Het multiculturele voordeel revisited

Door Marc van Oostendorp
Wat was de wereld anders in het jaar 2000! Een groep Nederlandse taalkundigen kwam met een document dat zij ‘Het multiculturele voordeel’ noemden: dat zou nu niemand meer zomaar durven doen.
De opzet van het document, dat de auteurs aanduidden als ‘taalkundig manifest’ was sympathiek. Aan het eind van de twintigste eeuw had Nederland een systeem opgezet van onderwijs in de ‘eigen’ talen van migrantenleerlingen. Zij kregen aan het begin van hun schoolloopbaan wanneer er thuis geen of nauwelijks Nederlands werd gesproken, extra begeleiding en later leerden ze in schooltijd ook nog wat over die eigen taal.
Dat is een systeem dat in theorie goed werkt wanneer je wil dat alle leerlingen zo goed mogelijk Nederlands leren.

Een stevige basis in je moedertaal is dan nuttiger dan machteloze pogingen van je moeder om zich in een taal uit te drukken die ze niet beheerst. Bovendien zou de samenleving best eens voordeel kunnen hebben bij een meertalige bevolking, die makkelijk over de grens kan communiceren en bovendien in sommige opzichten aantoonbaar geestelijk gezonder is.
Prachtig

Achteraf is die tekst niet erg duidelijk: in de eerste alinea is meertaligheid ‘een gegeven, geen probleem’, in de volgende is het ‘een complex probleem’, in de derde alinea is het een van de ‘maatschappelijke problemen’ die door een ‘patriarchale opstelling’ van de overheid (dat snap ik niet; bedoeld werd misschien: een paternalistische opstelling) werd veroorzaakt.

Bovendien kun je bezwaren hebben tegen de combinatie van de woorden ‘taalkundig’ en ‘manifest’. Ik vind niet dat je als taalkundige méér recht hebt om gehoord te worden in een debat over een onderwerp als dit, al vind ik wel dat je je stem moet laten horen, bijvoorbeeld om de feiten naar voren te brengen waarvan je beter op de hoogte bent.

De feiten en de meningen worden daardoor iets teveel vermengd. De woorden taalkundig en manifest samen suggereerden echter dat je als je taalkundige bent ook een bepaalde politieke mening moet zijn toegedaan (de multiculturele samenleving is prachtig, Nederland moet trots zijn op zijn meertaligheid). Ik vind dat mijn standpunt in dezen – ik ben stiekem nog steeds een ouderwets soort elitemultuculturalist die het fijn vindt dat je bij Albert Heijn couscous kunt kopen – niet wordt ingegeven door mijn wetenschappelijke status. En bovendien doet het er allemaal niet toe voor de kern van de boodschap.

Slechte leraren

Affijn, het manifest, dat natuurlijk een reactie was op het artikel Het multiculturele drama van Paul Scheffer, speelde in mijn kleine taalkundige wereldje wel een rol van belang, maar was daarbuiten geen heel groot succes. Ik geloof niet dat het de krant heeft gehaald. Er was wel een discussiemiddag in het Trippenhuis, maar ook daar kwamen vooral taalkundigen naartoe. De taalkundigen probeerden voor het eerst in de geschiedenis georganiseerd hun stem te verheffen in een maatschappelijk verband. Maar er werd niet geluisterd.

Dat is jammer. Wel hebben we inmiddels het onvolprezen Drongo-festival dat ieder jaar duizenden mensen bereikt met de boodschap dat meertaligheid een verrijking kan zijn van je eigen leven, maar het taalonderwijs is er in die 14 jaar niet beter op geworden. Hoewel er geloof ik veel problemen zijn met het systeem van eertijds – slechte leraren, onduidelijke inhoud van de lessen – blijft de kern van de boodschap staan. Taalwetenschappers mengen zich nog steeds te weinig in het maatschappelijke debat om hierop te wijzen.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.