The Son of Jood

Door Marc van Oostendorp

Er is nu een maand voorbij sinds ik hier op een koude maandagochtend een stukje tikte over het woord Jood. Twee scholieren hadden me verteld dat ze het woord op school gebruikten (om precies te zijn, een vertelde het; de ander knikte), en op het Meldpunt Taal vond ik iemand anders die het meldde.

Dat was alles wat ik die maandagochtend te melden had. Het was koud en ik heb nog even getwijfeld of de wereld het wilde weten. Wat bleek: dat wilde de wereld! Na The Times of Israel, Al Arabiya en allerlei andere media blijkt het bericht deze week zelfs de nieuwspagina van het tijdschrift Onze Taal te hebben gehaald.

Ik kreeg ook allerlei interview-aanvragen van allerlei radiostations die graag wilden weten hoe het zat.
Die heb ik beleefd afgewimpeld. Ik had eigenlijk niets over Jood te vertellen, niet meer dan er in het stukje stond. Daar was geen “gedegen wetenschappelijk onderzoek” aan voorafgegaan en die indruk wilde ik ook niet wekken. Al is het maar omdat die media óók verscheurende monsters zijn die het graag uit je mond optekenen om je daarna te verscheuren omdat het niet wetenschappelijk bleek te zijn.

Wat weten we nu, nog altijd zonder wetenschappelijk onderzoek? Dat er meer theorieën zijn over het gebruik van het woord Jood (of joot) dan dat ik mensen ken die het woord gebruiken. Sterker, er hebben zich in deze weken wel allerlei mensen bij me gemeld die wisten hoe het gebruikt moest worden, maar niemand die ook iemand kende die het woord gebruikte. Het weblog GeenStijl heeft het woord één keer gebruikt, maar dat was na mijn stukje en duidelijk voor de grap.

Het betekent niet dat ik het mis had. Het betekent alleen dat het woord alleen in kleine kring gebruikt wordt. Het betekent ook dat ik een natuurlijke verspreiding van het woord waarschijnlijk verpest heb: door het woord in de openbaarheid te brengen, heeft het niet meer de onderscheidende functie.

Dat is allemaal niet erg – het was maar een observatie. Het is vooral enigszins verbazingwekkend om te zien hoe een paar regels die ik op maandagochtend heb getypt ineens belangrijk genoeg zijn voor Al Arabiya en Onze Taal. Daar zou je nou een interessant onderzoek naar kunnen doen: hoe Jood de wereldmedia veroverde.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.

2 reacties op The Son of Jood

  1. Bart Nieuwburg schreef:

    Maar vind je achteraf dan niet dat je koude-maandagochtend-stukje beter in de Maxima-categorie (beetje dom) had thuisgehoord? Er blijken twee-en-een-halve vindplaatsen te zijn (eentje knikte, die telt niet echt mee) maar toch schreef je dat het op scholen in Zuid-Holland wordt gebruikt, alsof honderden pubers elkaar dagelijks 'Jood!' toeroepen. Misschien had je je vondst nog even moeten laten rijpen.
    Aan de andere kant, de reactie van de media is inderdaad vermakelijk en laat weer eens zien dat sommige mensen de dingen graag wat overdrijven.

    O, voor de goede orde: ik geniet dagelijks van je artikelen, complimenten daarvoor.

  2. Maar ik zeg in dat stukje toch niet dat 'honderden pubers…' enz.? Het leek (en lijkt) me juist interessant om dit soort dingen te melden op het moment dat ze opborrelen, en niet alleen wanneer ze al ruim verspreid zijn. Ik begrijp wel dat ze pas in het laatste geval nieuwswaardig zijn (want dan zijn ze pas 'echt', om de een of andere reden), maar in het eerste geval zijn ze minstens zo interessant.

Reacties zijn gesloten.