De volgordelijkheid der dingen

Door Marc van Oostendorp

Er zijn mensen die een enorme hekel hebben aan vergaderingen, maar ik vind dat je er altijd wat van opsteekt. Gisteren, bijvoorbeeld, mocht ik urenlang luisteren naar een bestuurder die het ene achtervoegsel aan het andere hechtte en zo uiteindelijk kwam tot het woord volgordelijkheid.

Je kunt zo iemand natuurlijk verfoeien: waarom niet volgorde gezegd? Dat is toch veel korter? Blijkt hieruit niet de taalonmacht der vergaderende kaste?

Maar dat klopt toch ook niet helemaal. Dat blijkt bijvoorbeeld uit ordelijkheid.
Niemand zou willen beweren dat dit hetzelfde betekent als orde en dat het daarmee een overdreven lang woord is. Dat komt doordat ordelijkheid meer te maken heeft met ordelijk dan met orde: het is de eigenschap van ordelijk zijn.

Ordelijk

Nu is ordelijk op zijn beurt weer afgeleid van orde, maar de betekenis is een beetje onvoorstelbaar het betekent zoiets als ‘gesteld op orde’ (‘hij is erg ordelijk’) of ‘een bepaalde orde volgend’ (‘de kropjes sla staan ordelijk in een rij’). Voor mijn gevoel kan ordelijkheid alleen verwijzen naar het eerste: we kunnen wel spreken over de ordelijkheid van Joop, maar niet over die van de kropjes sla. Met ieder achtervoegsel slaat de betekenis een onvoorspelbare zijweg in en bij het woord ordelijkheid zijn we behoorlijk afgedwaald van de betekenis van orde, al valt de laatste natuurlijk nog wel in de eerste te ontdekken.

Met volgordelijkheid ligt dat op het eerste gezicht anders. “We moeten de volgordelijkheid van deze dingen onderzoeken”, zei de bestuurder, en dat lijkt op het eerste gezicht niet erg anders dan de volgorde onderzoeken. In dit geval leidt je van volgorde het bijvoeglijk naamwoord volgordelijk af: dat is op zich al een nieuwvorming, een woord dat niet de tijd heeft gehad om zoals ordelijk een specialistische betekenis te krijgen.

Gasten

Xelijk betekent in dit geval niet meer dan ‘het bijvoeglijk naamwoord dat hoort bij het zelfstandig naamwoord X’ en volgordelijk dus ‘betrekking hebbend op volgorde’. Zoals Y-heid niets anders betekent dan het bijvoeglijk naamwoord dat hoort bij het zelfstandig naamwoord Y’ en volgordelijkheid dus ‘de eigenschap van betrekking hebben op volgorde‘.

Toch lijkt me volgordelijkheid nog wel iets anders te kunnen betekenen dan volgorde. Het zou bijvoorbeeld kunnen betekenen ‘de eigenschap van een volgorde hebben’: de natuurlijke getallen worden bijvoorbeeld bepaald door volgordelijkheid, het is niet duidelijk of de gasten bij hun komst naar het feest een bepaalde volgordelijkheid hanteren.

Tochtje

Bovendien leert een tochtje op internet al snel dat volgordelijkheid om sommige PowerPoint-slides inmiddels een betekenis heeft gekregen die voor de buitenstaander niet meer te achterhalen is:

  • Vervolgens is de scope teruggebracht tot de volgordelijkheid van te versturen berichten kunnen afdwingen. M.a.w. punten 2, 3* en 4, uit bijlage “functionele-samenvattiing-pressure-cooker-thema-workflow.pdf”.
  • Het MPS model is niet zozeer een afspiegeling van de werkelijkheid, ook niet zozeer een tijd-volgordelijkheid, maar meer een sorteermodel.
  • Alleen heb ik niet kunnen vinden in de FAQ en database snelstart hoe en in welke volgordelijkheid e.e.a. geboekt moet worden

Wat deze voorbeelden gemeen hebben is dat ze onbegrijpelijk zijn, maar ook dat het steeds gaat om heel abstracte zaken: modellen van organisatie of van computerprogramma’s. Het gaat geloof ik meestal niet om de concrete volgorde, maar meer om de algemene manier waarop een en ander in een volgorde is geplaatst.

Je maakt van een zelfstandig een bijvoeglijk naamwoord, en van dat bijvoeglijk weer een zelfstandig naamwoord. Het resultaat is iets vreselijks abstract.


Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags . Bookmark de permalink.

6 reacties op De volgordelijkheid der dingen

  1. Taalprof schreef:

    Ik zie er inderdaad iets van regulering in: 'volgordelijkheid' slaat voor mij niet op een toevallig ontstane volgorde, maar om een volgorde die (door een regulerende instantie) bepaald is. Dat past ook zeker bij een bestuurder, die hier trouwens een kans voorbij heeft laten gaan om het nog veel mooiere woord 'volgtijdelijkheid' te gebruiken.

    Schönfeld meldt trouwens nog een interessant feitje: volgens hem hoort '-heid' "aanvankelijk in de taal van de geleerden thuis." Maar dan hebben we het over het Oud-Hoogduits, dus wie weet dat nog.

    Interessante tikfout (denk ik) trouwens: je schrijft 'iets vreselijks abstract.' Dat zou naar analogie van 'iets heel erg abstracts' eerder 'iets vreselijk abstracts' moeten zijn, maar op de een of andere manier klinkt het niet helemaal verkeerd.

  2. Even mijn bestuurder verdedigen: het is mogelijk dat ze terwijl ik zat te suffen wel degelijk 'volgtijdelijkheid' heeft gezegd.

  3. wildplasser schreef:

    Puur semantisch: ik denk dat er "partiele orde" bedoeld wordt, maar dat de schrijver die term niet kent. (of probeert te vermijden)
    [ Zie bijv: http://research.microsoft.com/en-us/um/people/lamport/pubs/time-clocks.pdf ]

  4. Mient Adema schreef:

    Naarmate in dit soort stukjes meer vergissinkjes staan, wijt ik het bestaan daarvan veelal aan de hoogstaandheid van de gedachtes die eruit blijken en vormen ze een bijna noodzakelijke compensatie daarvoor. Je zal maar elke dag een boodschap hebben die dan ook nog qua vorm feilloos moet zijn.
    In het geval "iets vreselijks abstract", dat naar mijn mening toch echt "iets vreselijk abstracts" zou moeten zijn begin ik altijd te zoeken naar de mogelijke juistheid. Gaat het om iets vreselijks? En zo ja, hoe dan, abstract? Dus vreselijk, omdat het veel te abstract is? Ja, dan is het in abstracte zin inderdaad vreselijk. Of omdat we het graag concreet willen stellen vinden we het vreselijk dat er zoveel abstractie om de hoek komt kijken? Als dit allemaal het geval is, zou ik schrijven (als het per se in deze volgtijdelijkheid zou moeten) "Het resultaat is iets vreselijks, abstract"

    Maar even ter zake. Dat substantiefverlengingsverschijnsel is niet zo abstract als het lijkt. Wetenschappers doen dat alleen maar om aan te geven dat het om een fenomeen gaat, een verschijnsel, waarin het grondwoord de bron is.

  5. Welke schrijver bedoelt u precies? Alle voorbeelden? Kunt u het nader toelichten? Ik weet niet of ik u goed begrijp.

  6. wildplasser schreef:

    [@ MvO 16:22 (sorry threaded reageren werkte hier niet / Firefox)]
    Ik bedoelde de tekst in de eerste bullet in de dia: "volgordelijkheid probleem (randvoorwaardelijk)"

    Ik heb het vermoeden dat de schrijver/spreker probeert de causaliteit de detekteren in een kluwen van min of meer samenhangende waarnemingen of gebeurtenissen. Ook dankzij de boventekst "evidence based practice / vv"; de "practice" levert de waarnemingen.
    Het gaat dus niet om de strikte ordening in de tijd, maar om de ordening op grond van oorzaak&gevolg.;

    En bij gebrek aan een woord daarvoor heeft hij/zij dat toen maar "volgordelijkheid" genoemd.

    Maar ik kan het fout hebben uiteraard, misschien gaat het wel alleen om het bepalen van de gewenste volgorde voor het behalen van de doelen.

    "randvoorwaardelijk" is ook lelijk. Heb ik geen verklaring voor.

Reacties zijn gesloten.