Liegen op rijm

Door Marc van Oostendorp


Droogstoppel had gelijk. Dat was een van de conclusies die je kon trekken uit de eerste dag van de tweedaagse bijeenkomst die we dezer dagen in Leiden hebben over de structuur van het vers.

Er zijn hier deskundigen van over de hele wereld om te praten over de manier waarop dichters hun gedichten en liedteksten structureren en vooral: wat voor effecten die structuur heeft op de luisteraar of lezer.

Zo kom je op allerlei zaken waarover ik niet vaak eerder heb nagedacht. Dat alle bekende culturen liedjes hebben, maar niet alle culturen gesproken poëzie (en zelfs niet alle culturen instrumentale muziek), en dat je daaruit zou kunnen afleiden dat gezongen teksten het primaat hebben.
Dat stilte nooit echt onderdeel uitmaakt van een gedicht. Dat refreinen meestal een ingewikkelder rijmschema hebben, en een ingewikkelder metrische structuur voor iedere regel, dan coupletten, terwijl die coupletten ook langer zijn, en dat dit alles mogelijk komt doordat refreinen herhaald worden en dus gecomprimeerder kunnen zijn omdat ze geen verhaal hoeven te vertellen.

Ritme

En dat alles van jullie belastinggeld, wat je zegt. Geniet er dan op zijn minst van dat ik het hier navertel, dan hebben jullie er ook nog wat aan.

Sommige zaken blijken desalniettemin ook nog nuttig voor rendementsdenkers – zoals Droogstoppel, inderdaad. Bijvoorbeeld werd er uitvoerig gesproken over onderzoek waaruit blijkt dat mensen geneigd zijn een boodschap minder kritisch op te nemen wanneer het poëtische trekken bezit: wanneer het rijmt of een regelmatig ritme heeft.

Geboerd

De Russische onderzoekster Tatyana Skulacheva vertelde bijvoorbeeld dat aan twee groepen hetzelfde verhaal was voorgelegd met een logische fout – de twee zwaarden die de held had, veranderden tien woorden later zonder commentaar in drie zwaarden. Alle mensen die de prozaversie van het verhaal lazen, stoorden zich aan die slordigheid. Van degenen die de poëtische versie lazen viel het slechts een enkeling op, en dat dan nog pas na enig aandringen van de onderzoekers. Rijm en ritme schakelen op de een of andere – niet helemaal begrepen – manier het kritische vermogen uit.

Kijk, dát lijkt mij nu nuttige informatie, waar menige politicus bijvoorbeeld zijn voordeel mee zou kunnen doen. Voor zover ik kan zien, had geen enkele partij bij de recente verkiezingen een rijmende slogan. De partij die deze wel zou hebben gevoerd, had waarschijnlijk veel beter geboerd.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags . Bookmark de permalink.