Ze loop, ze kom

De verbuigings-e, dat is pas echt een teken dat wij Nederlandstaligen niet goed bij ons hoofd zijn. Wat voor zin heeft het dat zo’n stom e’tje verplicht is in een mooie jongen, in de mooie jongen, in het mooie meisje, maar dan ineens niet meer mag in een mooi meisje?

We zijn niet alleen. Welke taal je ook leert, verbuiging (mooi-mooie) en vervoeging (loop-lopen) zijn altijd een van de grote struikelblokken bij het leren van vreemde talen. Er is ook al veel onderzoek naar gedaan. Toch weet Loes Oldenkamp er in haar binnenkort in Nijmegen te verdedigen proefschrift een verrassende nieuwe invalshoek voor te vinden.

Een van de tot nu toe niet bestudeerde aspecten van de Nederlandse uitgangen is namelijk dat ze zo onopvallend zijn. Het zijn zo’n beetje de minst uitgesproken klanken van onze taal — de [t], de [d] en de [n] zijn kleine bewegingen met het puntje van de tong, de toonloze e is niet meer dan een stoot lucht uit een halfopen mond — die de inflectie van onze taal bepalen. Een zinloos verschil wordt dus gedragen door moeilijk te onderscheiden klanken.

Toch is die klankdimensie tot nu toe nauwelijks in het onderzoek betrokken. Daar brengt Oldenkamp nu verandering in. In een aantal aardige experimenten laat ze zijn dat Turken, Marokkanen en Chinezen die onze taal proberen te leren daarbij ook hinder ondervinden van klankmoeilijkheden.

Zo vindt ze dat Chinezen vaker de t ‘vergeten’ in zinnetjes als zij loopt, zij kookt of zij plakt dan in zij komt, zij wint of zij staart. Het verschil is dat de eerste drie werkwoordsstammen eindigen op een plofklank: bij de p of de k wordt de luchtstroom even tegengehouden voor hij met een plofje wordt losgelaten (vandaar de naam). De t is ook zo’n plofklank, maar de m, n en r aan het eind van de andere drie werkwoorden zijn dat niet.

Twee plofklanken na elkaar zijn minder makkelijk te maken en ook lastiger te horen. Nu eindigen Chinese woorden sowieso niet op twee medeklinkers, maar kennelijk maakt de extra moeilijkheid van zij loopt het toch met iets verleidelijker om dan maar zij loop te zeggen.

 

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , , , . Bookmark de permalink.