Uit de Europese mal. Europese hypes in de Nederlanden [Herhaalde oproep]


Call for papers Congres Werkgroep De Zeventiende Eeuw

Zaterdag 29 augustus 2015, Radboud Universiteit Nijmegen
In een tijd waarin (de betekenis van) Europa druk bediscussieerd wordt, vraagt het jaarcongres van de Werkgroep Zeventiende Eeuw aandacht voor vroege Europese hypes, modes en trends. In zeventiende-eeuws Europa volgden deze elkaar in rap tempo op. Petrarkistische sonnetten veroverden snel terrein tijdens de vroege zeventiende eeuw, encyclopedieën deden dat aan het eind van de eeuw. Vorsten overal in Europa namen de Habsburgse en Franse hofcultuur over, terwijl architectuur, iconografisch programma en politieke en economische ambitie van bijvoorbeeld het Amsterdamse stadhuis (1648-1655) duidelijk geënt zijn op vergelijkbare monsterprojecten elders in Europa. Het kansspel was net zo goed een Europese hype als de hang naar utopische initiatieven. Reizende en migrerende kunstenaars, kooplieden, wetenschappers en charlatans droegen bij aan de verspreiding van hypes. 

Tijdens dit congres willen wij drie vragen centraal stellen: (1) waarom werden bepaalde personen, zaken, tradities of kunstvormen gedurende de lange zeventiende eeuw over heel Europa nagevolgd; (2) welke Europese hypes zijn afkomstig uit de Nederlanden en hoe vonden deze hun weg in Europa; en (3) hoe werden, andersom, Europese fenomenen toegeëigend door en in de Lage Landen? In een proces van navolging en toe-eigening vinden altijd adaptaties plaats, afhankelijk van de nieuwe (culturele, economische, politieke of religieuze) context.
We willen hierbij nadrukkelijk aandacht vragen voor het Europese karakter en de Europese implicaties van de hypes, steeds vanuit het perspectief van de Nederlanden: hoe Europees is de reikwijdte van een hype? Zorgen hypes binnen Europa voor eenheid of juist voor diversiteit? Duidt de navolging van een hype op het bestaan van een idee Europa of juist niet? Is er sprake van Europese toe-eigening van fenomenen die hun herkomst in andere werelddelen vinden? Welke mechanismen van symboliek en retorica spelen een rol in de processen van navolging en toe-eigening?
Onderwerpen van papers zouden kunnen liggen op het terrein van:

  • de stedelijke cultuur: ruimtelijke ordening, stedelijke gemeenschappen, gebouwen in de stad (stadhuizen, schouwburgen, stadspaleizen), beeldvorming over steden;
  • oorlog en vrede: manier van oorlog voeren en vrede vieren, beeldvorming over oorlog en vrede;
  • kunst, muziek, mode en literatuur: poëticale uitingen, vertalingen, genres, vormen, technieken, motieven;
  • voeding en genotsmiddelen: gebruiken, grillen, recepten;
  • reputaties en rollen van bepaalde instituten en individuen: adel en burgerij, auteurs, kunstenaars, politici, wetenschappers, vrouwen met een publieke functie;
  • religie: religieuze rituelen, grensoverschrijdende religieuze gemeenschappen en allianties; bindende en (onder)scheidende modellen, beeldvorming hierover; 
  • handel: de relatie tussen de Republiek, Europa en de wereld, beeldvorming over handel en handelsbetrekkingen, diplomatieke missies;
  • theoretische modellen en de identiteit van de Republiek in Europa.

De congrescommissie nodigt iedereen van harte uit een bijdrage te leveren aan dit congres. De spreektijd is maximaal 20 minuten. De voertaal van het congres is Nederlands, maar ook voorstellen voor papers in het Frans, Duits en Engels zijn welkom. Abstracts voor papers of panels van drie papers kunnen tot uiterlijk 7 mei 2015 ingediend worden bij Nina Geerdink, n.geerdink@let.ru.nlAbstracts zijn maximaal 300 woorden en gaan vergezeld van een kort CV (max. 100 woorden)
De congrescommissie
Raingard Esser (Rijksuniversiteit Groningen)
Nina Geerdink (Radboud Universiteit Nijmegen)
Jeroen Goudeau (Radboud Universiteit Nijmegen)
Johan Oosterman (Radboud Universiteit Nijmegen)
Dries Raeymaekers (Radboud Universiteit Nijmegen)
Dit bericht is geplaatst in geen categorie, letterkunde met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.