Wat we nog niet weten over het werkwoord (4)

Door Marc van Oostendorp


Sommige werkwoorden zijn promiscu in hun onderwerpskeuze. Neem de volgende voorbeelden:

  • Ik rijd met mijn auto op de weg.
  • Deze auto rijdt snel / lekker.
  • Deze weg rijdt snel / lekker.

Het onderwerp van rijden kan degene zijn die rijdt (eerste zin), maar ook waarmee gereden wordt (tweede zin) en de plaats waarop gereden wordt (derde zin). Die laatste twee voorbeelden werken wel alleen goed als er nog een bepaling bijstaat zoals snel of lekker: ‘Deze auto rijdt’ en ‘Deze weg rijdt’ zijn zo, zonder meer, niet goed – een wonderlijk verschijnsel.

Je kunt de zinnen met de auto en de weg als onderwerp ook ombouwen: in plaats van ‘deze auto rijdt snel’ kun je ook zeggen ‘deze auto is lekker om mee te rijden’, bijvoorbeeld.

In het reusachtige, binnenkort te verschijnen deel over werkwoorden van hun Syntax of Dutch merken Hans Broekhuis en Norbert Corver op dat er wel nog onbegrepen verschillen zijn tussen (bijvoorbeeld) snel en lekker.
Dat komt naar voren in paren zinnen zoals de volgende:

  • a. Deze weg is lekker om op te rijden.
  • b. Deze weg is snel om op te rijden. [uitgesloten]
  • a. Deze auto is lekker om mee te rijden.
  • b. Deze weg is snel om mee te rijden. [uitgesloten]
De a-zinnen zijn prima, maar de b-zinnen klinken nergens naar. Volgens Broekhuis heeft het te maken met een verschil in betekenis tussen lekker en snel. Het eerste duidt een subjectieve kwaliteit aan (iets is lekker voor iemand, en misschien niet voor iemand anders), het tweede is objectiever. 
Nu ontbreekt er in de bijzin om op te rijden een onderwerp: degene die rijdt. In de a-zin kan dat verzwegen onderwerp worden aangevuld: degene voor wie het lekker is, is ook degene die rijdt. In de b-zin, met zijn objectieve snel, is er zo iemand niet voorhanden. De weg is snel voor iedereen, dus wie is er dan aan het rijden?
Het werkt precies hetzelfde met andere paren bijvoeglijk naamwoorden:
  • (Ik verf de deur gelijkmatig met een kwast.)
  • Deze deur is prettig om te verven.
  • Deze deur is gelijkmatig om te verven.  [uitgesloten]
  • Deze kwast is prettig om mee te verven.
  • Deze kwast is gelijkmatig om mee te verven.  [uitgesloten]
Prettig is weer een subjectief bijvoeglijk naamwoord, en gelijkmatig is objectief. Je zou kunnen zeggen dat dit raadsel dus meer thuishoort in de serie ‘wat we nog niet weten over het bijvoeglijk naamwoord’, maar het feit dat rijden en verven zulke promiscue werkwoorden zijn, die zomaar van alles en nog wat als onderwerp kunnen kiezen, speelt waarschijnlijk een bepalende rol in een beter begrip van deze constructie.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in taalkunde met de tags , . Bookmark de permalink.

6 reacties op Wat we nog niet weten over het werkwoord (4)

  1. Gaston Dorren schreef:

    Boeiend stukje.
    Detailopmerking: 'Deze auto rijdt', daar is voor mij niks mis mee. Ik kan me allerlei vrij gewone situaties voorstellen waarin ik dat zou zeggen. 'Deze weg rijdt' niet, inderdaad.

  2. Ja, je hebt gelijk. Nu je dat zo zegt bedenk ik dat er één context is waarin je volgens mij ook 'Deze weg rijdt' kunt zeggen, namelijk met een heel specifieke intonatie: 'rijdt' lang uitgesproken en op een relatief hoge toon: 'Deze weg ríjdt!' En dan betekent het zoiets als 'rijdt lekker'.

  3. Taalprof schreef:

    Dat heb je eigenlijk ook wel een beetje bij dat 'snel.' Als je dat "subjectiviseert" tot iets als 'lekker snel,' dan wordt 'deze weg is lekker snel om op te rijden' ook ineens een stuk beter.

  4. Mient Adema schreef:

    Maar nu een zin als "deze weg rijdt om": daar is toch niets subjectiefs aan, want de objectieve meetlat maakt wel uit dat je daarop meer kilometers maakt.
    Het betekent m.i. dat werkwoorden gekke verbanden kunnen laten zien, doordat door weggelaten/gesuggereerde andere verbanden een betekenis wordt gevormd die iedereen meteen begrijpt. En zo wordt de logica van taal ingehaald door het netwerk van fantasie. Het begint wat op poëzie te lijken…:-)

  5. Vind ik wel een gekke zin hoor, 'deze weg rijdt om.' Daar moet ik heel veel moeite voor doen, en voor zover ik 'm dan kan hebben zit er toch iets subjectiefs in, bijvoorbeeld dat hij naar mijn mening langer is, terwijl dat objectief niet zo hoeft te zijn. Vergelijk: 'Deze weg rijdt naar mijn idee op de meest efficiënte manier naar het doel.'

  6. Mient Adema schreef:

    Het geval wil dat ik naast taalgek af en toe de koerier uithang en bij de keuze tussen Den Haag en Utrecht (voor het traject Amsterdam/Rotterdam) zeer bewust "de weg over Utrecht rijdt 6 km. om" ventileer. Kwestie van gewenning, gebruik, denk ik. Maar ik kan me de twijfel (of de ontkenning) goed voorstellen.
    Maar goed, we praten over ongevaarlijke zaken, want we zeggen bij voorbaat dat we het nog niet weten. En dan ga je verklaringen zoeken.

Reacties zijn gesloten.