Gedicht: Edmond van Offel – Februari. – De Visschen.

Februari. – De Visschen.

In wankelwalmen spiegelblankt het water,
waar schuin een blik der bleeke zon, door wisch
en wilgetwijgen heen, gevallen is;
– en vrij van ijs, het zwelt met zacht geklater;

het drinkt de zilvren klaarte, ’t kille water,
het wendt hem om en voelt in hem ’t gerits
van ’t visschelken dat schiet als vonkgeflits
door ’t zwarte riet dat dood en stijve staat er.

De visschkens vinnevlijtig varen, dralen,
en zoeken naar verdronken zonnestralen
die ’t schubbig kleed doorsteken plots met vier.

Dan, schielijk weer, ze plonsen in ’t gewier
als wolkenschaûw ’t vervloeid kristal komt tanen,
en ’t aardrijk weent zijn laatste wintertranen.

Edmond van Offel (1871-1959)

———————————–

Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Gedicht: Edmond van Offel – Februari. – De Visschen.

  1. Klaas Jac. Eigenhuis schreef:

    Interessant!

Reacties zijn gesloten.