Neder-L, no. 9811.c: tijdschriftenoverzicht

Subject: Neder-L, no. 9811.c: tijdschriftenoverzicht
From: BJP Salemans
Reply-To:Elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek
Date:Mon, 30 Nov 1998 23:15:56 +0100
Content-Type:TEXT/PLAIN
                           *********************
*-Zevende-jaargang--------- Neder-L, no. 9811.c -----------ISSN-0929-6514-*
|                                                                         |
|      ************************************************************       |
|      * Neder-L, elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek *       |
|      ************************************************************       |
|                                                                         |
| Maandelijks tijdschriftenoverzicht:                                     |
| ===================================                                     |
| (1) Tyd: 9811.29: Cahiers voor een Lezer, nummer 9, november 1998       |
| (2) Tyd: 9811.30: Gramma/TTT, jrg. 6, no. 2/3, 1997                     |
| (3) Tyd: 9811.31: Literatuur zonder Leeftijd, jrg. 12, no. 46, zomer    |
|                   1998                                                  |
| (4) Tyd: 9811.32: Moer, jrg. 30, no. 5, oktober 1998                    |
| (5) Tyd: 9811.33: Over Multatuli, jrg. 20, no. 41, oktober 1998         |
| (6) Tyd: 9811.34: Ons Erfdeel, jrg. 41, no. 3, mei-juni 1998            |
| (7) Tyd: 9811.35: Taalschrift, jrg. 5, no. 3, november 1998             |
| (8) Tyd: 9811.36: Tabu, jrg. 28, no. 1, 1998                            |
| (9) Tyd: 9811.37: Vonk, jrg. 28, no. 1, september-oktober 1998          |
|(10) Tyd: 9811.38: De Zeventiende Eeuw, jrg. 14, no. 1, januari 1998     |
|(11) Tyd: 9811.39: Lijst redacteurs tijdschriftenoverzicht Neder-L       |
|(12) Informatie over Neder-L                                             |
|                                                                         |
*--------------------------                     --------------------------*
                           *********************

(1)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.29-=-=
CAHIERS VOOR EEN LEZER, nummer 9, november 1998.
ISSN 1381-639x.
Door: Reinder Storm, Koninklijke Bibliotheek.
Den Haag, 6 november 1998.

  • Kees Kuik.
    Afscheidsbezoeken aan Eddy du Perron in een Amersfoorts pension, augustus 1936. Blz. 3-11.
  • Ronald Havenaar.
    Tegen de wormmens. Du Perron en de politiek. Blz. 11-18.
  • Manu van der Aa.
    Don Quichotte te Soerabaja: onderweg in den regen? Over Du Perrons debuutverhaal. Blz. 19-21.
  • Mels de Jong.
    Du Perron en Leautaud. Blz. 21-23.
  • Manu van der Aa.
    In memoriam Gille du Perron (1926-1998).

CAHIERS VOOR EEN LEZER is het verenigingsblad van het E. du Perron Genootschap. Dit Genootschap, opgericht in Bergen (NH) op 14 mei 1994, beoogt belangstelling voor leven en werk van E. du Perron (1899-1940) in de breedst mogelijke zin in stand te houden en te bevorderen. Dit gebeurt door het organiseren van bijeenkomsten met lezingen en het verspreiden van de CAHIERS. Het Genootschap telt ca. 70 leden maar denkt er niet aan om zichzelf op te heffen.
De CAHIERS verschijnen twee maal per jaar met een gemiddelde omvang van 24 blz. Adres van het redactiesecretariaat: Comeniuslaan 32, 1412 GP NAARDEN. Men ontvangt het blad als men lid is van het Genootschap (kosten fl. 50,- per jaar). Aanmelding: Secretariaat EDPG, Van Beverningkstraat 23, 2582 VB DEN HAAG, e-mail: reinder.storm@konbib.nl. Losse nummers kosten fl. 7,50.

(2)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.30-=-=
GRAMMA/TTT, jaargang 6, nummer 2/3 (dubbelnummer), 1997.
ISSN 0927-3255.
Door: Peter-Arno Coppen.
Nijmegen, 30 november 1998.

  • Adrienne Bruyn.
    Grammaticalisatie in creooltalen: implicaties van historisch onderzoek van het Sranan. Blz. 91-106.
  • Hanneke Houtkoop-Steenstra.
    Tussen tekst en interactie in het gestandaardiseerde interview. Blz. 107-128.
  • Hans Broekhuis.
    Recente ontwikkelingen in de generatieve syntaxis II: Optimaliteitstheorie. Blz. 129-150.
  • Ineke van de Craats & Roeland van Hout.
    De nieuwe kleren van de keizer. VAN als venster op de T2-verwerving van Turkse leerders. Blz. 151-167.
  • Anne Vermeer.
    Breedte en diepte van woordenschat in relatie tot toenemende taalverwerving en frequentie van aanbod. Blz. 169-188.
  • Lourens de Vries.
    Tekstcorpora van Nieuw Guinea en beelden van primaire oraliteit. Blz. 189-202.
  • Wander Lowie.
    Morfologische vertaalequivalentie in T2-verwerving. Blz. 203-218.
  • Hans Broekhuis.
    Recente ontwikkelingen in de generatieve syntaxis III: Het Derivatie-en-Evaluatiemodel. Blz. 219-242.
  • Dominiek Sandra, Steven Gillis & George De Schutter.
    Het effect van morfeemgrenzen op de intuitieve syllabisering van kleuters en gealfabetiseerde kinderen. Blz. 243-253.

(3)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.31-=-=
LITERATUUR ZONDER LEEFTIJD, TIJDSCHRIFT VOOR DE STUDIE VAN KINDER- EN JEUGDLITERATUUR, jaargang 12, nummer 46, zomer 1998.
ISSN 0929-8274.
Door: Bea Ros.
Nijmegen, 5 september 1998

  • Henk Peeters & Helma van Lierop-Debrauwer.
    Volwassen leesplezier in jeugdboeken. Van escape naar goede smaak. Blz. 137-152.
    (Door de ambivalente status en metafictionaliteit van veel hedendaagse jeugdboeken worden ze steeds vaker gelezen door volwassenen.)
  • Aidan Chambers.
    Going Dutch. Blz. 153-160.
    (Kijk van Engels jeugdboekendeskundige op recente Nederlandstalige jeugdliteratuur.)
  • Ed Leeflang.
    De zee en de dichters. Blz. 161-164.
    (Lezing gehouden tijdens het Poetry International Kinderfestival 1998.)
  • Remco Ekkers.
    De kinderlijke metafoor: wie ben ik? Over de gedichten van Edward van de Vendel. Blz. 165-172.
  • Joke Linders.
    Poging tot inlijving. Over Eva Gerlach en Ted van Lieshout. Blz. 173-179.
    (Poging de verschillen tussen kinderpoezie en poezie voor volwassenen in kaart te brengen.)
  • Ted van Lieshout.
    Schrijver op School. Blz. 182-188.
    (Stichting Lezen loofde 40.000 gulden stimuleringssubsidie uit voor een nieuw kinderboekenprogramma op tv. Winnaar Van Lieshout legt zijn plan uit.)
  • Juryrapport Woutertje Pieterse Prijs. Blz. 189-195.
  • Nicolaas Matsier.
    Idee 1-3. Woutertje Pieterse Lezing. Blz. 196-202.
  • Paul Biegel.
    In Memoriam Jaap ter Haar. Blz. 203-205.
  • Kritieken:
    . <Door: L’eon Hanssen, op blz. 206-217:> Ted van Lieshout. Stil leven: een tentoonstelling. SUN, Nijmegen, 1998.
    . <Door: Bart Bleijerveld, op blz. 218-226:> Jenny Pausacker. Het vroege werk van Rhett Foley: een schrijfdossier. Gott mer/Jenny de Jonge, Bloemendaal, 1997.
    . <Door: Quirin van Os, op blz. 227-238:> Jan Simoen. Met mij gaat alles goed. Querido, Amsterdam, 1997.
  • Joke Linders.
    “Een verhaal moet altijd van binnenuit komen.” Een interview met Jan Simoen. Blz. 239-244.
  • Ruud Kraaijeveld.
    Lessen jeugdliteratuur voor ‘alle leerlingen. Antwoord aan Gerard de Vriend. Blz. 245-250.
    (Reactie op kritiek van De Vriend in LzL nr. 45 dat Kraaijeveld in zijn lessen te zeer de nadruk op tekstbeleving legt en kiest voor populaire titels.)
  • Gerard de Vriend.
    Te veel beleving, te weinig bestudering. Wederwoord. Blz. 251-254.

(4)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.32-=-=
MOER, TIJDSCHRIFT VOOR HET ONDERWIJS IN HET NEDERLANDS, jaargang 30, nummer 5, oktober 1998.
ISSN 0166-3755.
Door: Herman Giesbers, Bedrijfscommunicatie Letteren, KUN.
Nijmegen, 6 november 1998.

  • Redactioneel:
    Elsbeth van der Laan. Quo vadis? Blz. 193-194.
    (De onderwijslast voor het leren uitvoeren van leertaken, in basisvorming of tweede fase, wordt vaak afgeschoven op Nederlands of de studieles. Elsbeth van der Laan plaatst hierbij kritische kanttekeningen en stelt zich ondermeer de vraag waarom er zo weinig transfer plaatsvindt van het geleerde naar andere vakken.)
  • Willy van Elsaecker & Ludo Verhoeven.
    Het New Wave Project: Motiverend lees- en schrijfonderwijs op de basisschool. Blz. 195-203.
    (Het huidige taalonderwijs op de basisschool is vooral passief in plaats van (inter)actief. Is het dan vreemd dat kinderen snel hun motivatie voor lezen en schrijven verliezen? De auteurs beschrijven het New Wave Project dat lezen en schrijven voor kinderen weer leuk en motiverender maakt.)
  • Saskia Oomkes.
    De mogelijkheden van de leesautobiografie. Blz. 204-210.
    (Er komen steeds meer methodes Nederlands voor de Tweede Fase beschikbaar. In deze methodes wordt, meer of minder uitgewerkt, ingegaan op de leesautobiografie. Saskia Oomkes meent dat al in de onderbouw aan de leesautobiografie gewerkt kan worden. In dit artikel licht zij toe hoe en waarom.)
  • Mirjam Tuinder & Lea Leenhouwers.
    Drukkerijen vroeger en nu. Een buitenschoolse leeropdracht in de volwasseneneducatie. Blz. 211-218.
    (Buitenschoolse opdrachten kunnen, mits goed voorbereid en aansluitend bij het reguliere programma, een zinvolle aanvulling zijn voor tweede-taalleerders. De op school geleerde vaardigheden worden in de praktijk geoefend. De schrijfsters geven weer hoe de buitenschoolse opdrachten op de Kierschool in Tilburg verliepen.)
  • Ingrid Glorie.
    Steekpartij op Groningse klassenavond; ‘drama’ of ‘uit de hand gelopen woordenwisseling’? De taal van krantenberichten. Blz. 219-221.
  • Recensie, op blz. 222-225:
    . <Door: Charles Kalkhoven:> P. de Maat, M. Kienstra, e.a. Met zoveel woorden. Woorden leren in groep 3 en 4. Stichting Partners Training & Innovatie, Rotterdam, 1997. (incl. twee handleidingen en praatplaten).
  • De Literatuurmuur:
    Maeike Bosma & Carien Bakker. Tonke Dragt, De torens van februari. Blz. 226-229.
    (Leerlingen verkennen de geheimzinnige wereld van Tonke Dragt in ‘De torens van februari’.)
  • Leesvoer, op blz. 232-236:
    . Teleac/NOT. Lezen voor de lijst.
    . M. van de Laarschot. Lesgeven in meertalige klassen. Handboek Nederlands als tweede taal in het voortgezet onderwijs. Wolters-Noordhoff, Groningen, 1997.
    . R. Belemans & J. van Thienen. Ich kal ooch Limburgs. Creatief lespakket voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs. Provincie Limburg, Hasselt, 1998.
    . A. Kraal e.a. Thema’s met toekomst. Meulenhoff Educatief, Amsterdam, 1998. (Met handleiding en video)
    . G. Booij & A. van Santen. Morfologie. De woordstructuur van het Nederlands. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1998.
    . K. van Rijswijk. Korte leidraad bij het publiceren van teksten. Acco, Leuven/Leusden, 1998.
    . A. Tordoir & Th. Meestringa. Taalbeleid op drie vo-scholen in grote steden. Drie casestudies in het schooljaar 1996-1997. SLO, Enschede, 1998.
    . P. Mooren. Langs de Lange Lindelaan. Opstellen over jeugdliteratuur en leesonderwijs. NBLC, Den Haag, 1998.
  • VON-info, op blz. 238-240:
    (Over een vakcurriculum Nederlands voor de Pabo, dat onlangs gereed is gekomen, en tot stand kwam via een aanvrage van de VON.)

(5)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.33-=-=
OVER MULTATULI, jaargang 20, nummer 41, oktober 1998.
ISSN 0166-2058.
Door: Reinder Storm, Koninklijke Bibliotheek.
Den Haag, 6 november 1998.

  • Chantal Keijsper & Reinder Storm.
    Onbekende brief van Multatuli. Blz. 2-4.
  • Chantal Keijsper.
    ‘Ik kan niet schryven onder den indruk zoo geplunderd te worden’. Multatuli en zijn uitgevers. Blz. 5-30.
  • C. Bij.
    Straten vernoemd naar Multatuli. Blz. 31-33.
  • Jos van Waterschoot.
    Multatuli opgefrist. Blz. 34-39. (Over de herkomst en schoonmaak van een portret van Multatuli.)
  • Jerzy Koch.
    Heeft Silvio Pellico aan Max Havelaar meegewerkt? Intertekstualiteit bij Multatuli. Blz. 31-59.
  • Boekbesprekingen. Blz. 60-64:
    <Door: Annemarie Kets-Vree:> Cees Fasseur. Indischgasten. Bert Bakker, Amsterdam, 1997. Theo D’haen en Gerard Termorshuizen (red.). De geest van Multatuli. Proteststemmen in vroegere Europese kolonien. Rijksuniversiteit, Leiden, 1998.
    <Door: Reinder Storm:> Multatuli.. Pensieri. Vertaald en ingeleid door Giorgio Faggin. Mobydick, Faenza, 1997.

OVER MULTATULI verschijnt sinds 1978 en is geheel gewijd aan leven en werk van Multatuli/Eduard Douwes Dekker (1820-1887). Het verschijnt twee maal per jaar en is het eigen tijdschrift van het in 1910 opgerichte Multatuli Genootschap. Het tijdschrift wordt uitgegeven door Bas Lubberhuizen, Vondelstraat 120 A, 1054 GS te Amsterdam. E-mail: blubberhuizen@club.tip.nl. De gemiddelde omvang is ca. 64 blz. Losse nummers zijn verkrijgbaar in de boekhandel en kosten fl. 20,-. Adres van de redactie van OVER MULTATULI: p/a Van Beverningkstraat 23, 2582 VB DEN HAAG, e-mail: reinder.storm@konbib.nl.
Voor fl. 45,- ontvangt men beide nummers van een jaargang en is men lid van het Multatuli Genootschap. Adres Multatuli Museum (administratie van het Genootschap): Korsjespoortsteeg 20, 1015 AR Amsterdam, e-mail: mulmus@worldonline.nl.

(6)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.34-=-=
ONS ERFDEEL, jaargang 41, nummer 3, mei-juni 1998
ISSN 0030-2651.
Door: Jaap van Veen.
Uithoorn, 17 november 1998.

  • Beatrijs Ritsema.
    De grote verveling. Blz. 322-328.
    (Soms onthullen kleine krantenberichtjes een duizelingwekkend maatschappelijk inzicht. “Pretparken beconcurreerd door zondagse winkelopening” was daar onlangs een voorbeeld van. Wat is er aan de hand?)
  • Rudi Laermans.
    Mythe en werkelijkheid van de “Vlaamse dansgolf” Blz. 329-339.
    (Tijdens de jaren tachtig werd Vlaanderen plots waargenomen op de wereldkaart van de hedendaagse dans. Zo suggereerde althans de doorgaans positief gekleurde, zoal niet juichende berichtgeving over de “Vlaamse golf” binnen de podiumkunsten.)
  • Josi Boyens.
    Kijkgewoonten ontregelen: het onophoudelijk pogen van Niek Kemps. Blz. 340-348.
    (De overtuiging van Niek Kemps dat zijn werken geen object mogen zijn in een beeldhouwkundige traditie werd in 1986 verder uitgewerkt in het monumentale -The narrow line between sight and seeing-. (De internationaal exposerende kunstenaar kiest bij uitzondering een Nederlandse titel.))
  • K.D. Beekman.
    Roman zonder eigennamen. Het moderne essay in familieverband. Blz. 349-360.
  • R. van Uytven.
    Adriaan Verhulst: historicus van platteland en stad. Blz. 361-368.
    (Op 5 december 1995 nam professor Adriaan Verhulst officieel afscheid als gewoon hoogleraar aan de universiteit van Gent. Bij het afscheid waren vele functies en nationaliteiten aanwezig. Dit maakt duidelijk hoe groot de bewondering is voor deze Gents hoogleraar.)
  • Gerti Wouters.
    Het perpetuum mobile van een buitenstaander. Het werk van Renate Dorrestein. Blz. 370-378.
    (Bij het verschijnen van de ‘Buitenstaanders’ werd dit gemarkeerd als het “literaire debuut van een feministe”.)
  • Paul Demets.
    Werkelijkheid van een andere orde. Het theaterwerk van Jan Lauwers. Blz. 380-387.
    (Natuurlijk heeft theater vooral met kijken te maken, maar er zijn weinig theatermakers die het visuele zo sterk gethematiseerd hebben als Jan Lauwers.)
  • Yves T’Sjoen.
    Laat ik van de dingen houden. De poezie van Arjen Duinker. Blz. 388-401.
    (In de tweede helft van de jaren tachtig manifesteerden zich in de Nederlandse literatuur twee dichtersgroeperingen die zich afkeerden van het “literaire academisme” en de zogenaamde ivoren toren-mentaliteit van de toonaangevende avant-gardistische bladen zoals De Revoir en Raster.)
  • Jan Temmerman.
    De grappige grimmigheid van Alex van Warmerdam. Blz. 402-410.
    (“Als er een of twee goede films worden gemaakt, vind ik dat heel wat voor zo’n klein landje” aldus de Nederlandse acteur, toneelschrijver, schilder, romanschrijver, muzikant, vormgever en theatermaker Alex van Warmerdam.)
  • Stella Linn.
    Perspectieven voor de Nederlandstalige literatuur in Spanje. Blz. 411-421.
    (Enkele jaren geleden verzuchtte vertaler en recensent Jean Schalekamp dat iedere Spaanse recensent zijn stuk over de Nederlandse letteren steevast begint met de klacht dat “we in Spanje zo weinig, of liever zo goed als niets, weten van de moderne Nederlandse literatuur.)
  • Koen Vergeer.
    De binnenkant van het landschap. De pokzie van Herman Leenders. Blz. 422-430.
    (De dichter debuteerde in 1992 met zijn bundel -Ogentroost-. En niet zonder succes. Hij werd geprezen om zijn prachtige visualiteit, trefzekerheid en compositie.)
  • Culturele kroniek Blz. 431-460.
    Literatuur
    . <Door: Karel Osstyn:> “Het werk” van E.B. Hotz.
    . <Door: Ed Leeflang:> “Oog van de tijd” van Marc Tritsmans.
    . <Door: Yves T’Sjoen:> “Tot het ons loslaat” van Rutger Kopland.
    . <Door: Cyrille Offermans:> “Onvoltooid verleden” van Hugo Claus.
    . <Door: Luc Devoldere:> “Over de grens van de tijd” van P.H. Dubois.
    . <Door: Stefaan Evenspoel:> “Een vlieg met gouden vleugels” van Stefaan van den Bremt.
    . <Door: Karel Osstyn:> “De zwarte van het witte hart” van Arthur Japin.
    . <Door: Gerti Wouters:> “Papavers” van Ingrid vander Veken. Beeldende Kunst
    . <Door: Juleke van Lindert:> “Hendrik Wiegersma, medicus-pictor” van Theo Hoogbergen en Ton Thelen.
    . <Door: Ludo Bekkers:> “Jos Verdegem, een Vlaamse Parisien” catalogus.
    . <Door: Jos de Geest:> “Philippe en Frangoise Roberts-Jones” van Pieter Breughel de Oudere.
    Theater
    . <Door: Freddy Decreus:> “Gretchen versus Helena, of tweemaal de Faust van Guy Cassiers.
    Muziek
    . <Door: Ernst Vermeulen:> “Meeslepend componeren: Peter-Jan Wagemans”.
    Film
    . <Door: Gerdin Linthorst:> “Left Luggage” van Jeroen Krabb’e.
    . <Door: Wim de Poorter:> “Licht op Spitsbergen”.
  • Taal- en Cultuurpolitiek Blz. 461-466.
    . <Door: Filip Mathijs:> “The Netherlands in perspective: The Dutch way of Organizing a Society and its Setting” van William Z. Shetter, “The Literary Review ‘Outside the Lines: New Dutch and Flemish Writing’.” van Kendall Dunkelberg, “Modern Poetry in Translation, ‘Dutch and Flemish Issue'” van Theo Hermans, “Nederlands 200 jaar later” van Hugo Brems, “Eene bedenkelijke nieuwigheid. Twee eeuwen neerlandistiek, Verloren” van Jan W. de Vries.
    . <Door: Hilde Bosmans:> “Communicat: een toekomstgericht initiatief van het Certificaat Nederlands als Vreemde Taal”.
    . <Door: Paul Vincent:> “Low Leans the Sky” van Jozef Deleu.
  • Publicaties Blz. 467-471.
    . <Door: Marc Hooghe:> “Schimmelspel. Essays over de hedendaagse onwerkelijkheid” van Rudi Laermans.
    . <Door: Kaat Wils:> “Damiaan. De definitieve biografie” van Hilde Eynikel.
    . <Door: Dirk Luyten:> “Witte boorden, blauwe hemden. Patroons en arbeiders in de Belgische textielnijverheid in de 19e en 20e eeuw” van B. de Wilde.
    . <Door: Dirk van Assche:> “Kant in Europa” van Martine Bruggeman.
  • Bibliografie Blz. 472-474.
    van het Nederlandstalige boek in vertaling CXXXII.

(7)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.35-=-=
TAALSCHRIFT, jaargang 5, nummer 3, november 1998.
ISSN 1380-3697.
Door: Ewoud Sanders, Nederlandse Taalunie.
‘s-Gravenhage, 26 november 1998.

  • Jan Robert.
    Raad voor de neerlandistiek. Blz. 3-5.
    (Nog voor het verschijnen van een rapport waarin werd gepleit voor oprichting van een Raad voor de neerlandistiek, was die Raad een feit. Wat is er tot nu toe gedaan en hoe zit het met de samenwerking met Vlaanderen, waar de neerlandistiek veel vergelijkbare problemen kent?)
  • Thomas van den Bergh.
    Rommelen met taal. Blz. 6-9.
    (Op 12 september kreeg de Maastrichtse toneelschrijver Peer Wittenbols de Taalunie-Toneelschrijfprijs. Een vraaggesprek met de winnaar van deze aanmoedigingsprijs. “De Federatie probeert mensen altijd met een lichte maagpijn de zaal uit te sturen. En dat is dan niet alleen pijn van het lachen.”)
  • Hieke Jippes.
    Hoe regelt Engeland zijn taalzaken? Blz. 10-14.
    (Wie bepaalt het Engelse taalbeleid? Niemand. Toch zijn er ook in Groot-Brittannie ‘minderheidstalen’. Tot 1967 was het Welsh officieel verboden, maar nu heeft Wales een succesvol eigen Welsh- talig televisiestation. En op sommige scholen in Ierland wordt alleen het vak Engels in het Engels gegeven. “De uitspraak en het taalgebruik van wijlen Prinses Diana werden bij haar leven nog bekritiseerd als op onderdelen = tja, bijna common.”)
  • Peter Burger.
    Het Instituut voor Nederlandse Lexicologie. Blz. 15-20.
    (Na anderhalve eeuw is het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) voltooid. Daarmee komt een eind aan een van de belangrijkste taken van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie. Maar de plannen voor de volgende eeuw liggen al klaar: een elektronisch archief voor veertienhonderd jaar taalgeschiedenis en een woordenboek van het Nederlands van nu. “Dit wordt pas ‘echt de moeder van alle woordenboeken.”)
  • Nop Maas.
    Short Title Catalogus voor Vlaanderen. Blz. 21-24.
    (Zo’n dertigduizend oude boeken liggen in Vlaamse bibliotheken te wachten op een wetenschappelijke beschrijving. Tot nu toe is het niet gelukt om een Short Title Catalogus voor Vlaanderen van de grond te krijgen. Toch zou een dergelijke catalogus voor onderzoekers van groot belang zijn.)
  • Koen Jaspaert.
    Column. Blz. 25.
    (“Veel opinies over het Nederlands lijken ervan uit te gaan dat er in een taal maar plaats is voor ‘e’en correcte manier om iets tot uitdrukking te brengen, maar dat normen in de eerste plaats sociale constructies zijn, blijkt men moeilijk als realiteit te kunnen accepteren.”)
  • Ewoud Sanders.
    Nederlands in het Caribisch gebied. Blz. 26-30.
    (Eind oktober werd in Willemstad op Curacao een colloquium gehouden over het Nederlands in het Caribisch gebied. Vertegenwoordigers van de Antillen, Aruba, Suriname, Nederland en Vlaanderen spraken over de problemen in deze regio met het Nederlands, vooral op het gebied van onderwijs, overheid en arbeidsmarkt.)
  • Jannie Verheijen.
    De ontdekking van het Nederlands. Blz. 31-35.
    (Overal ter wereld kiezen steeds meer studenten voor een studie Nederlandse taal en cultuur van de Lage Landen. In de televisiedocumentaire ‘De ontdekking van het Nederlands’ onderzoekt Ed Peereboom waarom dit zo is. Een dag lang volgt hij zes studenten in vijf landen. Vier van hen komen hier alvast aan het woord.)
  • Jacques Kroon.
    Bouwstenen voor een Europese taalpolitiek. Blz. 36-39.
    (In het voorjaar van 1999 organiseert de Taalunie in Brussel een internationale conferentie over de status en het gebruik van nationale talen in Europa. Aan bod komen vragen als: brengt grotere eenwording in Europa ook grotere eenvormigheid in taalgebruik met zich mee? Staan verschillende talen en taalgroepen er dan verschillend voor? En welke rol kan taalbeleid spelen?)
  • Pierre H. Dubois.
    Prijs der Nederlandse Letteren. Blz. 40-44.
    (Op 18 november kreeg de Vlaamse schrijver Paul de Wispelaere uit handen van koningin Beatrix de Prijs der Nederlandse Letteren 1998. Pierre H. Dubois zat in de jury en kent De Wispelaere al ruim vijfendertig jaar. Portret van een schrijver die niet wil kiezen tussen literatuur en leven. “De autobiografische werkelijkheid is nooit meer dan een motief van literaire interpretatie.”)
  • Berichten. Blz. 45-52.

Taalschrift, periodiek van de Nederlandse Taalunie, verschijnt drie keer per jaar. Het blad wordt op aanvraag gratis toegezonden. Aanvragen of algemene vragen over artikelen in Taalschrift kunnen worden gestuurd naar het Algemeen Secretariaat (van de Nederlandse Taalunie), Lange Voorhout 19, Postbus 10595, 2501 HN ‘s-Gravenhagen, Nederland. E-mailen kan ook: secr@ntu.nl.

(8)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.36-=-=
TABU, Bulletin voor Taalwetenschap, jaargang 28, nummer 1, 1998.
ISSN 0165-9200.
Door: Ton van der Wouden, NWO/Nederlands RUG en ATW RUL, vdwouden@let.rug.nl.
Oegstgeest, 22 november 1998.

  • Jack Hoeksema.
    Corpusonderzoek naar negatief-polaire uitdrukkingen. Blz. 1-52.
    (“Corpusonderzoek is een welkome aanvulling op het arsenaal van middelen waarover de taalkundige beschikt.”)
  • Eric Hoekstra.
    Weg en voort (zonder voorafgaande voorzetselbepaling). Blz. 53-56.
    (Over “Dat kan worden weggegooid” uit de Meertens-enquete van 1988. “Weg” wordt regelmatig vertaald als “voort”, vooral in het noorden en in Limburg. In het Fries neemt het gebruik van “fuort” toe, ten koste van “wei”. Dat zou te maken kunnen hebben met het verdwijnen van subtiele semantische onderscheidingen.)

(9)-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.37-=-=
VONK, Tijdschrift van de Vereniging voor het Onderwijs in het Nederlands vzw, jaargang 28, nummer 1, september-oktober 1998.
ISSN 0770-2086.
Door: Rita Rymenans, vakgroep didactiek Nederlands, Universiteit Antwerpen (UIA).
Antwerpen, 19 november 1998.

Themanummer over de nieuwe media

  • Ronald Soetaert.
    Voornemens voor het Millennium. En het schooljaar. Blz. 3-10.
    (Wie aan de introductie van nieuwe media in het schoolvak Nederlands denkt, komt onvermijdelijk bij Ronald Soetaert uit, vakdidacticus en lerarenopleider aan de Universiteit Gent. Dit themanummer kon volgens de redactie dan ook door niemand beter dan deze notoire voorstander ingeleid worden. Gewapend met zijn draagbare computer trok hij zich terug ‘in the middle of nowhere’, met de hete adem van de deadline voor Vonk in zijn nek. Vanuit zijn vakantiehuis in de Vlaamse Ardennen stuurde hij de redactie een elektronische brief in afleveringen. Boeken, kranten, radio- en tv-programma’s zetten hem aan tot mijmeringen en bespiegelingen over de rol die de nieuwe media spelen in het taalonderwijs, over de implicaties ervan op ons vakgebied en de leraar voor de klas.)
  • Michel Couzijn & Lizan Zonneveld.
    Het I.M.-project. Leerlingen discussieren via e-mail over een literair werk. Blz. 11-18.
    (Rubriek ‘Spiekerskorner’.)
  • Mieke Devlieger.
    De computer en taakgericht taalonderwijs. Een avontuur. Blz. 20-35.
    (Na wat grasduinen in de geschiedenis van het computerondersteund taalonderwijs komt Mieke Devlieger tot de bevinding dat multimedia een duidelijke meerwaarde heeft in het kader van taakgericht onderwijs. Interessante pakketten zijn de zogenaamde ‘adventure games’ die de vrijetijdsmarkt overspoelen, en waarin de gebruiker binnen een raamverhaal geconfronteerd wordt met diverse probleemsituaties die hij moet oplossen. Ter illustratie beschrijft ze een aantal producten voor kinderen en volwassenen, die een beroep doen op tal van schoolse (talige) vaardigheden en waarmee een creatieve leerkracht aan de slag kan. Geinspireerd door die avonturenverhalen heeft het Steunpunt NT2 van de KU Leuven demopakketten ontwikkeld voor laaggeschoolde anderstalige volwassenen en voor kinderen. Evaluatie-onderzoek heeft een aantal pro’s en contra’s aan het licht gebracht.)
  • Patrick Keysabyl.
    Triangeltips. Blz. 37-41.
    (Rubriek ‘Spiekerskorner’.)
  • Edward Vanhoutte.
    Van poezie naar context, van context naar poezie. Virtuele seminaries voor het literatuuronderwijs. Blz. 43-51.
    (Het herkennen en opsporen van intertekstuele referenties is essentieel bij het lezen van een gedicht. Leerlingen hebben het daar vaak moeilijk mee omdat ze nog niet genoeg teksten gelezen hebben. De taak van de leraar bestaat er dan in de leerling te helpen bij het ontdekken en expliciteren van deze intertekstuele relaties. Het probleem is echter dat daarbij heel wat materiaal komt kijken dat bovendien erg verspreid is. Volgens Edward Vanhoutte kan hypertekst een oplossing bieden voor dit didactische en praktische probleem. Hij illustreert zijn stelling aan de hand van een mogelijk virtueel seminarie rond het gedicht Marsua van Hugo Claus. In tegenstelling tot de ons omringende taalgebieden zijn virtuele literatuurseminaries voor het Nederlands nog niet beschikbaar. En dat is niet het enige probleem…)
  • Marc Hoefkens.
    Po”ezome, een Internet-poezieproject. Blz. 53-58.
    (Rubriek ‘Spiekerskorner’.)
  • Jan T’Sas.
    Alle grenzen open. Blz. 60-75.
    (De meerderheid van de Vlaamse leraren gebruikt een computer bij lesvoorbereidingen en administratie. Het aantal Internetgebruikers onder hen is minder talrijk, maar het neemt toe. Ook het aantal Vlaamse scholen met een Internetaansluiting is op drie jaar tijd toegenomen van vijftig tot bijna zevenhonderd. Jan T’Sas grijpt een aantal concrete praktijkvoorbeelden aan om de leken onder ons in te wijden in de geheimen van het net: e-mailen, chatten, news groups, sites en links, kortom, alles wat u ooit wilde weten, maar aan niemand durfde te vragen… Voor de meer ervaren surfers heeft hij een indrukwekkend aantal interessante onderwijssites bij elkaar gesprokkeld. Wie echter eerst een publicatie over Internet wil raadplegen, blijft evenmin op zijn honger zitten: een beknopte bloemlezing sluit deze praktische Internetbijdrage af. )
  • Lieven Van Parys.
    Mijn school op het ‘web’. Blz. 77-81.
    (Rubriek ‘Spiekerskorner’.)
  • Ingeblikt. Blz. 83-86.
    Korte inhoud van: Durfkrant (sept. 1998), Blikopener, Reflex, Puzzelkwartiertje, Moer 1998/4, Leesgoed 25/3, Bulkboek, Spiegel 15/3, Studie en Onderzoek (deel 19 en 27).

(10)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.38-=-=
DE ZEVENTIENDE EEUW. Cultuur in de Nederlanden in interdisciplinair perspectief, jaargang 14, nummer 1, januari 1998.
ISSN 0921-142X. Uitgeverij Verloren, Larenseweg 123, 1221 CL Hilversum.
Door: Ton Harmsen, Opleiding Nederlands, RUL.
Leiden, 18-11-1998.

Dit nummer bevat de tekst van de lezingen gehouden op het jaarlijkse Congres van de Werkgroep Zeventiende Eeuw, getiteld: ‘Ad Maiorem Dei Gloriam’. Jezuieten in de Nederlanden tijdens de zeventiende eeuw. Antwerpen, 29 augustus 1997. Bij dit colloquium was een tentoonstelling, waarvan de catalogus verscheen onder redactie van Hubert Meeus.

  • Karel Porteman.
    De jezuieten in de Nederlandse letterkunde van de zeventiende eeuw. Blz. 3-14.
    (Behalve Neolatijnse poezie brachten de jezuieten ook toneelstukken voort, gewijde welsprekendheid, geestelijke liederen en ontspanningslitteratuur. Een bijzondere figuur is de veelzijdige pater Jan David, 1546-1613.)
  • Jeanine de Landtsheer.
    Historia Domus Antverpiensis. De jezuieten te Antwerpen van voor het prille begin tot het eerste kwart van de zeventiende eeuw. Blz. 15-26.
    (Requesens steunt de jezuieten bij hun streven naar een eigen kerkgebouw. Na zijn dood volgt de Spaanse furie; de jezuieten worden verdacht van collaboratie met de Spaanse plunderaars en moeten, zij het tijdelijk, Antwerpen verlaten.)
  • Toon van Houdt.
    De economische ethiek van de Zuid- Nederlandse jezuiet Leonardus Lessius (1554-1623) een geval van jezuitisme? Blz. 27-38.
    (In zijn theologische studiedebatten en in zijn ethische traktaten hangt Lessius een probabilistisch, van ethische twijfel uitgaand, standpunt aan. Pascal zou zich hier later fel tegen keren.)
  • Noel Golvers.
    D. Papebrochius, S.J. (1628-1714), Ph. Couplet (1623-1693) en de Vlaamse jezuietenmissie in China. Blz. 39-50.
    (Gering enthousiasme in Europa en de starre regelgeving van het Vaticaan verhinderde een succesvolle kerstening van China onder Keizer Kangxi (1661-1722). Knappe imitatie van Chinese karakters door Hendrik Causee, etser in dienst van Plantijn.)
  • Jan de Vet.
    Jezuieten en hun orde in de Dictionaire Historique et Critique van Pierre Bayle. Blz. 51-63.
    (In het artikel over Loyola citeert Bayle Edwar Stillingfleet, die Ignatius met Don Quichot vergeleken had. Daarnaast bewondering voor de succesrijke organisatie van de jezuieten. Vaak worden jezuieten geciteerd in andere lemmata.)
  • Annemie de Vos.
    Hofarchitect Jacques Francart en de Brusselse jezuietenkerk. Tussen traditie en vernieuwing. Blz. 65-80.
    (Francart neemt in 1616 het werk van Hoeimaker, en veel van diens oorspronkelijke plannen, over.)
  • Xander van Eck.
    De jezuieten en het wervende wisselaltaarstuk. Blz. 81-94.
    (Sleuven achter het altaar worden gebruikt om verschillende schilderijen te bewaren, waarvan er telkens een wordt opgetakeld. Dit gebeurt het eerst in Antwerpen, met schilderijen van Rubens, Schut en Seghers; later ook in andere kerken in de Nederlanden.)
  • Beatrix Ackx.
    Mechelse doeken over Franciscus Xaverius. Blz. 95-106.
    (Contrareformatorische heiligenverering leidde tot een serie van dertien schilderijen – door J.E. Quellinus, J.M. De Coxie, L.F. de Jonge, H. Herregoudts, P. Ykens e.a. – die bijeen is gebleven.)
  • Dirk Sacr’e.
    Een Latijns jezuietendichter uit de zeventiende eeuw: Balduinus Cabillavius. Blz. 107-118.
    (Zeer veel religieuze poezie, waaraan de werkelijke bezieling vaak ontbreekt. Een groot aantal heldinnenbrieven; Bidermann, Cabilliau en Vincartius zijn de jezuietische heroidendichters. Zijn invloed op Sidronius Hosschius, Wallius en Becanus.)
  • Peter van Dael S.J.
    ‘De christelijcke leeringhe met vermaeck gevat’: de functie van illustraties in boeken van jezuieten in de Nederlanden tijdens de zeventiende eeuw. Blz. 119-134.
    (Door beeldmateriaal konden geletterden en ongeletterden de katholieke leer beter begrijpen en onthouden. In de beelden, die het gemoed bewegen, kon men ook Christus en de heiligen vereren. Dit leidt tot een grote cultuur van geleerde en stichtelijke geillustreerde boeken.)
  • Paul Begheyn S.J.
    Uitgaven van jezuieten in de Noordelijke Nederlanden 1651-1700. Blz. 135-158.
    (Nrs. 133-481 van de korte titellijst, waarvan het eerste deel verscheen in dit tijdschrift jrg. 13, p. 293-308. De meest gepubliceerde auteurs zijn Louis Maimbourg, Athanasius Kircher, Ren’e Rapin, Martino Martini, Baltasar Gracian, Famiano Strada, Heribert Rosweyde, Leonardus Lessius en Adriaen Poirters.)
  • Signalementen:
    . <Door: M.E. Meijer Drees, op blz. 159-160:> W. Abrahamse. Het toneel van Theodore Rodenburgh (1574-1644). AD&L, Amsterdam, 1997. 218 pp.
    . <Door: P.J. Verkruijsse, op blz. 160:> Literaire Monumentenzorg. Theorie en praktijk van een klassiekenreeks / Literarische Denkmalpflege. Theorie und Praxis einer Klassikerreihe. Constantijn Huygens Instituut, Den Haag, 1997. 115 pp. ISBN 90-802696-4-6.
    . <Door: E. Wiskerke, op blz. 160-161:> A. de Vos. Gezelles ‘Gouden Eeuw’. De Zuidnederlandse zeventiende-eeuwse literatuur in het werk van Guido Gezelle. Peters, Leuven, 1997. 485 pp. ISBN 90-6831-877-2.
    . <Door: P.G.B. Thissen, op blz. 161-162:> M. Keblusek. Boeken in de hofstad. Haagse boekcultuur in de Gouden Eeuw. Verloren, Hilversum, 1997. (Hollandse Studien XXXIII). 382 pp. ISBN 90-70-403-38-2.
    . <Door: H. de Waardt, op blz. 162:> J. Monballyu. Van hekserij beschuldigd. Heksenprocessen in Vlaanderen tijdens de 16de en 17de eeuw. UGA, Heule, 1996. 128 pp. ISBN 90-6768-212-8.
    . <Door: L. Kooijmans, op blz. 163:> S. Stegeman. Patronage en dienstverlening. Het netwerk van Theodorus Janssonius van Almeloveen (1657-1712) in de Republiek der Letteren. Diss. Katholieke Universiteit Nijmegen, 1997. 412 pp. ISBN 90-90100-253.
    . <Door: Th. Stevens, op blz. 163-164:> R. van Gelder. Het Oost-Indisch avontuur. Duitsers in dienst van de VOC (1600-1800). SUN, Nijmegen, 1997. 335 pp. ISBN 90-6168-492-7.
    . <Door: M. van der Poel, op blz. 164-165:> S. Berger. Classical oratory and the Sephardim of Amsterdam. Rabbi Aguilar’s ‘Tratado de la retorica’. Verloren, Hilversum, 1996. 141 pp. ISBN 90-6550-547-4.
    . <Door: L. Noordegraaf, op blz. 165:> A. Schuurman, J. de Vries & A. van der Woude. Aards geluk. De Nederlanders en hun spullen van 1550-1850. Balans, Amsterdam, 1997. 347 pp. ISBN 90-5018-350-6.
    . <Door: H. Duits, op blz. 165-166:> A.G.C. Fleurkens. Stichtelijke lust. De toneelspelen van D.V. Coornhert (1522-1590) als middelen tot het geven van morele instructie. Verloren, Hilversum, 1994. 422 pp. ISBN 90-6550-397-8.
    . <Door: W. Fritschy, op blz. 166:> J.Th. de Smidt, R.H.J.M. Gradus & G.A. Kaatee (red.). Van tresorier tot thesaurier-generaal. Zes eeuwen financieel beleid in handen van een hoge Nederlandse ambtsdrager. Verloren, Hilversum, 1996. 556 pp. ISBN 90-6550-542-3.
    . <Door: H. Vlieghe, op blz. 167:> V.B. Greep. Een beeld van het gezin. Functie en betekenis van het vroegmoderne gezinsportret in de Nederlanden. Verloren, Hilversum, 1996. (Zeven Provincien Reeks, dl. 12). 104 pp. ISBN 90-6550-138-X.
    . <Door: M.L. Barend-van Haeften, op blz.167-168:> L. Blusse’. Bitters bruid. Een koloniaal huwelijksdrama in de gouden eeuw. Balans, Amsterdam, 1997. 208 pp. ISBN 90-5018-353-0.
    . <Door: J. Pollmann, op blz. 168-169:> A.Ph.F. Wouters & P.H.A.M. Abels. Nieuw en ongezien. Kerk en samenleving in de classis Delft en Delfland 1572-1621. Vereniging Nederlandse Kerkgeschiedenis, Nijmegen, 1994. 2 dln. ISBN 90-5166-412-5.
    . <Door: L. Noordegraaf, op blz. 169:> H. van der Wee. The Low Countries in the Early Modern World. From the Late Middle Ages to the Industrial Revolution. Variorum, Aldershot, 1994. 307 pp. ISBN 0-86078-384-7.
    . <Door: L. Noordegraaf, op blz. 169:> L. Magnusson (ed.). Mercantilist economics. Kluwer, Dordrecht, 1993. 269 pp. ISBN 0-7923-9359-7.
    . <Door: L.M. Helmus, op blz. 170:> J. Drewes, R. van der Eerden-Vonk, H. Kaptein e.a. (red.). Glans en glorie van de Grote Kerk. Het interieur van de Alkmaarse Sint Laurens. Verloren, Hilversum, 1996. (Alkmaarse Historische Reeks, dl. 10). 274 pp. ISBN 90-6550-148-7.
    . <Door: M.J. Bok, op blz. 170-171:> J.Roding & M. Stompe’. Pieter Isaacz (1569-1625). Een Nederlandse schilder, kunsthandelaar en diplomaat aan het Deense Hof. Verloren, Hilversum, 1996. (Zeven Provincien Reeks, dl. 14). 80 pp. ISBN 90-6550-145-2.
    . <Door: L. Noordegraaf, op blz. 171:> Christina Ferrao & Jose Monteiro Soares (eds.). Brasil-Hollandes / Dutch-Brazil. Index, Rio de Janeiro, 1995. 222 + 185 + 240 + 192 + 144 p. ISBN 85-7083-047-5.
    . <Door: A.J. Gelderblom, op blz. 171-172:> S. Huigen. De weg naar Monomotapa. Nederlandstalige represtentaties van geografische, historische en sociale werkelijkheden in Zuid-Afrika. Amsterdam Universtiy Press, 1996. ISBN 90-5356-228-1.
    . <Door: W. Waterschoot, op blz. 172-173:> Jacob Cats. Sinne- en minnebeelden. Studie-uitgave met inleiding en commentaar. Ed. Hans Luijten. Constantijn Huygens Instituut, Den Haag, 1996. 348 + 776 + 526 p. ISBN 90-802-696-2-x.
    . <Door: M.J. Bok, op blz. 174:> H. Hendrix & J. Stumpel (red.). Kunstenaars en opdrachtgevers. Amsterdam University Press, 1996.
    . <Door: M.B. Smits-Veldt, op blz. 174-175:> H. Hendrix & M.A. Schenkeveld-van der Dussen (red.). Oud en lelijk. Ouderdom in de cultuur van de Renaissance. Amsterdam University Press, 1996. 110 p. ISBN 90-5356-235-4.
    . <Door: H. Hendrix, op blz. 175:> P.J. van Kessel & E.M.R. Schulte (red.). Rome-Amsterdam. Two growing cities in seventeenth-century Europe. Amsterdam University Press, 1997. 333 p., 126 ill. ISBN 90-5356-222-2.
    . <Door: Th. Stevens, op blz. 175-176:> E. Kloek (samenst.). Vaderlandse Geschiedenis (kwartetspel). Verloren, Hilversum, 1997. ISBN 90-6550-440-0.
    . <Door: K.J. Ruitenburg-De Bonte, op blz. 176:> N.F. Streekstra e.a. (red.). Constantijn Huygens 1596-1996. Lezingen van het tweede Groningse Huygens-symposium. Passage, Groningen, 1997. 152 p. ISBN 90-5452-037-X.
(11)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=Neder-L-bericht, no. 9811.39-=-=

*-------------Redacteurs--tijdschriftenoverzicht--Neder-L-----------------*
| Amsterdamer Beitraege    Tanneke Schoonheim                             |
|                                          <Tanneke@rulxho.LeidenUniv.nl> |
| de Achttiende Eeuw:      ??? nieuwe redacteur gezocht                   |
| de Boekenwereld:         Marja Smolenaars <msmolenaars@compuserve.com>  |
| Cahiers voor een Lezer:  Reinder Storm <Reinder.Storm@konbib.nl>        |
| Driemaandelijkse Bladen: Harrie Scholtmeijer                            |
|                                  <Harrie.Scholtmeijer@meertens.knaw.nl> |
| Gramma/TTT:              Peter-Arno Coppen <P.A.Coppen@let.kun.nl>      |
| Leuvense Bijdragen:      Hans Smessaert                                 |
|                                    <Hans.Smessaert@arts.kuleuven.ac.be> |
| Literatuur:              Jose Rekers <jjrekers@hotmail.com>             |
| Literatuur Zonder        Bea Ros <P.Zunneberg@tip.nl>                   |
|   Leeftijd:                                                             |
| Mededelingen Stichting   Marco de Niet <Marco.deNiet@konbib.nl>         |
|   Jacob Campo Weyerman:                                                 |
| Meesterwerk:             Roland de Bonth <deBonth@let.kun.nl>           |
| Millennium:              Paul Wackers <wackers@let.kun.nl>              |
| Moer:                    Herman Giesbers <H.Giesbers@let.kun.nl>        |
| Over Multatuli:          Reinder Storm <Reinder.Storm@konbib.nl>        |
| Naamkunde:               Tanneke Schoonheim                             |
|                                          <Tanneke@rulxho.LeidenUniv.nl> |
| Nederlandse Letterkunde: Karel Bostoen <bostoen@rullet.leidenuniv.nl>   |
| Nederlandse Taalkunde:   Luuk Lagerwerf <l.lagerwerf@wmw.utwente.nl>    |
| Neerlandica Extra Muros: Olga van Marion <ovmarion@rullet.leidenuniv.nl>|
| de Negentiende Eeuw:     Jan Stroop <J.Stroop@mail.uva.nl>              |
| Ons Erfdeel:             Jaap van Veen <Jaap_van_Veen@compuserve.com>   |
| Ons Geestelijk Erf:      Thom Mertens <csp.mertens.t@alpha.ufsia.ac.be> |
| de Parelduiker:          Wieneke 't Hoen <Wieneke.t.Hoen@chi.knaw.nl>   |
| Queeste:                 Theo Meder <Theo.Meder@meertens.knaw.nl>       |
| Spiegel der Letteren:    Betty van Wonderen                             |
|                                         <Betty=van=Wonderen@uba.uva.nl> |
| Taal en Tongval:         Roland de Bonth <deBonth@let.kun.nl>           |
| Taalbeheersing:          Louise Cornelis <lcornelis@compuserve.com>     |
| Taalschrift:             Ewoud Sanders (via:) <secr@ntu.nl>             |
| Tabu:                    Ton van der Wouden <vdwouden@let.rug.nl>       |
| TNTL:                    Andre Bouwman <bouwman@rulub.leidenuniv.nl>    |
| Trefwoord:               Roland de Bonth <deBonth@let.kun.nl>           |
| Tydskrif vir Nederlands  Jean Jordaan <rgo_anas@rgo.sun.ac.za>          |
|   en Afrikaans:                                                         |
| Vaktaal:                 Marcel Uljee <uljee-en-jansen@hetnet.nl>       |
| Volkskundig Bulletin:    Theo Meder <Theo.Meder@meertens.knaw.nl>       |
| Vonk:                    Rita Rymenans <rymenans@uia.ua.ac.be>          |
| Vooys:                   Michiel Ruijgrok <mruijgrok@theo.uu.nl>        |
| de Zeventiende Eeuw:     Ton Harmsen <harmsen@rullet.leidenuniv.nl>     |
*-------------------------------------------------------------------------*


(12)=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=-=

*-------------------------------------------------------------------------*
|                                                                         |
| Informatie over Neder-L:                                                |
| ========================                                                |
| Algemene informatie opvragen over Neder-L: stuur mail naar              |
|   listserv@nic.surfnet.nl met daarin de boodschap: GET NEDER-L INFO     |
| Abonnement nemen op Neder-L: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl    |
|   met als boodschap: SUB NEDER-L uw-voornaam/voorletters uw-achternaam  |
| Neder-L op het web/WWW: Neder-L-nummers zijn vanaf januari 1997 in      |
|   web-formaat te lezen via: http://baserv.uci.kun.nl/~salemans/         |
|   Nadere informatie over Neder-L in web-formaat: zie artikel 9706.01    |
|   Er is ook een WWW-archief met alle e-mailversies van Neder-L sinds    |
|   juni 1992, dat ook op trefwoord doorzocht kan worden; de URL van dit  |
|   listserv-archief: http://listserv.surfnet.nl/archives/neder-l.html    |
| Neder-L wordt ook verspreid via de Internet-newsgroup bit.lang.neder-l  |
| Oude Neder-L-bulletins opvragen: stuur mail naar listserv@nic.surfnet.nl|
|   met daarin een boodschap als: GET NEDER-L LOG9206                     |
|   (resultaat: logboek met Neder-L-artikelen van juni '92 wordt gestuurd)|
|   Of maak gebruik van het listserv-archief (zie enkele regels hierboven)|
| Bijdrage voor Neder-L opsturen: stuur mail naar neder-l@nic.surfnet.nl  |
| Contact met redactie: stuur mail naar Salemans@baserv.uci.kun.nl, naar  |
|   Willem.Kuiper@hum.uva.nl, naar Piet.Verkruijsse@hum.uva.nl (voor de   |
|   evenementenagenda), naar Oostendorp@rullet.leidenuniv.nl (voor        |
|   neerlandistiek op het Web), of naar P.A.Coppen@let.kun.nl             |
*-------------------------------------------------------------------------*

*-Einde------------------- Neder-L, no. 9811.c ---------------------------*