Hoe Willem Bilderdijk verdwijnt van De Boelelaan

Door Peter Altena 

Zelden zo’n bijzondere uitnodiging voor ‘een bijzondere Algemene Ledenvergadering van de Vereniging ‘Het Bilderdijk-Museum’ ontvangen. De uitnodiging viel een paar dagen geleden op de mat en ik heb de tekst zeven keer gelezen, geamuseerd en verbijsterd. Die vergadering vindt woensdag 25 april a.s. plaats in het Hoofdgebouw van de VU, zaal 6A32, 20.00-21.00 uur. Ik ben helaas verhinderd, maar zou graag meestemmen en zoek daarom een lid dat ik kan machtigen.

Waar gaat de vergadering over en wat staat er in de uitnodiging? In de vergadering vraagt het bestuur toestemming aan de leden om de verhuizing van Het Bilderdijk-Museum en de door het museum beheerde collectie over te dragen aan de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden.

In een helder, hier en daar messcherpend terughoudend, stuk van ruim vijf kantjes schetst het bestuur van de Vereniging de achtergronden en de overwegingen die hebben geleid tot de voorgenomen scheiding, het voorgenomen vertrek van ‘Het Bilderdijk-Museum’.

Graag veroorloof ik me als lid van de Vereniging wat minder terughoudendheid. Terwijl de Vrije Universiteit aan de ene kant een Historisch Documentatiecentrum, een Erfgoedcommissie VU en een Historische Commissie VU cultiveert, waarin zeer gewaardeerde geleerden de trommel roeren, daar wordt aan de andere kant het erfgoed zelf, de historische documentatie op de stoep van De Boelelaan geplaatst, in afwachting van de oud-papierdienst en het Grof Vuil.

Wel beschouwd was die tegenstelling al wel langer zichtbaar, maar omdat er bij de Vereniging van die hartelijke en toegewijde mensen werkzaam waren, nam niemand aanstoot aan de langdurige verbanning van de Bilderdijk-collectie naar de in beton gegoten krochten van het VU-gebouw. Die hartelijke en toegewijde mensen konden er immers ook niets aan doen en zij deden vol liefde en met grote zorgvuldigheid hun best om het museum meer te laten zijn dan een kelderbox. In de laatste jaren leek het er zelfs op dat het museum uit het ondergronds verblijf kroop en aan zichtbaarheid won met een eigen tentoonstellingsruimte in de Universiteitsbibliotheek, maar in 2014 betekende een ‘reorganisatie’ dan weer het einde van die zichtbaarheid. Bij gelegenheid van die reorganisatie werden er wel toezeggingen gedaan, de VU zou ‘als een goed huisvader’ voor de collecties zorgen.

Bij herlezing zorgde die vergelijking bij deze lezer voor een hysterische lach en een boosaardige grijns. Wat een leugenachtigheid! Als de Hemelse Huisvader dit hoort of leest, kon het lachen Hem wel eens vergaan, Diens grijns nadien de gedaante aannemen van Hemelse Woede! Zeg niet dat ik niet gewaarschuwd heb.

Het wordt nog wel iets erger. In 2017 liet de Universiteitsbibliotheek van de VU weer van zich horen: de tot dan toe geldende bruikleenovereenkomst beviel niet langer, men voelde meer ‘voor een schenking’. Die schenking zou dan ook nog eens kritisch bekeken moeten worden, omdat niet alle onderdelen van de collectie ‘binnen ons schenkingsgebied’ vallen. De VU wil niet langer lenen, maar hébben. En dat alles op grond van het algemene beleid van de VU, dat erop gericht was ‘dat wij in de toekomst onze bruiklenen zoveel mogelijk omzetten in schenkingen’. Moderner eufemismen voor afpersing zijn me onbekend. Uit de bek van het gegeven paard worden zo, door de nazaten van de mannenbroeders, de tanden geplukt. Hier sta ik, ik kan niet anders! Jaja!

Het pleit voor het bestuur van de Vereniging dat het de unieke collectie scherpgepunte rieken, de opgespaarde tonnen pek en goedgevulde emmers veren uiteindelijk toch niet heeft geschonken aan de nieuwe bibliothecaris.

Al die procedurele, verbale, intellectuele en morele onbenulligheden vallen in het niet bij het gevolg: de band tussen de Vrije Universiteit en Willem Bilderdijk, een van de geestelijke vaders van de Vrije, wordt verbroken; de VU verraadt het eigen verleden. De historische façade van de VU blijkt van karton en wie de kans krijgt om achter dat karton te kijken zal er niets meer vinden. Een hardhandige interventie van de Hemelse Vader behoort, vrees ik, niet langer tot de mogelijkheden, maar hoe mooi zou het zijn als Willem Bilderdijk zelf een kwartiertje het College van Bestuur van de VU mocht toespreken!

De overwegingen om de Bilderdijk-collectie over te dragen – ‘in (permanent) bruikleen’ – aan de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde zijn al met al zeer valide en verstandig en mijn stem heeft het bestuur. Mag dit voor een machtiging doorgaan?

Dit artikel verscheen eerder bij Weyerman

Dit bericht is geplaatst in column, letterkunde met de tags , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Hoe Willem Bilderdijk verdwijnt van De Boelelaan

  1. DirkJan schreef:

    Directeur Aad Meinderts van het Litertatuurmuseum reageerde op dit artikel op Twitter met onderstaand berichtje:

    “Een zo bijzondere collectie als die van #Bilderdijk dient zoveel mogelijk in tact te blijven. Literatuurmuseum is daarvoor de uitgelezen instelling, omdat het, anders dan een bibliotheek als de Maatschappij, zowel handschriften als schilderijen en voorwerpen beheert.”

Reacties zijn gesloten.