Is het Limburgs de ‘grondlegger’ van het Nederlands?

Door Marc van Oostendorp


Nou was ik dit weekeinde ineens zomaar een argument in Het Betoog van de Week! Althans, dat stuk had in juli al in de ingezondenbrievenrubriek van NRC Handelsblad gestaan, maar de redactie van het onvolprezen radioprogramma De Taalstaat riep het deze week uit tot de indrukwekkendste redenering van de afgelopen week <beluister het hier>.

En daarin speelde ik dus een sleutelrol. Als autoriteitsargument.

De docent en publicist Pascal Cuijpers was gevallen over het zoveelste stuk waarin volgens hem een journalist uit de Randstad neerkeek op de provincie Limburg. Dat was niet goed, vond hij, de provincie is veel meer dan een wormvormig aanhangsel. Ook het Limburgs moet veel meer op waarde geschat worden:

Hoogleraar Marc van Oostendorp beweert dat de uitspraak van de zachte ‘g’ de oorspronkelijke uitspraak van deze klank is, dus het Limburgse accent moet als grondlegger worden gezien.


Betwistbaar

Ik vind het een fascinerend argument, maar het is natuurlijk niet juist. Althans, ik heb dat inderdaad beweerd, en wel op Neder-L, maar je kunt het feitelijk niet als argument inzetten. Niet alleen vanwege het autoriteitsaspect (dat een hoogleraar het beweert is onbelangrijk), maar ook omdat het verder niets betekent.

Twee aannamen liggen ten grondslag aan de bewering van Cuijpers die allebei betwistbaar zijn:

  1. Wanneer de zachte uitspraak van de g de oorspronkelijke is, is het Limburgse accent de grondlegger [van het Nederlands].
  2. Oude variëteiten van een taal verdienen meer of evenveel respect als nieuwe.
Collectieve onderbewuste
Geen van die twee verzwegen schakels gaan op. Je kunt de zachte g niet gelijkstellen aan het Limburgs: er zijn andere variëteiten van het Nederlands die hem hebben, en het Limburgs zelf wordt ook door andere grammaticale, fonologische en lexicale eigenschappen. gekenmerkt. En er is geen enkele reden om een taalvariëteit beter (of slechter) te vinden omdat hij ouder is. Talen bewegen zich in alle mogelijke richtingen en dat op een willekeurige manier. Ze worden er niet beter op en ze worden er niet slechter op, althans een maat voor beter of slechter is nooit gevonden. (Beweert hoogleraar Marc van Oostendorp.)
Maar dát zulke verzwegen schakels in een redenering moeiteloos genomen worden, dat ze kennelijk ook voor de redactie van de NRC of voor die van De Taalstaat geen onoverkomelijk probleem zijn, is op zichzelf heel leerzaam: we komen er iets uit te weten over hoe taal kennelijk in ons collectieve onderbewuste zit.
Gouden-eeuwprincipe
Een geheel complex taalsysteem kun je gemakkelijk ophangen aan één kleine articulatorische beweging, zelfs al maken allerlei andere mensen diezelfde beweging. Ook daarover heeft de hoogleraar Marc van Oostendorp al eerder dingen beweerd, bijvoorbeeld hier, hier, hier en hier; eigenlijk is hij stiekem een boek aan het schrijven over wat er sociologisch allemaal vastzit aan die ene klank. Hij valt mensen kennelijk op en is zich in de loop van de tijd aan allerlei associaties gaan hechten.
Nog interessanter en nog dieper is de tweede verborgen schakel. Ze is een gevolg van wat de Amerikaanse sociolinguïst William Labov het ‘Gouden-eeuwprincipe’ heeft genoemd, en ook wel de enige echte sociolinguïstische universale: voor zover we kunnen nagaan heerst in alle culturen de diepe overtuiging dat de taal vroeger beter was dan nu; niemand zal ooit beweren dat de jeugd toch echt een betere taal gebruikt dan wij oudjes. Dat gevoel zit kennelijk zo diep ook in onze cultuur geworteld dat mensen klakkeloos aannemen dat een argument dat de zachte g ouder is dan de harde, ook een argument vóór die zachte g is.

Met dank aan Leonie Cornips

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Is het Limburgs de ‘grondlegger’ van het Nederlands?

Reacties zijn gesloten.