Een toren van boeken in mijn broekzak

Over lezen op je telefoon

Door Marc van Oostendorp


Amsterdam Zuid

Terwijl ik hier gezellig een stukje voor jullie uittik, en de vakantiebieb vanmiddag weer begint met distributie van gratis e-boeken, stort de markt voor e-readers in elkaar. Eerder deze maand legde de Amerikaanse ambassadeur in Londen de ambtseed af met haar hand op zo’n ding, maar dat zal dus ook wel een teken van verval zijn.

De nieuwe concurrent is de telefoon. Steeds meer mensen kopen boeken op hun mobieltje en lezen ze daar ook.

Ik ben er ook zo een, geloof ik. Zo’n vier jaar geleden verklaarde ik hier nog dat ik te oud en der dagen zat was voor de iPad en bij mijn e-reader bleef.
Een half jaar later hernam ik dat, maar beweerde toen geen romans op mijn iPad te gaan lezen. Inmiddels kan men mij soms tijdens een wandeling plotseling stil zien blijven staan omdat ik even snel een boek moet kopen waarover iemand me net verteld heeft.

Maar zo’n scherm is toch vreselijk klein en onrustig? Ja, maar je hebt het tenminste altijd bij je. In bed, op een koud en winderig perron, terwijl je in de rij staat te wachten. Met een telefoon kun je echt iedere verloren minuut vullen met lezen, hoera! Nog maar een paar jaar geleden droeg ik altijd en overal een veel te zware boekentas bij me. Omdat ik zo bang was dat ik me bijvoorbeeld in de trein zou vervelen.

Nu heb ik altijd een toren van boeken in mijn broekzak. En bovendien kan ik er zoals gezegd op ieder gewenst moment een paar boeken bij kopen. Sinds kort blader ik bovendien ook in wetenschappelijke tijdschriften op mijn telefoon; met de app Browzine die de meeste Nederlandse universiteitsbibliotheken gebruiken.

Er zijn trouwens nog wel meer voordelen.  Niet iedereen ziet dat jij Boccaccio zit te lezen; de mensen om je heen hebben het geruststellende gevoel dat jij óók gewoon op Facebook zit. En het is fijn dat de pagina verdwenen is. Op de telefoon is de boekrol terug van weggeweest en in een verbeterde vorm: je draait met je vinger de tekst omhoog terwijl je leest.

Het betekent niet dat ik mijn e-reader wegdoe. Of mijn iPad. Of papieren boeken. Het is prettig om ook wat variatie te hebben in vanaf wat voor oppervlakte je nu weer leest. Maar de telefoon is mijn reddingsboei, die me beschermt tegen ieder mogelijk moment van verveling.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.

3 reacties op Een toren van boeken in mijn broekzak

  1. RHCdG schreef:

    Hoe bevrijdend toch die anonimiteit. Laatst op een terras verdiepte ik me in The Logic of Sense van Gilles Deleuze toen iemand vroeg of ik soms een handboek pokeren aan het lezen was, omdat er speelkaarten op het omslag staan. En ik weet nog hoe in het vorige tijdperk ik zomaar de essaybundel Wwwhhooosshhh van Dirk van Bastelaere tevoorschijn durfde te halen, puur vanwege die onverdachte hippe titel.

  2. Fabian Stolk schreef:

    Semi-quoting the late Mae West: "Is that a pile of e-books in your pocket, or are you happy to see me?"
    Maar serieus: je polymedialiteit kon wel eens de norm (als in: normaal) worden, in plaats van al die monologische (digifobische) paniek.

  3. Anoniem schreef:

    E-books: was interessant experiment, maar te duur met te beperkt aanbod, en onderhand duidelijk voorbijgestreefd.
    Boeken lezen op een smartphone? Alleen omdat je dan een bib op zak hebt? Lachwekkend gewoon. Die bib kan op makkelijk op een USB-stickje of een minuscuul geheugenkaartje voor (bv.) een tablet – die toch makkelijker leest dan je telefoonschermpje.
    "Gesproken boeken/teksten", "spraakbesturing", enz.: de beschikbare technologie is er maar laat nog veel te wensen over of is te duur voor de "gewone" consument.
    De toekomst? Niks meer op zak. Een centrale biochip met toegang tot alles wat je lief is en een paar interface implantaatjes (geen Google Glass nodig, geen toetsenbord,…) Alles in 'de Matrix' en je wordt het niet eens gewaar. Enige vereiste: een dikke muur tussen virtuele en "reële" werkelijkheid (alhoewel…:-)
    Maar ik lees liever drukwerk dan beeldschermen. De geur van een boek, het vervelende zoeken naar de juiste passages, de fysische aanwezigheid op de boekenplank… Lekker ouderwets en nog altijd een beetje verliefd op het medium.
    Voor wie een visuele of andere gerelateerde beperking(en) heeft kan geavanceerde technologie een nieuwe wereld openen (al moet die persoon wel willen meewerken in plaats van barrières op te werpen zoals "ik wil niet als gehandicapte beschouwd worden"). In die optiek verwacht ik een coherent beleid, substantieel meer investeringsbereidheid en sociaal engagement van iedereen.
    Zowat iedereen denkt dan aan Stephen Hawking. Wie denkt aan een volwaardig gemeenteraadslid, parlementariër of minister met zware handicaps die wél inhoudelijk wat te zeggen heeft in tegenstelling tot de "gezonde" beleidslieden die hun vak niet meer kennen? In de lage landen bij de Noordzee nog niemand gezien die in de verste verte ook maar met Hawking te vergelijken is…
    Alles heeft met taal te maken, hoe je het ook draait of keert.
    Binnen uw vakgebied (phonologie, toch?) bent u zich van dat alles zeer wel bewust.
    "Maar de telefoon is mijn reddingsboei, die me beschermt tegen ieder mogelijk moment van verveling." U bedoelt het ongetwijfeld wel goed, ironisch misschen, maar een blad papier en een potlood of een balpen zijn veel goedkoper, stimuleren je denkprocessen en bevrijden je van de terreur van de elektronica.
    PS: Ik wordt op trein of terras bijna altijd door iemand aangesproken wanneer ik een boek lees. Nooit wanneer ik met m'n tablet of laptop in de weer ben. Merkwaardig? 🙂
    Mvg,
    Patrick

Reacties zijn gesloten.