Nederlands op Aruba

Door Marc van Oostendorp

De officiële taal van het basis- en het middelbaar onderwijs in Aruba is het Nederlands, terwijl vrijwel alle kinderen thuis Papiamento spreken en ook vrijwel het hele openbare leven in het Papiamento plaatsvindt. Kan dat niet anders? De neerlandicus Eric Mijts van de Universiteit van Aruba vertelt erover.

(Bekijk deze video op YouTube.)

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column, video, vlog met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Nederlands op Aruba

  1. Jos Van Hecke schreef:

    Interessante maar wat dubbelzinnige en vrijblijvende visie; ik heb vooral de laatste zin onthouden: “als we weinig doen aan de positie van het Nederlands in het onderwijs, dan komt die ‘verengelsing’ er zeker”. Het huidige beleid ter zake in het hoger onderwijs in Nederland is dan alvast geen goed voorbeeld voor Aruba en de 2 andere ABC eilanden.
    Het klinkt en het is ook ergens logisch dat een Papiaments sprekende gemeenschap en haar generaties kinderen lager, middelbaar én hoger onderwijs in het Papiaments zouden kunnen volgen maar…dan moet men ook goed beseffen dat ze met dat Papiaments geen stap verder zullen geraken dan de ABC eilanden groot en bevolkt zijn, hoogstens tot in Suriname waar het onderwijs bovendien volledig in het Nederlands verloopt. Toch geen wijde of grote vooruitzichten zou ik zeggen. Ik denk dat het voor de komende generaties Antillianen beter ware dat er m.b.t. een instructietaal voor het onderwijs radicaal gekozen wordt voor één wereldtaal, hetzij – in volgorde van taalverwantschap (wat echter niet automatisch garant staat voor ‘gemakkelijk’) en meest nabije aanwezigheid en inzetbaarheid – het Spaans dat zo goed als in heel Centraal en Zuid-Amerika de communicatietaal is of het Portugees dat in het nabijgelegen grote Brazilië voor ongeveer 200 miljoen mensen de communicatietaal is. Uiteraard moet het Papiamento daarbij terzelfdertijd als ‘hulptaal’ dienst doen voor het geleidelijk leren beheersen van die andere taal (het Spaans of het Portugees) als onderwijs instructietaal. Dat lijkt me – voor de betrokken Antillianen – een veel betere en evenwichtiger keuze dan een keuze voor het Engels, laat staan voor het Nederlands. Men moet daar niet flauw of zelfgenoegzaam kolonialistisch sentimenteel over doen: het gaat over de vooruitzichten en de toekomst van de Antillianen in hun eigen land en regio, niet van Nederland en de Nederlanders en ook niet van de Nederlandse taal.

Reacties zijn gesloten.