord

Pijnenburg, W.J.J. Van klokkenluiders en kutzwagers. Bespreking van N.
van der Sijs, Etymologie in het digitale tijdperk.
http://www.fryske-akademy.nl/trefwoord

(7)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Mon, 15 Jul 2002 11:18:46 +0200
From: Jac Aarts <j.aarts@chello.nl>
Subject: Web: 0207.27: Adreswijziging Bomans Krant

===========================
Adreswijziging Bomans Krant
===========================

De Bomans Krant is van adres veranderd. We zijn van de Gelderse server van Chello (UPC) overgestapt naar de Amsterdamse, wat natuurlijk administratieve ongemakken met zich meebrengt. Voortaan kunt u ons bereiken op:

http://members.ams.chello.nl/j.aarts

Jac Aarts

(8)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Wed, 17 Jul 2002 15:23:56 +0200
From: Marc van Oostendorp <marc.van.oostendorp@meertens.knaw.nl>
Subject: Lit: 0207.28: Pas verschenen: Marc van Oostendorp. Steenkolen-Engels. Een pleidooi voor normvervaging. (Amsterdam, 2002)

==============
Pas verschenen
==============

Marc van Oostendorp. Steenkolen-Engels. Een pleidooi voor normvervaging. Amsterdam, L.J. Veen/Het Taalfonds. ISBN 9020457497. Prijs: EUR 13,50. Uitvoering: paperback, 159 pagina’s. On-line bestellen: http://www.boekenwereld.com/boek.lasso?v1=9020457497

Langzaam maar zeker wordt Nederland een tweetalig land. Internationale bedrijven gaan over in het Engels, boeken en tijdschriften worden geheel of gedeeltelijk in het Engels gedrukt, steeds meer opleidingen – universiteiten en middelbare scholen – bieden een steeds groter deel van hun onderwijsprogramma’s in het Engels aan. Er zijn mensen die denken dat het Nederlands verdrukt zal worden door het Engels. Sommigen van hen maken zich grote zorgen; zij zijn bang dat het Nederlands langzaam verloren gaat en zij zien dat als een bedreiging. Er zijn ook mensen die juist blij zijn: hoe sneller we van het Nederlands, dat ons beperkt, af zijn, hoe beter het in hun ogen is. Zijn die angst en vreugde terecht? Spreekt iedereen over vijftig jaar alleen nog Engels? En zullen de kinderen van die tijd de gedichtjes van Annie M.G. Schmidt nog kunnen verstaan?

In Steenkolen-Engels zet Marc van Oostendorp de feiten op een speelse en duidelijke manier op een rijtje: hoeveel Nederlanders spreken er eigenlijk Engels? Kunnen zij zich in alle situaties redden? Zijn wij echt meer geneigd om woorden uit vreemde talen te lenen van onze buren? En wat zijn de alternatieven voor de dominante rol van het Engels op het wereldtoneel? In heldere beschouwingen vat hij de gegevens samen die journalisten en wetenschappers in de afgelopen jaren verzamelden. En in rond Hollands geeft hij zijn eigen, onbezorgde mening. Daarmee is Steenkolen-Engels een vrolijk en nuttig boek voor iedereen die belangstelling heeft voor de taaltoekomst van Nederland, van Europa en de wereld. We beleven hoe dan ook spannende tijden, waarin de wereld langzaam groeit naar een unieke taalsituatie.

(9)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Wed, 17 Jul 2002 15:35:24 +0200
From: yangtijdschrift <yangtijdschrift@skynet.be>
Subject: Lit: 0207.29: Pas verschenen: yang 2002, nr. 2

==============
Pas verschenen
==============

yang jrg. 38, nr. 2, juli 2002

Omkijken is een manier om het verleden opnieuw te zien. In Flanders Language Valley Revisited (yang 2001/4) keerde de redactie terug naar enkele voor haar belangrijke maar vaak veronachtzaamde episodes uit de Vlaamse literaire twintigste eeuw. In deze aflevering onderwerpt yang de jaren zestig aan een ander onderzoek. Niet de roze en veelal goudomrande bril van de Mei ’68-ers zelf bepaalt hier de blik; evenmin de wat al te donkere zonnebril van de no future-generatie die volwassen werd in de crisisjaren (1973-1985) en die het liefst het (bloemen)kind met het badwater wilde weggooien.

In het door Dirk Van Hulle en Gert Morreel samengestelde, 130 pagina’s dikke dossier wordt nog eens scherp gewezen op het verband tussen het haast spreekwoordelijk met de Sixties verbonden ‘engagement’ en de in dat decennium al even welig tierende experimenteerdrang. Kan een huidige generatie daarmee nog iets aanvangen nu het experiment in de literatuur niet zozeer als geengageerd, maar juist als elitair wordt beschouwd en de relevantie van literatuur nog slechts een kwestie van verkoopcijfers lijkt te zijn? Dirk Van Hulle gaat in zijn inleiding uitgebreid op de kwestie in en stelt onder meer vast dat de retoriek van de revolutie maar al te vaak even autoritair was als die van de autoriteiten. Het dossier focust dan ook op teksten, films en muziek uit de jaren zestig waarin soms op speelse, soms op een pijnlijke manier, met experimentele en andere middelen, de retoriek van zowel machthebbers als hun opponenten wordt ontmaskerd.

Het dossier bevat teksten van Donald Barthelme, Nanni Balestrini, Francis Ponge en Guenther Eich – die laatste opgenomen in een uitgebreid essay van Vivian Liska en Dirk Van Hulle over Eichs in 1968 verschenen Maulwuerfe. Bart van den Bossche leidt het werk van Balestrini in. Sabine Hillen schrijft over Ponge, in het bijzonder over diens La fabrique du pre, dat in vertaling en in facsimile werd opgenomen. Kristof Pastuer laat in zijn bijdrage zien hoezeer het experimentele tot een dictatuur kon worden en bijvoorbeeld een maatschappelijk betrokken, maar niet experimentele schrijver als Piet van Aken jarenlang het zwijgen oplegde. Harold Polis heeft het over de wijze waarop jonge Vlaamse schrijvers hun engagement beleefden: ‘Misschien is het aangewezen de beladen term engagement uit het ideologische moeras te trekken, niet uitsluitend te interpreteren als sociaal protest, maar wel als een houding tegenover de ingrijpende maatschappelijke veranderingen.’ Gert Morreel schrijft over de Tacitus van de Sixties, Norman Mailer en diens Armies of the Night. Trui Vetters schrijft over prijsapen, na-apen, zwarte en harige apen in de eerste ‘fully merchandized blockbuster’ van het witte doek: Planet of the Apes – een kassucces ondanks het feit dat de film vooral de bange blanke man portretteerde en zo ‘one of those rare films’ kon worden, ‘whose historical impact outweighs its quality’, zoals een criticus constateerde. Nico Krols gaat in zijn bijdrage na op welke wijze het filmische experiment van met name Godard verraden werd of juist doorsijpelde in de films van onder andere Soderbergh. Geert Buelens schrijft over freejazz, de Amerikaanse burgerrechtenbeweging en Black Power.

Naast het dossier zijn er de gebruikelijke ingredienten. Het non-fictie-essay werd deze keer geschreven door Sarah Bracke, die een overzicht geeft van de recente theorievorming over het feminisme. In Die ochtend in de boekhandel bespreekt Daniel Rovers Nachoem Wijnbergs nieuwe roman Politiek en Liefde, en neemt Yra van Dijk de dichtbundel Circulaire systemen van Paul Bogaert onder de loep. In Postbus 245 legt Piet Joostens een verband tussen 11 september en het verdwijnen van minaretten op het nieuw gestylde pakje Camel. Writer in residence Bart Meuleman heeft het in zijn popkroniek over Joni Mitchell.

Voorts: proza van J.M.H. Berckmans en nieuwe poezie van Lucas Huesgen.

En ten slotte is er nog een bijzonder Memo Bourdieu, over de begin dit jaar overleden cultuursocioloog. Zijn Nederlandse vertaler Rokus Hofstede schreef een inleiding bij de transcriptie van een reeks losse, mondelinge commentaren van Bourdieu, door Hofstede opgetekend in het najaar van 1993 en voorjaar van 1994 t.g.v. het verschijnen van De regels van de kunst. Sascha Bru tekende voor het postscriptum bij deze memo.

Bestellen

Los nummer: EUR 7
Abonnement 4 nrs.: EUR 20 (Belgie), EUR 25 (buitenland)
yangtijdschrift@skynet.be
http://www.yangtijdschrift.be
Postrekening 000-1702138-79
tav yang
Postbus 245
B-9000 Gent

(10)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Mon, 15 Jul 2002 15:12:46
From: Philippe Hiligsmann <hiligsmann@lige.ucl.ac.be>
Subject: Lit: 0207.30: Te verschijnen: Le neerlandais en France et en Belgique francophone: approches scientifiques et didactiques / Het Nederlands in Frankrijk en in Franstalig Belgie wetenschappelijk en didactisch benaderd (redactie: Philippe Hiligsmann)

==============
Te verschijnen
==============

Binnenkort verschijnt: Le neerlandais en France et en Belgique francophone: approches scientifiques et didactiques / Het Nederlands in Frankrijk en in Franstalig Belgie wetenschappelijk en didactisch benaderd (redactie: Philippe Hiligsmann).

Deze bundel bevat de teksten van de meeste lezingen gehouden tijdens het colloquium Le neerlandais en France et en Belgique francophone: approches scientifiques et didactiques / Het Nederlands in Frankrijk en in Franstalig Belgie wetenschappelijk en didactisch benaderd, dat plaatsvond van 22 t/m 24 maart 2001 aan de Universite Charles-de-Gaulle – Lille 3. Het colloquium had tot doel informatie te verstrekken over de meest recente ontwikkelingen op het gebied van het Nederlands als vreemde taal in Frankrijk en in Franstalig Belgie, en een dialoog tot stand te brengen tussen de neerlandici uit beide landen. De artikelen uit deze bundel hebben betrekking op taalkunde, letterkunde, vertaalwetenschap, maatschappij en cultuur, zakelijk Nederlands en didactiek van het Nederlands als vreemde taal. Ze geven een overzicht van de rijkdom en van de diversiteit van de neerlandistiek in beide landen. Aan elk artikel gaat een samenvatting vooraf (in het Frans als het artikel in het Nederlands is geschreven; in het Nederlands als het artikel in het Frans is geschreven).

INHOUD

Avant-propos / Woord vooraf

Linguistique / Taalkunde

  • J. Pekelder: Contrastiviteit.
  • L. Bergmans: ‘Sikkepitten en rooie centen’. Quelques observations sur le presque-rien nie en neerlandais et en francais.
  • J.-P. Colson: Van corpuslinguistiek tot fraseologie: de plaats van Nederlandse en Franse vaste verbindingen in het lexicon.
  • P. Godin: De la linguistique cognitive jusqu’a la didactique en compagnie de la particule neerlandaise ‘uit’.
  • L. Haegeman & M. Van Peteghem: Le genre grammatical dans quelques dialectes flamands.
  • M. Lemmens: Over de alomtegenwoordigheid van liggen, zitten en staan: linguistische en didactische perspectieven.
  • A. Loengarov & W. Van Belle: Prepositioneel-objectszinnen in het Nederlands en het Frans: een contrastieve analyse.
  • I. Van Canegem-Ardijns: Voorzetselconstituenten: binnen of buiten de tang?

Litterature / Literatuur

  • E. Leijnse: Mission impossible? Nederlandse literatuurgeschiedenis voor Franstalige leerders. Een verslag uit het veld.
  • D. Cumps: La problematisation de la thematique feminine chez quelques auteurs neerlandaises contemporaines: une approche transtextuelle.
  • R. Fenendael: Hadewijch I, Hadewijch II en Marguerite Porete: een linguistische, culturele en spirituele ‘gemeenschap’.
  • M. Krafft-Groot: Un auteur comme Simon Vestdijk represente-t-il encore un interet pour l’etudiant d’aujour-d’hui ? L’exemple d’Een moderne Antonius.
  • S. Macris: Traduction et principe de realite. La traduction litteraire dans l’enseignement universitaire.
  • A. Reant-Rosseel: Van Wiplala naar Monsieur Ouiplala.
  • V. Staiesse: Het huis bij Hella S. Haasse. Een topos voor psychische verstarring of innerlijke metamorfose?
  • S. Vanasten: Wanneer Rabelais’ grove lach het vermomde verdriet van Louis tegemoetkomt. Claus’ verdriet van Belgie met Bakhtin lezen.

Civilisation et culture / Maatschappij en cultuur

  • K. Gerth: Civilisation neerlandaise? Reflexions sur un concept.
  • Th. Beaufils: Raison ou sentiment? La question des emotions dans les etudes de civilisation neerlandaise.

Le neerlandais des affaires / Zakelijk Nederlands

  • V. Amand: Le neerlandais en Wallonie: a la recherche des nuances.
  • V. Kempinaire: L’enjeu economique du neerlandais.
  • A. Besnehard: Quelles strategies d’enseignement du neerlandais des affaires pour un public francophone debutant? Reflexions preliminaires. A une recherche sur la didactique du neerlandais des affaires.
  • A. Heroguel: Le neerlandais comme facteur de production.

Didactique du neerlandais langue etrangere / Didactiek van het Nederlands als vreemde taal

  • M. Deldicque: Motivations par rapport a l’apprentissage du neerlandais dans le nord de la France.
  • H. Ryckeboer: Aspects culturels de l’enseignement du neerlandais dans le nord de la France.
  • E. Duvoskeldt: Des bienfaits du bilinguisme dans le Nord de la France: etude des argumentaires depuis 1870.
  • L. Mettewie: Attitudes des eleves francophones envers le neerlandais: frein ou moteur d’apprentissage?
  • S. Fuchs: Auto’s met bestuurders? Het NVT-onderwijs en de computer.
  • L. Baten: Meetinstrumenten voor Leermateriaal: A Quality Guide 2000. Een gevallenstudie aan de hand van Instap! Nederlands.
  • P. Godin & Chr. Hoorelbeke: Pleidooi voor de pedagogische taak.
  • H. Grooten & Cl. Huisman: Le neerlandais langue-choc dans le cadre de la formation des formateurs: l’experience grecque revue et corrigee.
  • R. Halink: Ned/twerk. Een tijdschrift voor en door docenten Nederlands.
  • S. Fuchs, M. Mekking & L. Wijnants: Nederlands als vreemde taal: een meer functionele benadering.
  • L. Beheydt: Vormgevoeligheid prikkelen in het vreemdetalenonderwijs.
  • S. De Vriendt: Als grammaticaregels misschien werken, of helemaal niet, wat dan wel?
  • L. Ph. Reguer: Que fait la didactique en cas de perturbation linguistique? L’exemple de la reference pronominale en neerlandais.
  • S. Theissen: De plaats van niet.
  • J. Eyckmans: Het loos alarm-probleem in de Ja/Nee-toets bij Franstaligen: loos alarm?
  • S. Mareel: De comparatieve studie van uitdrukkingen en het onderwijs Nederlands als vreemde taal.
  • Th. Puttemans: Basiswoordenschat en tekstkeuze in de NVT-situatie.
  • G. Janssens: Samenwerking tussen neerlandici in Frankrijk en Franstalig Belgie?

Te bestellen bij: CEGES – Centre de Gestion de l’&Eacuted ;dition Scientifique, UNIVERSITe CHARLES-DE-GAULLE – LILLE 3 B.P. 149. 59653 VILLENEUVE D’ASCQ C&EacuteDEX. FRANCE (tel: 3.20.41.64.67 – fax: 3.20.41.61.91, e-mail: ceges@univ-lille3.fr).

Prijs: EUR 29 (portokosten inbegrepen) voor 30 november 2002. Vanaf 1 december kost de bundel EUR 36 (portokosten inbegrepen).

De bundel dient vooraf betaald te worden

  • per cheque t.n.v. Agent Comptable de Lille 3, of
  • per overschrijving op de rekening van het CEGES: T.G. Nord. T.P.Lille, rekeningnummer 10071-59000-00003003896-86

Naam:

Voornaam:

Instelling:

Adres:

Datum:

Handtekening:


(11)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=
Date: Fri, 19 Jul 2002 14:50:24 +0200
From: Theo Janssen <thajm.janssen@let.vu.nl>
Subject: Art: 0207.31: Door Th. Janssen: Column (= repliek) "Wij- en zij-taalkunde in relatietherapie". Bij M. van Oostendorps column "De Nu-Wij-Taalwetenschap" in Neder-L 0207.19. Gevolgd door een naschrift van M. van Oostendorp en een epiloog van Th. Janssen

========================================
COLUMN (= REPLIEK)
Wij- en zij-taalkunde in relatietherapie
========================================

Bij M. van Oostendorps column “De Nu-Wij-Taalwetenschap (= bespreking van ‘Taal in gebruik’, samengesteld door Th. Janssen, Den Haag, 2002)” in Neder-L 0207.19 (http://baserv.uci.kun.nl/~salemans/bulletin/2002/07/020719.html)

1. Probleem

Taalkunde is weer smakelijk en vermakelijk. Kan taalkunde interessant en amusant zijn dan? Wat is er gebeurd? ‘Wij’ hebben een boek gemaakt waarin ‘zij’ geen rol spelen. Dat zag Marc van Oostendorp meteen toen het hem in handen viel. Hij had de achterkant nauwelijks half gelezen of daar zag hij het ook al in de inleiding: dit boek benadert taal vanuit een interactioneel perspectief! Dat kan toch helemaal niet. Dat moet eenzijdig zijn.

Zo’n twintig linguisten durven over hun prive-interesse te schrijven! Met een schok dacht Marc terug aan zijn leraar Nederlands, meneer Wassenberg. Tot Marcs verdriet deed die meer aan tekstverklaren dan aan ontleden. Hij werd er “sip” van. Hadden ze de naam van Chomsky nu nog maar ‘ns gebruikt en de klinkerdriehoek getekend, en een of twee boomdiagrammen. Maar niks van dat alles. Ja, ergens wordt gezegd dat de chomskyaanse en de cognitieve linguistiek verschillende visies hebben op processen als het grammaticaal ontleden en interpreteren van een zin, maar dat wordt gauw afgestopt met de mededeling dat daar het laatste woord nog niet over gezegd is. Dat is toch dogmatiek ten top!

En dan zo weinig klank- en zinsleer in dat boek, dat zich een inleiding in de taalwetenschap waagt te noemen! Nee, ’t is duidelijk: ‘Taal in gebruik’ leidt helemaal niet in tot de grammatica: ’t woord ‘fonologie’ komt in ’t hele boek niet voor. Ja, ‘e’en keer, terloops! Is dat niet “verbazingwekkend”?

Marc van Oostendorp wist meteen wat ‘m te doen stond: een ‘column (= bespreking)’ maken. Mooi, ’n weerwoord is dan dubbel dom. Discussie gesloten. Weg met interactie!

Hoe nu verder? Reageren botst met het genre ‘column (= bespreking)’, maar zwijgen is negeren. En dat is wat Marc juist zo erg lijkt te vinden. Toch maar wat terugzeggen dan? Dan neem ik hem in elk geval serieus en, ach, dan moet ik mogelijke kritiek van ’n genrefreak maar negeren.

2. Een pietsje psychologie-van-de-koude-grond

“Je kunt de taal op velerlei wijze bestuderen, en een ervan – volgens mij een heel legitieme – is je te concentreren op de vorm”, maar over de vorm wil ‘Taal in gebruik’ de studenten niks vertellen, weet de columnist. Dit is – zo oppert een stroman – een reactie op “die generativisten die deden alsof zij de waarheid in pacht hadden, alsof hun visie op taal de enige wetenschappelijke was”. Is dat geen prachtige projectie?

Gek genoeg haalt de columnist niet nog een stroman van stal die fijntjes zegt: “Laat de echte taalkunde maar aan ons over”! Nee, dat zou ook wel wat hautain kunnen overkomen, nietwaar?

Maar nu de diepere zielenroerselen van de columnist zelf. “Ik vond zinsontleden fascinerend en tekstverklaren suf, en meneer Wassenberg en zijn vak heb ik daarna nooit meer serieus genomen. En dan deed hij tenminste nog wat aan dat ontleden.” Tja, een oude frustratie! Marc mist ontleden. Wel, daar vond ik nou geen barst aan op de middelbare school, want op mijn lagere school was het al zo behandeld dat ik daarna geen moeite had met naamvallen, ablativus absolutus of participium conjunctum. Gelukkig heeft mijn meneer Wassenberg me toen iets over tekstkenmerken geleerd.

“De taalkunde is het mooiste vak dat er is, als je haar niet nodeloos beperkt”, zo vindt de recensent. Zit er dan een steekje los aan docenten die vinden dat studenten meer van taalwetenschap mogen weten dan wat in grammatica’s staat?

3. Wat snufjes vakgeschiedenis

3.1. Klinkerdriehoek

Het negeren van de klinkerdriehoek is “op zijn minst de ontkenning van de geschiedenis van de taalwetenschap”. Inderdaad, dat is kort en krachtig “bizar”!

Beste Marc, hopelijk vind je ’t niet erg als ik nu wat persoonlijk word en jou iets beken. Van alle studenten die ik ooit fonologie gegeven heb, is er niet een fonoloog geworden. Nu besef ik hoe dat komt: ik heb hun niets over de klinkerdriehoek verteld. Dat woord ontbrak in Cohen e.a. (1961), dat ik – na mijn ATW-scriptie over morfofonologie in de tgg – in 1968 op colleges gebruikte, en ook daarna nog ’n tijdje. Je weet wel, dat boek dat de fonologie in Nederland tot ontwikkeling bracht.

3.2. Boomdiagrammen

Niet een boomdiagram in ‘Taal in gebruik’. Is dat nou niet “een totaal overboord gooien van allerlei soorten van taalwetenschap die niet in deze of gene politieke agenda passen”? Een afrekening met ’t verleden? Zou jij ’t wellicht “legitiem” kunnen vinden dat ‘wij’ studenten laten zien hoe taal vanuit een interactioneel perspectief bestudeerd kan worden, ook wat de zinsleer betreft?

Trouwens, Marc, als je ‘Taal in gebruik’ goed gelezen hebt – en dat moeten ‘wij’ aannemen, want jij hebt geen politieke agenda, toch? – dan is je vast opgevallen dat de indeling van zinstypen via de vorm wordt benaderd, zelfs met een rol voor intonatie. Heeft dat jou, vormliefhebber en fonoloog, niet kunnen bekoren? Heb je ’t wel gezien? Nee, er staat geen boomdiagram bij.

3.3. Arbitrariteit en analogie

En, Marc, ook leuk voor iemand geinteresseerd in geschiedenis is nog ’t volgende. Toen Cohen e.a. toch echt niet meer ‘kon’, verscheen in 1974 de ‘Basiskursus algemene taalwetenschap’. Ook daar heb ik college uit gegeven. Omdat ’t boek zo goed was? Nee, gewoon bij gebrek aan beter, zoals eerstejaars al vlug doorhadden toen ze almaar hulphypothesen moesten leren bedenken omdat hun zinnen niet zo goed pasten in de theorie, sterk gebaseerd op Engelse ‘feiten’.

Maar weet je wat nu vooral zo interessant is voor jou met je historische interesse? Wel, er staat niets in over de arbitrariteit van het woord, terwijl Plato ’t daar toch al over heeft gehad. Ook staat er niets in over analogie. Nee, want ’t was een ‘fout’ begrip, al leek ’t Aristoteles wel aardig. Mag die notie nu wel weer meedoen? Interessant voor jou is ook nog dat in die ‘Basiskursus algemene taalwetenschap’ vrijwel niets staat over morfologie. Ja, toch, terloops, om fonologische noties uit te leggen.

Dat er in die ‘Basiskursus’ niets staat over een interactionele visie op taal, vind jij vast nog niet zo gek. Maar heb jij je wel ‘ns afgevraagd waaraan de taalkunde zoal haar ontstaan dankt? En is ’t wel ‘ns in je opgekomen dat een oude notie als conventie in taal alleen te begrijpen is vanuit interactioneel perspectief? Is je wel ‘ns verteld dat er ’n traditie was waarin taal gewoon als iets interactioneels bestudeerd werd? Of ‘kon’ dat niet toen jij college liep? Hoe dan ook, je hebt nog niet ontdekt dat er zelfs grondleggers van de taalwetenschap in die traditie staan?

4. Relatietherapie: een mogelijke oplossing

Je hebt gelijk, Marc, “wetenschap is geen therapie”. Het volgende durf ik dan ook haast niet – en dat nog wel publiekelijk – te berde te brengen. Maar toch, want het is voor de goede zaak, die ook jou ter harte gaat, neem ik aan. Bij dezen nodig ik je uit een hoofdstuk over fonologie te schrijven voor ‘Taal in gebruik’. Voldoet het aan de gangbare eisen, dan komt je bijdrage in een eventuele herdruk van het boek. Zo gauw je stuk er is, komt het prompt prominent op de website van ‘Taal in gebruik’. Immers, een up-to-date inleiding in fonologie van het Nederlands is sowieso al wel weer welkom. Of hou je ’t maar liever bij columns (= recensies)? Beetje zonde dan van je (drie)dubbeltalent.

Graag wil ik je vragen je hoofdstuk waar mogelijk te schrijven vanuit een interactioneel perspectief op taal, zoals ik ook aan m’n (andere) medeauteurs heb gevraagd. Dit doe ik vol vertrouwen in jou, want we lijken op minstens een punt dezelfde smaak te hebben: net als jij vind ik Renee van Bezooijens hoofdstuk – niet eens zozeer omdat er ‘fonologie’ in staat – een uitstekend stuk. Vraag ’t bij gelegenheid gerust even bij haar na. Met de andere hoofdstukken ben ik overigens ook gelukkig, maar dat doet er nu niet zo toe, nu jij en ik hopelijk samen “therapeutisch” aan de slag gaan.

Met jouw bijdrage ga je geschiedenis schrijven: je hebt niet alleen de wij- en zij-taalkunde al gedetecteerd, dat onderscheid zul je binnen de kortste keren ook nog weten te neutraliseren, zogezegd.

5. Slot

Dan nog iets, Marc. Als jij dat fonologiestuk schrijft – je hebt echt alle vrijheid om je klinkerdriehoek te behandelen – mag ‘Taal in gebruik’ van jou dan misschien best wel ’t nu wat voorzichtige en dan wellicht zelfs te bescheiden ‘een’ weglaten uit de ondertitel? We (!) maken er gewoon van: ‘Taal in gebruik. Inleiding in de taalwetenschap’. Wat vind je daarvan?

Trouwens – dit nog even voor de aardigheid – wist je dat Cohen e.a. ’t indertijd hebben bestaan in de ondertitel van hun boek te spreken van ‘de moderne klankleer’? Ja, je ziet ’t goed: ‘de’, terwijl ze niet eens die wetenschapshistorisch door jou zo hoog geschatte klinkerdriehoek noemen. Dat gaan wij* beter doen, he? Oke?

Theo Janssen

Noot

  • Zie voor in- en exclusief WIJ, vanuit interactioneel perspectief: Huning en Janssen (2002: 71), en vanuit morfologisch perspectief: Janssen (in druk).

Literatuur

  • Cohen, A., C.L. Ebeling, K. Fokkema, A.G.F. van Holk (1961), Fonologie van het Nederlands en het Fries. Inleiding tot de moderne klankleer, Tweede druk 1969, Den Haag: Martinus Nijhoff.
  • Haan, G.J. de, G.A.T. Koefoed, A.L. des Tombe (1974), Basiskursus algemene taalwetenschap, Assen: Van Gorcum.
  • Huning, M., Th. Janssen (2002), Woorden en cognitie, in: Th. Janssen, (red.), Taal in gebruik. Een inleiding in de taalwetenschap, Den Haag: Sdu, 61-76.
  • Janssen, Th. (in druk), Deixis and reference, in: G. Booij, Ch. Lehmann, J. Mugdan (red.) Morphology. An international handbook on inflection and word formation, Deel 2, Berlijn: Mouton de Gruyter.

================================================
Naschrift van Marc van Oostendorp (20 juli 2002)
================================================

De toon van mijn vorige column en van het antwoord erop van Janssen is nogal polemisch. Toch zal de oplettende lezer zien dat we allebei uiteindelijk een gemeenschappelijk belang hebben: dat wij taalkundigen zo min mogelijk tijd verdoen met onderling gekibbel, maar de taalwetenschap in al haar rijkdom aan de man brengen. Ik neem de uitdaging om een fonologiehoofdstuk te schrijven voor een nieuwe druk van ‘Taal in gebruik’ dan ook graag aan.

=======================================
Epiloog van Theo Janssen (20 juli 2002)
=======================================

Marc van Oostendorps toezegging een fonologiehoofdstuk te schrijven voor een mogelijke herdruk van ‘Taal in gebruik’ vind ik de mooist denkbare dupliek. Die getuigt van sportiviteit in de wetenschap. Marc, chapeau!

Medeauteurs van ‘Taal in gebruik’ hoopten dat de ‘column (= repliek)’ een discussie op gang zou brengen over wat we onze studenten in het algemeen het best kunnen aanbieden, niet alleen om hen wetenschappelijk plezier in hun taalkundestudie te geven, maar ook om hen uit te dagen zich lastige stof eigen te maken, met inzet en interesse.

(12)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=

*-------------------------------------------------------------------------*
|                                                                         |
| Informatie over Neder-L:                                                |
| ========================                                                |
| Algemene informatie opvragen over Neder-L: stuur mail naar              |
|   listserv@nic.surfnet.nl met daarin de boodschap: GET NEDER-L INFO     |
| Abonnement nemen op Neder-L: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl    |
|   met als boodschap: SUB NEDER-L uw-voornaam/voorletters uw-achternaam  |
| Neder-L op het web/WWW: Neder-L-nummers zijn vanaf januari 1997 in      |
|   web-formaat te lezen via: http://baserv.uci.kun.nl/~salemans/         |
|   Nadere informatie over Neder-L in web-formaat: zie artikel 9706.01    |
|   Er is ook een WWW-archief met alle e-mailversies van Neder-L sinds    |
|   juni 1992, dat ook op trefwoord doorzocht kan worden; de URL van dit  |
|   listserv-archief: http://listserv.surfnet.nl/archives/neder-l.html    |
| Neder-L wordt ook verspreid via de Internet-newsgroup bit.lang.neder-l  |
| Oude Neder-L-bulletins opvragen: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl|
|   met daarin een boodschap als: GET NEDER-L LOG9206                     |
|   (resultaat: logboek met Neder-L-artikelen van juni '92 wordt gestuurd)|
|   Of maak gebruik van het listserv-archief (zie enkele regels hierboven)|
| Bijdrage voor Neder-L opsturen: stuur mail naar neder-l@nic.surfnet.nl  |
| Contact met redactie: stuur mail naar Salemans@baserv.uci.kun.nl, naar  |
|   Willem.Kuiper@hum.uva.nl, naar Piet.Verkruijsse@hum.uva.nl (voor de   |
|   evenementenagenda), naar Marc.van.Oostendorp@meertens.knaw.nl of naar |
|   P.A.Coppen@let.kun.nl                                                 |
*-------------------------------------------------------------------------*

*-Einde-------------------- Neder-L, no. 0207.b --------------------------*