Eens op het Internet, altijd op het Internet? Uitgeverij Boom en de erfenis van SUN.

Door Willem Kuiper

Herinnert u zich deze nog?

Van Aiol tot de Zwaanridder. Personages uit de middeleeuwse verhaalkunst en hun voortleven in literatuur, muziek, theater en beeldende kunst, ed. W.P. Gerritsen en A.G. van Melle. Nijmegen [SUN] 1993.
In 1998 volgde een tweede druk. In datzelfde jaar kwam er ook een Engelse vertaling / bewerking: A dictionary of medieval heroes, eds. Willem P. Gerritsen & Anthony G. van Melle, uitgegeven door The Boydell Press te Woodbridge.

Eerder verschenen:

Van Achilleus tot Zeus. Thema’s uit de klassieke mythologie in literatuur, muziek, beeldende kunst en theater, ed. Eric M. Moorman & Wilfried Uitterhoeve. Nijmegen [SUN] 1987.

Van Alexandros tot Zenobia. Thema’s uit de klassieke geschiedenis in literatuur, muziek, beeldende kunst en theater, ed. Eric M. Moorman & Wilfried Uitterhoeve. Nijmegen [SUN] 1989.

Van Abraham tot Zacharia. Thema’s uit het Oude Testament in religie, beeldende kunst, literatuur, muziek en theater, ed. Louis Goosen. Nijmegen [SUN] 1990.

Van Afra tot de Zevenslapers. Heiligen in religie en kunsten, ed. Louis Goosen. Nijmegen [SUN] 1992.

Van Andreas tot Zacheüs. Thema’s uit het Nieuwe Testament en de apocriefe literatuur in religie en kunsten, ed. Louis Goosen. Nijmegen [SUN] 1992.

Sindsdien verschenen nog:

Van Aladdin tot Zwaan kleef aan. Lexikon van sprookjes: ontstaan, ontwikkeling, variaties, ed. Ton Dekker, Jurjen van der Kooi en Theo Meder. Nijmegen [SUN] 1997.

 

Van Ægir tot Ymir. Personages en thema’s uit de Germaanse en Noordse mythologie, ed. Paula Vermeyden i.s.m. Arend Quak. Nijmegen [SUN] 2000.

In 2oo7 tenslotte verscheen een compilatie van bovenstaande delen:

Van Abelard tot de Zwaanridder. Literaire en historische personages uit middeleeuwen en later tijd, met hun voortleven in de kunsten, ed. Peter Altena, Wim Gerritsen en Tom van Melle. Nijmegen [SUN] 2007.

Artikelen die de ‘cut’ niet haalden, waaronder mijn ‘FERGUUT’, werden op een website geplaatst: www.vanatotzreeks.nl en op deze manier ingeleid:

De Van A tot Z-reeks van Uitgeverij SUN is al jaren een begrip. Tienduizenden exemplaren gingen over de toonbank van de eerste reeks, die werd bejubeld door pers, publiek en academie. Logisch, want deze lexicons bieden een uitstekend, helder overzicht van de pijlers van onze cultuur. In duidelijke, overzichtelijke lemma’s worden de belangrijkste begrippen beschreven uit bijvoorbeeld de oudheid, de christelijke geschiedenis of de literatuur. Nu zijn de populaire naslagwerken herzien en opnieuw uitgegeven in vier prachtige, nieuw vormgegeven delen. De teksten die niet in de boeken terecht zijn gekomen, vindt u op deze website. Uitgeverij SUN wenst u een mooie ontdekkingsreis.

Maar als u daar nu wilt gaan kijken dan gebeurt er niets en krijgt u na verloop van tijd deze melding: “Het duurt te lang voordat www.vanatotzreeks.nl reageert.”

Inmiddels was Uitgeverij SUN in april 2000 overgenomen door Uitgeverij Boom te Amsterdam. Op het Internet vond ik een bericht hierover in de NRC, geschreven door Arjen Fortuin d.d. 20 april 2000:

Overname SUN door uitgeverij Boom

Uitgeverij SUN zal in Nijmegen gevestigd blijven, als zelfstandige werkmaatschappij van de Koninklijke Boom BV. Bij SUN werken nu elf mensen en bij Boom ruim 400.
Volgens SUN-directeur Sjef van de Wiel is het de bedoeling dat SUN gaat uitbreiden. “Boom is van plan in ons te investeren. Waarschijnlijk komt er personeel bij en kunnen we het aantal titels vergroten.” SUN blijft zich in de eerste plaats richten op het uitgeven van non-fictie, vooral op het gebied van filosofie, kunst, sociale wetenschappen, geschiedenis en architectuur. Volgens Van de Wiel was SUN “zeer vereerd” met de belangstelling van Boom. “We waren ook in gesprek met andere concerns, maar voor ons gaf het de doorslag dat Boom nog altijd een familiebedrijf is. Daar voelen wij ons meer op ons gemak dan in de grotere concerns. Dat is belangrijk als je [na] dertig jaar je onafhankelijkheid opgeeft. Bovendien heeft dochtermaatschappij Boom in Amsterdam een fonds dat verwant is aan het onze.”

Heb nog geprobeerd contact te krijgen met de journalist door het invullen van een webformulier, om te vragen of hij de ontwikkelingen daarna is blijven volgen, maar geen reactie ontvangen.

Het Repertorium van Eigennamen in Middelnederlandse Literaire Teksten (REMLT) is ooit opgezet als een gedrukt boek. In 1992 dacht men nog niet aan digitale naslagwerken. Maar gaandeweg werd mij als coördinator van dit project duidelijk dat dit naslagwerk nooit in druk zou verschijnen, tenzij men het zélf wilde afdrukken. Om die reden heb ik het altijd ‘typografisch’ opgemaakt als ware het een boek, maar alle verwijzingen in de voetnoten zijn naar aanklikbare digitale bronnen. Eén van die bronnen was de website www.vanatotzreeks.nl. Onlangs kwam ik erachter dat die website niet meer bestaat. De Wayback machine van Internet Archive heeft als laatste datum van archivering 25 oktober 2016, als eerste 22 april 2009. Dit betekent dat alle links naar deze website in het REMLT nu doodlopen.

Als een schaker zich in zo’n situatie bevindt, dan mompelt hij nog net hoorbaar achter het bord: “Wat nu, wat nu, zei Pichegru!?” Waarop soms door de zich op dat moment onoverwinnelijk wanende opponent geantwoord wordt: “Kan mij niet verrotten, sprak Bernadotte. ”

Nadat ik met Google mijn huiswerk gedaan had, heb ik contact opgenomen met Uitgeverij Boom om te vragen hoe dat zit / zat. De eerste horde die je moet nemen is de receptie. Gelukkig zat daar een vriendelijke mevrouw die mij na enig aandringen doorverbond met iemand die erover ging. Kunnen andere bedrijven een voorbeeld aannemen als je door een onbekende ter verantwoording wordt geroepen. Zie hier het antwoord dat ik via e-mail ontving:

De website is inderdaad nog niet zo lang geleden uit de lucht gehaald. Het contract met de host van de website verliep, dus de website moest helaas uit de lucht. De boeken in de reeks zijn al een tijdlang uitverkocht, waardoor het auteursrecht inmiddels is teruggevallen naar de auteurs.
Wij zijn zelf wel bereid om afstand te doen van het materiaal, maar om het weer openbaar beschikbaar te maken is toestemming van de auteurs vereist. Helaas beschikken wij niet over de benodigde gegevens om alle auteurs te traceren en om toestemming te vragen. Mocht u deze taak op u willen nemen, dan zijn wij bereid onze bestanden over te dragen. Daar moet ik wel bij zeggen dat de bestanden versleuteld zijn en dat er een ict’er nodig is om de bestanden te ontgrendelen. 

 

Dit is goed én slecht nieuws. Het goede nieuws is natuurlijk dat Uitgeverij Boom zo genereus is om de inhoud van de website cadeau te doen aan een nieuwe gastheer m/v. Het slechte nieuws is de voorwaarde: toestemming van de auteurs. Doet mij denken aan een grap die in mijn kinderjaren de ronde deed:

Vader neemt zijn zoontje voor het eerst mee naar een voetbalwedstrijd. Niet zo maar een voetbalwedstrijd maar een Interland. Niet zo maar een Interland maar Nederland – België. Als het spel een paar minuten oud is, zegt het jongetje: “Papa, ik wil naar huis.” Waarop papa zegt: “Dat is goed, mijn jongen, maar ga dan eerst even alle mensen netjes een handje geven …”

Toen ik nog een kamer op het PCHoofthuis, het Meertens Instituut of het Huygens Instituut had, was het raadplegen van vakliteratuur een fluitje van 1 cent. Wat in de ene bibliotheek niet stond, vond ik in de andere. Ik maakte een fotokopie en las die in de trein naar huis. Maar nu ik gepensioneerd en thuiswerker geworden ben, kost even naar Amsterdam mij een middag en even heen en weer naar Den Haag een dag. Vandaar dat ik de vaktijdschriften digitaal raadpleeg via vooral de DBNL en in iets mindere mate de KANTL. De oprichting van de DBNL en hun kantoor in Leiden kan ik mij nog scherp voor de geest halen. René van Stipriaan kende ik al, Cees Klapwijk heb ik daar leren kennen. Wat later schoof ik aan in een gezelschap onder voorzitterschap van Orlanda Lie dat vanuit een gebruikersperspectief de digitalisering volgde en met ideeën kwam om die zo efficiënt mogelijk te laten verlopen voor de vakgenoten. Bij één van die gelegenheden heb ik voorgesteld om Spektator, tijdschrift voor Neerlandistiek te digitaliseren. Dat tijdschrift kende ik van binnen en van buiten, en ik wist welke vernieuwende rol het gespeeld had gedurende de jaren 1971-1995. Het is ook gebeurd, kijk maar: Spektator (1971-1995). Maar als u verder kijkt dan dit tableau dan zult u zien dat Spektator nogal onvolledig gedigitaliseerd is bij gebrek aan toestemming van de auteurs of hun erfgenamen. Dat geldt niet alleen voor Spektator. Onlangs wond ik mij weer eens op over een mijn vakgebied aangaand Wikipedia-artikel, in dit geval over Hein van Aken, en toen bleek dat een belangrijk artikel hierover van Robrecht Lievens, ‘De dichter Hein van Aken’, in: Spiegel der Letteren 4 (1960), p. 57-74 niet gedigitaliseerd was bij gebrek aan toestemming van de auteur of diens erfgenamen. Hetzelfde gold voor artikelen van W.E. Hegman. Niet gedigitaliseerd bij gebrek aan toestemming van de auteur. Absurd!

Met dat toestemming vragen zijn er veel te veel auteurs die niet reageren, uit chagrijn weigeren, of de auteur is inmiddels overleden en de erfgenamen geven de gevraagde toestemming niet, misschien omdat zij geld willen zien? Ons vak kent maar een paar grootverdieners. Wij, de rest, die aan boeken werken en meewerken betalen ervoor of krijgen daar geen of zo goed als geen geld voor. Mijn Lira inkomsten over het afgelopen jaar 2016 bedroegen 66 of 68 eurocent. Toestemming vragen moge dan de koninklijke weg zijn, het is een onverharde weg die snel doodloopt in een modderpoel.

Mijns inziens hebben de auteurs van de Van A tot Z-website destijds hun toestemming al gegeven en hoeven zij die toestemming niet te bevestigen. Maar ik ben geen jurist. Volgens mij kan volstaan worden met een zogeheten disclaimer, waarin staat dat auteurs die vinden dat zij zonder hun goedvinden naar een nieuwe website verhuisd zijn, bezwaar kunnen maken. In de praktijk verwacht ik dan weinig of geen protesten. Maar eerst vragen en pas handelen als er positief op die vraag gereageerd wordt, is vragen om problemen die er eigenlijk niet zijn. Nog afgezien van hoe doenlijk of ondoenlijk het is om de adressen van alle auteurs te achterhalen. Kijkt u nog wel eens in een (papieren) telefoonboek? Staat bijna niemand meer in …

Nadat ik dit stuk in concept naar Uitgeverij Boom had opgestuurd, ontving ik opnieuw een e-mail, waarin het aantal auteurs gereduceerd werd tot de namen op titelpagina’s van de gecompileerde boeken:

Wij zijn bereid afstand te doen van het materiaal, maar vóórdat we dat doen, willen we graag toestemming van de rechthebbende auteurs. In het geval van deze boeken ligt het auteursrecht niet bij alle bijdragende auteurs, maar bij de redacteuren van de verschillende delen. Totdat wij hun toestemming hebben, dragen wij de verantwoordelijkheid voor het materiaal en helaas kunnen wij het niet zonder meer overdragen aan een derde partij – zelfs niet als die partij de KB is.
Mocht iemand (bijvoorbeeld u) de taak op zich willen nemen contact te zoeken met de rechthebbende auteurs (dus de redacteuren van de afzonderlijke delen) en zwart op wit de toestemming kunnen overleggen, dan staan wij de bestanden graag af. Tot die tijd kan ik u helaas niet verder helpen.

 

Dat scheelt een slok op een borrel! Als de redacteuren– en hun namen staan hierboven – toestemming geven, kan er een nieuwe gastheer gezocht en hopelijk ook gevonden worden. Zelf zou ik geen betere gastheer weten dan de KB / DBNL om dit Van A tot Z– bestand te beheren en weer toegankelijk kan maken. Vraag is of de DBNL dit wil en kan. Zal een dezer dagen eens contact met hen opnemen.

Eens op het Internet, altijd op het Internet moge dan gelden voor zaken in de privé-sfeer die je achteraf betreurt, voor de wetenschap geldt dit in veel mindere mate. U moest eens weten wat ik in de loop der jaren niet meer heb kunnen terugvinden. Een jaar of wat geleden was één van onze belangrijkste REMLT bronnen opeens off-line: http://vulgate.org. Ik schrok mij rot. Pas bijna twee maanden later had de organisatie achter deze voor ons absoluut onmisbare  website een nieuwe sponsor gevonden en sindsdien is de website weer on-line. Maar ik moet er niet aan denken dat dit nog eens gebeurt. Websites als Vulgate.org en Van A tot Z brengen geen geld op maar kosten geld. Om die reden zijn zij continu kwetsbaar in hun voortbestaan. Ik neem het Uitgeverij Boom niet kwalijk dat zij het contract met de host van de website niet verlengd hebben, maar ik zou het de DBNL wél kwalijk nemen als zij van deze gelegenheid geen gebruik maakt om dit prachtige corpus in te lijven.

 

Dit bericht is geplaatst in letterkunde, websites met de tags , . Bookmark de permalink.

2 reacties op Eens op het Internet, altijd op het Internet? Uitgeverij Boom en de erfenis van SUN.

  1. Peter Altena schreef:

    Willem, je vergeet nog het deel Van Abélard tot Zoroaster, redactie Léon Stapper, Peter Altena en Michel Uyen. Dat deel is integraal opgenomen in het door jou getoonde verzameldeel, de lemmata zijn voor dat verzameldeel nog eens doorgenomen en geactualiseerd.
    Destijds zijn door Boom hoge verwachtingen gewekt waar het ging om een website. Ons idee was dat op zo’n site nieuwe secundaire literatuur verwerkt kon worden, enz.,maar ook fragmenten van teksten waar zo’n beschreven held in optreedt. Meer plaatjes ook. Niets van terecht gekomen. Boom had er bij mijn weten niet zo’n zin in, om een onderneming die ze niet zelf bedacht hadden voort te zetten.
    Mij heugt niet dat Boom ooit met redacteuren contact gezocht heeft.
    Wat een verschil met de geestdrift van SUN, in het bijzonder van Wilfried Uitterhoeve.
    Wie nu de redacteuren wil vinden, heeft genoeg aan een achternamiddag zoeken. Dat geldt ook voor sommige voor DBNL onbereikbare auteurs.

    • Willem Kuiper schreef:

      Dank je wel Peter, voor deze aanvulling. Dat boek heb ik niet naast mij staan. Die andere delen wel. Dat zal de reden geweest zijn.

Reacties zijn gesloten.