Slowquiz: Wat weten we nog van die neerlandici?

Gegroet, vrienden van de verscheiden neerlandici! Een week zonder dat Marc Beerens hoeft op te merken dat er op een dag ten onrechte vermeld wordt dat er geen neerlandici geboren of gestorven zijn. Dat gebeurt ons niet zo vaak!

De week begint een beetje feestelijk, met veel geboortedagen. Dat moet op de helft van de twintigste eeuw een vrolijke boel onder de neerlandici zijn geweest met al die verjaardagen. Maar aan het einde van de week zakt de stemming een beetje, omdat er dan redelijk wat sterfdagen te betreuren zijn. Zo ziet u maar weer dat de slowquiz het leven zelf weerspiegelt.

Wie schrijft nou eindelijk eens de definitieve biografie van Arie de Jager? Wie vertelt de ultieme anekdote over Frida Balk? De wereld van de neerlandici moet gisten van alle verhalen. Ik zie erg naar deze week uit.

 

zondag 08-04-1881 geboortedag Jacob Wille
08-04-1922 sterfdag Napoléon de Pauw
08-04-2006 sterfdag Gerard Reve
maandag 09-04-1777 geboortedag Jeronimo de Vries
09-04-1884 geboortedag Cyriel de Baere
09-04-1903 geboortedag Willem Pée
09-04-1906 geboortedag Karel Jonckheere
09-04-1921 geboortedag Ton Leeman
09-04-1940 geboortedag Jan Kooij
dinsdag 10-04-1695 geboortedag Balthazar Huydecoper
10-04-1806 geboortedag Arie de Jager
10-04-1879 geboortedag Enneus Rijpma
woensdag 11-04-1906 geboortedag Wim Buitendijk
11-04-1942 geboortedag Piet van der Vliet
11-04-1954 sterfdag Pieter van Eyck
donderdag 12-04-1929 geboortedag Frida Balk-Smit Duyzentkunst
12-04-1990 sterfdag Wim Ornée
vrijdag 13-04-1941 geboortedag André Hanou
13-04-1962 sterfdag Pierre Ritter
13-04-1973 sterfdag Gerrit Kuiper
13-04-2016 sterfdag René Felix Lissens
zaterdag 14-04-1919 geboortedag Frans van Coetsem
Dit bericht is geplaatst in quiz met de tags . Bookmark de permalink.

11 reacties op Slowquiz: Wat weten we nog van die neerlandici?

  1. Marc Beerens schreef:

    ‘De anekdote is de anjelier in het knoopsgat en verfeestelijkt het bestaan’: een leerspreuk van Karel Jonckheere die wel als devies van de Slowquiz mag gelden. Misschien wel de allermooiste necrologie van Jeroen Brouwers is aan Karel Jonckheere gewijd, een prachtig stuk vol anekdotes om op een lenteachtige zondagmiddag nog eens te lezen (het staat o.a. in ‘Stoffer en blik. Herinneringen aan een periode (1964-1970)’.
    ‘Als bij uitgeverij Manteau de aanbieding niet “lekker rond” dreigde te komen – “er zou nog een titel bij moeten” – werd Jonckheere gebeld: die had altijd nog wel iets liggen, die wist altijd wel iets te hertoetsen of te hertalen, die zag altijd wel kans om in korte tijd iets uit zijn typemachine te ratelen. Steevast luidde Karels reactie: “Begin maar alvast te drukken, tekst volgt.”‘

  2. eggels schreef:

    Karel Jonckheere koos mijn gedicht ‘Anna Achmatova’ uit als prijswinnaar.als voorzitter van de jury van de Vlaamse poëzieprijs Keerbergen. Het was mijn eerste gepubliceerde gedicht in ‘Poetisch Bericht’ in 1987. Aardige en vooral deskundige man dus…..kende hem zoals heel Nederland al als tv-persoonlijkheid uit het panel van een populair tv-taalprogramma waarvan de naam me nu niet te binnen schiet. Was het ‘Houd je aan je woord’?

  3. Ton Harmsen schreef:

    Zeer geachte Heer Peter-Arno Coppen!
    Dat u in uw eigen woorden niet kunt uitleggen wat de betekenis van Nico Scheepmaker en Rudy Kousbroek waren (ik bedoel was) voor de neerlandistiek, dat zij u vergeven. Maar probeert u nu eens, desnoods in andermans woorden, kort te omschrijven wat de reden kan zijn geweest om Gerard Kornelis van het Reve (overleden op 8 april 2006) niet in uw lijst te vermelden!

    • Peter-Arno Coppen schreef:

      Ik word enigszins het slachtoffer van mijn eigen criteria zo. Mijn eerste insteek toen ik hieraan begon was om alleen de strikte neerlandici op te nemen: mensen die in het vak afgestudeerd of gepromoveerd zijn, en vooral ook over het vak gepubliceerd hebben (in de vorm van publicaties in neerlandistische tijdschriften of over neerlandistische onderwerpen). Mijn idee was dat het opnemen van mensen die “alleen maar” auteur waren (alle respect overigens!) deze categorie te dominant zou maken, waardoor de niet-fictieschrijvende neerlandici wat in de schaduw zouden komen te staan (waar ik ze juist uit wilde halen). Ik geloof dat ik het achteraf zo kan reconstrueren. Ik dacht trouwens dat ik juist heel goed kon uitleggen wat de betekenis van Scheepmaker en Kousbroek was, althans, daar heb ik in dit antwoord wel een poging toe gedaan.

      Kousbroek en Scheepmaker zitten er dus voornamelijk bij vanwege hun essayistische werk. Reve is zonder twijfel de betere schrijver, maar niet zo sterk in de essayistiek. Als ik er, nu je de kwestie opwerpt, over nadenk, dan zou ik geloof ik zijn boekje ‘Zelf schrijver worden’ wel als een neerlandistische publicatie zien. Dus dan hoort hij er gewoon bij. Weet je wat? Ik zet hem er gewoon bij!

  4. Peter Altena schreef:

    De gulle criteria vind ik een verademing. Hoe vaak lees je in geschiedkundige vakpublikaties niet dat iemand een ‘amateur-historicus’ is. Als ik lees over ‘amateur-historici’ hoor ik altijd iets depreciërends. Onder neerlandici bestaat dat bij mijn weten niet. Nooit heb ik iemand horen wegzetten als een ‘amateur-neerlandicus’ en dat bevalt mij wel. Scheepmaker, Kousbroek en Reve, welkom in de club!

  5. eggels schreef:

    In 1966 bij de jaarvergadering van de Landelijke Vereniging voor Neerlandistiek in Noordwijkerhout gaf Gerard Reve in wit pak een lezing uit ‘Nader tot U’. Hij dronk daarbij uit een waterglas met jenever. Toen dus al een neerlandicus en hij maakte zijn eigen feestje. Ik weet dat omdat ik daarbij was. De deelnemerslijst is buitengewoon interessant voor kenners onder ons.

  6. eggels schreef:

    LVVN geen archief? Anders: Komt. Ben aan het archiveren om gecanoniseerd te worden en in het collectieprofiel van het Literatuurmuseum ‘door te breken’. Ik zoek het programmaboekje op dat ik heb en scan binnen afzienbare tijd de deelnemerslijst door.

Reacties zijn gesloten.