De delete-knop en de bestsellerindustrie

Door Marc van Oostendorp

9780674417076Dertig jaar geleden had ik niet moeten proberen om ’s ochtends vroeg een stukje te schrijven. Ik woonde toen in een studentenkamer en had alleen een oude tikmachine. Als ik daar buiten de reguliere uren om op werkte, werd mijn benedenbuurvrouw zo kwaad van het geluid – ‘ben je nu alweer je kamer aan het veranderen!’ – dat ik het wel uit mijn hoofd zou laten om dat buiten de gewone uren te doen.

De computer heeft het allemaal veranderd. Schrijven is bijvoorbeeld steeds minder geluid gaan maken: op de gemiddelde laptop hoor je het nog wel zachtjes als je in dezelfde ruimte bent, maar op slimme schermen merk je er niets meer van. En dat is natuurlijk nog maar de kleinste van alle veranderingen die er in het ambacht zijn gekomen.

Wat een briljant idee om een ‘literaire geschiedenis van het tekstverwerken’ te schrijven en zo in kaart te brengen hoe het (literaire) schrijven en de computertechniek in de afgelopen decennia samen zijn veranderd. De Amerikaan Matthew Kirschenbaum doet het, in een boek met de briljante titel Track Changes.

WordPerfect

De computer is natuurlijk niet in eerste instantie ontworpen om op te schrijven en de eerste decennia waren de apparaten te groot en te duur om op de gemiddelde zolderkamer van de gemiddelde auteur te passen. Pas na verloop van tijd bedacht men dat zoiets van voordeel kon zijn: voor typistes bij grote bedrijven. Pas met de komst van PC’s – en in het begin had je ook nog in tekstverwerken gespecialiseerde computertjes – konden schrijvers zich een eigen apparaat veroorloven.

Kirschenbaum beschrijft mooi hoe heel verschillende auteurs als Stephen King of John Updike overtuigd raakten van het nut van die machines. Het betekende bijvoorbeeld enorme macht – je kon teksten zonder moeite eindeloos bewerken en op ieder moment desgewenst een prachtig uitgelijnde complete versie afdrukken. Niet voor niets heette een van de dominante tekstverwerkers dertig jaar geleden WordPerfect, zegt Kirschenbaum.

Zetters

De mogelijkheden gaven schrijvers ook een gevoel van macht: ze konden natuurlijk altijd al met hun personages doen en laten wat ze wilden, maar nu konden ze ze letterlijk met één druk op de (Delete-)knop van de aardbodem laten verdwijnen.

Tegelijkertijd betekende het voor alle schrijvers, niet alleen de literaire, uiteindelijk waarschijnlijk niet dat ze minder werk hadden, maar vooral dat de typistes (meestal vrouwen), de eindredacteuren en de zetters uit hun leven verdwenen. Wij die weleens een woord op papier zetten zijn daarom allerlei dingen gaan doen die vroeger helemaal ons werk niet waren.

Betere boeken

Er zijn natuurlijk ook gevolgen voor het historisch letterkundig onderzoek, al weten we niet precies wat die zijn. Lange tijd werd gevreesd dat je geen reconstructies meer zou kunnen doen van de ontwikkeling van een werk, nu allerlei tussenliggende stadia niet meer in manuscriptvorm gedocumenteerd worden. Inmiddels wordt het steeds gebruikelijker dat de online-tekstverwerker juist een heel uitgebreid archief bijhoudt van alle veranderingen die er ooit in een tekst zijn gemaakt.

Of een en ander nu echt invloed heeft gehad op het literaire werk zelf, is ondertussen niet helemaal duidelijk. De literatuur is in ieder geval nog niet ten onder gegaan aan de tekstverwerker, maar het is niet duidelijk dat er nu meer, of betere, boeken zijn gekomen.

Studentenkamer

Het grootste effect, zegt Kirschenbaum, is er mogelijk geweest op de bestsellerindustrie. Een fenomeen als James Patterson, die met een atelier van schrijvers, de ene verkoopknaller na de andere de markt op werpt (een op de 17 boeken die in Amerika over de toonbank gaat heeft zijn naam op de kaft, en hij verkoopt meer dan de vijf belangrijkste andere bestsellerschrijvers bij elkaar) had zonder de computer niet kunnen staan. Hij heeft het schrijven van boeken tot een heuse industrie gemaakt.

Toch kun je geloof ik niet zeggen dat dit nu de toekomst van het schrijven is. Tegelijkertijd gebeurt natuurlijk ook het omgekeerde: de jongen die op zijn studentenkamer in zijn dooie eentje zit te typen, kan wat hij te zeggen heeft ook voordat alle anderen wakker zijn al op internet hebben staan. De bandbreedte van publicatiemogelijkheden is vooralsnog alleen maar toegenomen. Ik ben benieuwd hoe het vervolg op Kirschenbaums boek er over dertig jaar uitziet.

Matthew G. Kirschenbaum. Track Changes. A Literary History of Word Processing. Cambridge, Mass & London, UK: The Belknap Press, 2016. Bestelinformatie bij de uitgever.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column, recensies met de tags , , . Bookmark de permalink.