Niet, weerde Vrijenden, om mijn selfs te stellen schrapp

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (35)
Het Nederlandse sonnet bestaat 450 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp


Ergens in de zeventiende eeuw wordt het schrijven van sonnetten een huiselijke aangelegenheid. Je doet het niet langer om te laten zien wat een groot humanist je bent en hoezeer je op de hoogte bent van de laatste trends. Je schudt ze zo uit je mouw, en sonnetten krijgen soms de toon van een brief.
Het schrijven van sonnetten wordt bovendien een gezelschapsspel. Hooft schrijft een sonnet met lof op Huijgens, die laatste antwoordt in een sonnet met dezelfde rijmwoorden, Hooft antwoordt daarweer op, en Huijgens daarweer op, en steeds weer met dezelfde rijmwoorden. Daarna gaan al hun wederzijdse vrienden zich ermee bemoeien, allemaal steeds weer met dezelfde rijmwoorden. 
Ook Anna Visscher schrijft zo’n sonnet:
Aen P.C. Hooft, en C. Huigens.

Dit heb ick noch gelickt uyt d’uytgesopen schoncken
   Daer van mijn stramm verstandt en stijve penn werdt rapp,
   Niet, weerde Vrijenden, om mijn selfs te stellen schrapp
Tegen u lieden geest; dan lagh ick laegh versoncken
In diepe hovaerdy; Maer om dat ick gedroncken
  Van suyver vriendtschapp heb het smaeckelicke sapp,
   Soo ben ick bly dat ick de groene vryerschapp 
Met rijpe manheid heb in vriendtschapp doen ontfoncken.
  Gelijck mint sijns gelijck, bei zijt ghy door u Dicht
  Vermaert, en beide in geleertheid afgericht;
Oock beid’ uytmuntend in verstandt en brave Zeden.
  Waer vindmen sulcke twee in ’t gansche Nederland,
  Want soo den eenen speelt soo gaet den aer sijn trant,
Dat ghy dan vrienden zijt, is (dunckt my) meer als reden.

Het is het eerste gedicht in mijn serie met heel duidelijke enjambementen: het einde van een regel en het einde van een zin of zinsdeel lopen niet altijd duidelijk gelijk op (‘om mijn selfs te stellen schrapp / tegen u lieden geest’, ‘bei zijt ghy door u Dicht / Vermaert’). Dat maakt de toon minder verheven, en het sonnet tot een brief. Bovendien ligt er zo minder nadruk op de, voor de vriendenkring inmiddels wel heel bekende rijmwoorden.

Visscher doet in dit gedicht ook iets interessants met de spelling. Waarom eindigen rapp, schrapp, sapp en vryerschapp allemaal op een dubbele p? Ergens in de middeleeuwen – de geleerden zijn het er niet precies over eens wanneer, maar rond de veertiende eeuw is een goede gok – gebeurde er iets met de klinkers van het Nederlands: korte klinkers werden lang als ze in een open lettergreep stonden. Dak kreeg zo als meervoud daken, en schip schepen. Na een tijdje stopte het proces ook weer voordat het alle woorden had aangetast, en daarom zeggen is het meervoud van bak nog steeds bakken en dat van kip kippen.

Binnenin het woord geven we het verschil tussen een lange en een korte klinker dus aan met het verschil tussen één en twee medeklinkers (rapen – rappe), terwijl het verschil aan het eind van een woord wordt weergegeven door het verschil tussen twee klinkers en één: raap – rap.

We hadden dat ook anders kunnen oplossen, in een consequenter systeem, ofwel door raap – raapen, rap -rappe te schrijven, of wel door rap – rapen en rapp – rappe te schrijven. Al die mogelijkheden zijn overwogen, zoals de laatste hier door Hooft, Huygens, hun vrienden en vriendinnen.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Niet, weerde Vrijenden, om mijn selfs te stellen schrapp

  1. Over deze liefhebberij, het bout-rimé, heb ik nog een verhandeling geschreven op Het vrije vers, daar als e-book in de bovenbalk te vinden. Wereldwijd doet de mythe de ronde dat hij eind 17e eeuw in Frankrijk is ontstaan en ik verwijs naar het bovengenoemde om dat te ontkrachten. Of de oorsprong hier ligt heb ik niet achterhaald, maar in elk geval is vermeldenswaard dat het na lange afwezigheid de laatste jaren hier weer in zwang is geraakt. Op Het vrije vers zijn voorbeelden te vinden in het archief.Zelf heb ik met Drs. P de bundel 'Drs. P révisé' uitgebracht met meer dan 100 van dergelijke verzen, zij het niet in sonnetvorm. Eens zien of deze link naar het bedoelde e-book werkt: http://hetvrijevers.nl/Eboek,%20Het%20bout%20rime,%20een%20expose.pdf

Reacties zijn gesloten.