Vaarwel Zwarte Piet?

Door Willem Kuiper

Afgelopen zaterdagmiddag ben ik naar het lokale filmhuis ‘De Fabriek’ geweest, ideetje van mijn echtgenote, om daar de film Wild geraas. Een zoektocht naar de oorsprong van het Sinterklaasfeest te bekijken.

wild-geraas

Had er op voorhand een hard hoofd in of ik dat wel leuk zou gaan vinden, want ik erger mij groen en geel aan alle onzin die er over Sinterklaas en Zwarte Piet rondgebazuind wordt.

Nou, dat viel dus reuze mee. De film werd in- en uitgeleid door de maker zelf, Arnold-Jan Scheer, voor TV-kijkers een bekende naam, en na afloop ook van commentaar voorzien door cameraman Roy Dames. En dat in Zaandam. In de film kwam ik ook een bekende tegen, Marleen de Vries, literair-historicus 18e eeuw, die aan het woord gelaten wordt om haar professionele kennis van de ontwikkeling van het Sinterklaasfeest met de kijker te delen. Doet zij goed!

Hoewel ik mijzelf nooit als Sinterklaas of als Zwarte Piet verkleed heb, laat dit duo mij verre van onverschillig. De dramatische mogelijkheden van dit tweetal zijn zo groot dat zij tegelijkertijd zowel een verpletterende indruk kunnen maken op de kinderziel alsook op het gevoel voor humor van de toekijkende volwassene die openstaat voor deze mild kritische weldoener en zijn clowneske knecht. Dat het er vroeger heel anders aan toeging, en waarom dat zo was, heb ik 3 jaar geleden uitgelegd in een Neder-L column, waar ik nog altijd achter sta. Met de mosselen van Prins en Dingemanse gaat het inmiddels gelukkig een stuk beter.

Na de Franse tijd (1795-1813) werd Nederland volstrekt onverwacht voor de meeste ingezetenen een koninkrijk, en dat koninkrijk moest en wilde zich cultuur-historisch positioneren en profileren, zoals de Republiek der Zeven Provincien dat twee eeuwen eerder gedaan had. Destijds had men om het recht op opstand tegen de koning van Hispanje te onderbouwen onder andere teruggegrepen op een rebellie die zich in 69-70 zou hebben afgespeeld toen ontevreden Bataven rebelleerden tegen de Romeinse ‘bezetter’. Wij noemen dat nu beeldvorming. De bedoeling ervan was om onwetende mensen ervan te overtuigen dat wij altijd al een vrijheidslievende natie geweest zijn. Heeft niets of hoeft niets met historische waarheid te maken te hebben. Sterker nog, hoe minder waar deste geloofwaardiger, want bij gebrek aan feiten kan men die zelf verzinnen.

In de loop van de Negentiende eeuw is Nederland bewust gerestyled. Men vond de Gouden Eeuw uit met zijn VOC mentaliteit, distantieerde zich van de 18e eeuw met zijn Jan Salie geest en bij deze grote schoonmaak werd een hoop aftands geacht cultuurgoed aan het grof vuil meegegeven: vieze liedjes, wrede spelletjes met dieren, rituelen waarvan niemand meer wist wat daar de oorsprong en zin van was, en tegelijkertijd probeerde men de mensen van schoon water en een propere woning te voorzien. Ware ik Marita Mathijsen, ik zou u er veel meer over kunnen vertellen. Eén van de feesten die toen een ‘make over’ kregen, was het Sinterklaasfeest. Hoe dat vóór die tijd ‘gevierd’ werd, weet niemand bij gebrek aan geschreven bronnen, maar dat het gevierd werd, staat als een paal boven water. En blijkbaar werden er liedjes bij gezongen, een aantal waarvan verzameld werd door Florimond van Duyse in Het oude Nederlandsche lied, deel 2 (1905), nr. 375: Sinte Niclaes Bisschop. Hierbij moet men zich wel bedenken dat het gedurende de zeventiende en achttiende eeuw heel gebruikelijk was om op een bestaande melodie een nieuwe tekst te dichten: contrafact(um). Een liedje of de tekst daarvan kan veel ouder zijn dan de bewaardgebleven tekst van dat liedje.

Geschiedenis is een vak. Daar moet je wat van ‘weten’. Hetzelfde geldt voor geneeskunde. Sociale media hebben zich ontpopt als een bijna diabolisch doorgeefluik van groteske onzin. Mensen die medisch geenszins onderlegd zijn, weten nu opeens zeker dat vaccinatie slecht voor je kinderen is. Ik ben een literair-historicus, geen hersenwetenschapper of psychiater, maar mij doet het sterk denken aan wat men noemt: overactief aanwezigheidsdetectie mechanisme. Dat heeft de mens ooit ontwikkeld om zichzelf te beschermen tegen onzichtbaar gevaar, maar dat wordt nu ook gebruikt om het eigen ongeschoolde gelijk te bewijzen met als argument: Maar dat voel ik zo. Daar zit dus het probleem. Men wil het niet weten. Men hoeft het niet te weten. Er is immers geen zuiverder maatstaf voor de absolute waarheid dan het eigen gevoel. Ik voel mij bedreigd dus ik word bedreigd. Of om met de tegenstanders van Zwarte Piet te spreken: Ik voel mij gediscrimineerd, dus ik word gediscrimineerd.

Inmiddels is de zogeheten Zwarte Pieten discussie uitgegroeid tot een splijtende stinkzwam. De publieke omroepen weigeren, werd ons medegedeeld, om de film Wild geraas uit te zenden. Zelfs de VPRO deinst ervoor terug om deze documentaire uit te zenden in bijvoorbeeld haar reeks Het uur van de wolf. Terwijl het om een documentaire gaat, waarin de makers op zoek gaan (en dat onderzoek dat doen zij al jaren) naar Sinterklaasachtige feesten in het begin van de winter in West-Europa. Het is geen anti-film, geen tegengeluid. Het is een integere journalistieke zoektocht naar oude rituelen die in afgelegen uithoeken van onze samenleving nog springlevend zijn. En het is heel leuk en leerzaam om daarnaar te kijken. Deze documentaire verdient het om gezien te worden. En als dat niet via de publieke omroepen kan omdat die gelijk Pontius Pilatus hun handen in onschuld wensen te wassen, dan moet het maar zo:

De website waar u deze film als DVD kunt bestellen of streamen vindt u hier: http://www.wildgeraasdefilm.nl/

 

Dit bericht is geplaatst in column, cultuur, pas verschenen, recensies, video met de tags . Bookmark de permalink.