Er moet meer taal op de radio!

Een van de redenen waarom de Nederlandse radio niet veel doet met taalonderwerpen, is geloof ik dat het een ‘moeilijk’ onderwerp gevonden wordt. Wat natuurlijk onzin is: er is niets moeilijks aan taal. Iedereen gebruikt het iedere dag, en daar wordt meestal niet erg bij getranspireerd

Sport is bijvoorbeeld veel moeilijker, zowel om te doen – je moet er jaren keihard voor trainen en dat heb ik in het geval van taal eigenlijk nog nooit iemand zien doen –, als om erover te praten – het is verbazingwekkend hoeveel mensen weten over subtiele regels van hun sport, ingewikkelde transfers en allerlei clubpolitiek zonder dat ooit iemand komt zeuren dat het allemaal wel heel erg ingewikkeld is.

Je zou eigenlijk willen dat de nationale omroep daar tegenin ging. Een programma over taal hoeft niet veel te kosten en ook niet vreselijk ingewikkeld te zijn om te maken. (Bij de tv geldt altijd als probleem dat taal zo moeilijk te ‘visualiseren’ zou zijn. Dat ijkt me ook nonsens, maar je kunt niet in iedere oorlog tegelijkertijd strijden.)

En de onderwerpen liggen voor het opscheppen: een mooie reportagereeks waarin jarenlang een kind maandelijks gevolgd wordt in zijn taalontwikkeling. Opnamen van de beste verhalenvertellers en de mooiste toespraken van ons taalgebied. Interviews met oude mensen over de taal van hun jeugd. En natuurlijk almaar aandacht voor de interessantste ontdekkingen uit de taalwetenschap.

Veel geld hoeft het ook niet te kosten. Wanneer de publieke omroep, in zijn eindeloze geborneerdheid, besluit dat taal toch inderdaad ‘te moeilijk’ is voor de ‘doelgroep’, zou er een podcast gemaakt kunnen worden.

Wanneer je het handig aanpakt kan zo’n programma bovendien uitstekend lesmateriaal bieden voor gevorderde anderstalige studenten Nederlands. Je kunt met verschillende genres werken – monologen, tweegesprekken, sfeerreportages – en eventueel kun je een redactie luisteroefeningen (met meerkeuzevragen) laten maken op basis of een of meer onderdeel.

Een mooi maandelijks magazine zou het kunnen worden dat iedereen bijeenbrengt die het gesproken Nederlands liefheeft. De nieuwe Algemeen Secretaris (topambtenaar) van de Nederlandse Taalunie heeft aangekondigd dat hij vooral wil inzetten op voorlichting en communicatie. Zou voor het ontwikkelen van dit initiatief niet eens wat geld kunnen worden vrijgemaakt?

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.

5 reacties op Er moet meer taal op de radio!

  1. Boekenliefhebber schreef:

    Wat houdt Nederl tegen om zelf zo'n podcast in elkaar te boksen? Jullie redactie bundelt genoeg kennis en talent!

  2. Het is aardig dat je dat zegt, maar het is natuurlijk niet per se waar! Het maken van zo'n podcast vereist een aantal andere talenten dan het tikken van stukjes. (Verstaanbaar opnemen, goed interviewen, mogelijk ook monteren.) Maar wanneer zich mensen aanmelden om daarbij te helpen valt natuurlijk altijd te denken aan Radio Neder-L!

  3. Gaston Dorren schreef:

    In het Engels (Amerikaans) zijn er minstens twee mooie podcasts over taal: World in Words en Lexicon Valley – beide gratis te downloaden. World in Words is journalistiek van aard en gaat vooral over taal in de samenleving, in de VS en zeker ook elders. Lexicon Valley gaat per aflevering wat meer in op een taalkundig onderwerp, zonder veel straatrumoer. Beide programma's zijn naar mijn smaak, elk op zijn eigen manier, de moeite waard.

  4. Joop van der Horst schreef:

    Het gaat Marc, lijkt me, niet enkel om podcasts. Voor het welslagen van zo'n radioprogramma zal de actualiteit steeds belangrijk zijn. Eens per maand maakt er sowieso een weinig actueel programma van.
    Zoals men weet is er jaren lang zo'n programma geweest: aanvankelijk onder leiding van Jan Roelands, na zijn overlijden nog een poos o.l.v. Jannie Verheijen.
    Zelfs een bescheiden radioprogramma van 25 of 30 minuten per week vergt al twee a drie fulltime krachten (en een breed scala van specialisten die af en toe optreden). Dat is, ook voor radio, niet duur. Het probleem was destijds niet zozeer de kostprijs, als wel het te lage aantal luisteraars. Tsja, wat is "te laag"?
    Ik heb er circa 20 jaar aan meegewerkt; wat Marc schrijft kan ik enkel maar bevestigen.

  5. Je hebt gelijk: het hoort eigenlijk een dagelijks programma te zijn. Met Jannie Verheijen ben ik een jaar of tien geleden nog weleens de boer op geweest voor een plan dat een beetje leek op wat ik hier beschrijf. Het is niet gelukt. Inmiddels heeft ook de Wereldomroep zijn (veel bescheidener) taalprogramma stopgezet, simpelweg omdat die omroep helemaal geen programma's meer in het Nederlands mag maken. Maar af en toe kunnen we proberen wat te duwen en te trekken, in de hoop dat er ooit iets loskomt.

Reacties zijn gesloten.