Gedicht: Michael Deak – De doek van Veronica

De doek van Veronica

’k Bood Hem de zweetdoek, dat Hij zich zou drogen,
en Hij liet er Zijn lief gelaat als loon:
dit zijn de rozen van de doornenkroon,
en dit Zijn onvergetelijke ogen;

de neus, bevlekt door ’t speeksel van hun hoon,
met smartelijke vleugels, licht gebogen.
Dit is Zijn kuise mond, – en zie, hoe schoon –
met lippen waar het leed op heeft gewogen.

Dit is de smart, van liefde overtogen,
dit is de haat, Hem in ’t gelaat gespogen,
het laf verraad en ’t lage judasloon.

Dit is de onmacht en het alvermogen.
Dit is de Waarheid boven alle logen.
Dit is de beeltenis van God de Zoon.

Michael Deak (1920-2016)
uit: Kruiswegsonnetten (1950)

 

Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags , . Bookmark de permalink.