Gedicht: Clara Eggink – Schaatsenrijden

Schaatsenrijden

Glad en wijd ligt het ijs
in een veeg wit en grijs
en de lucht, tastbre kou,
is gestolpt onder blauw.
En mijn schaats met een kras
als een schot onder glas
trekt een veervormig spoor
van mijn voet uit te loor.
Ik scheer scheef op het vlak
langs een donkerblauw wak,
na een sprong voor een scheur
als een koord, schiet ik voort
op het staal en ik duik
in de wind en gebruik
elke spier, die geniet
als ik suis langs het riet.

Clara Eggink (1906-1991)
uit: Schaduw en water (1934)

 

Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags . Bookmark de permalink.