Paan Paan Paan… Taan!

Hoe onderzoek je de taal van een kind van 4 maanden oud? In Nijmegen laten ze het naar een eindeloze rij plaatjes kijken, waarbij ze vertellen dat de ene een paan heet en de andere een taan. Zo’n kind vindt dat kennelijk in eerste instantie nog amusant ook en kijkt gespannen naar de eindeloze rijen panen en tanen.

En dan, op een bepaald moment, als de aandacht van het kind verslapt, grijpen de onderzoekers ineens in en laten een paan zien die ze ineens taan noemen, of omgekeerd. Spanning en sensatie! Bij zo’n verandering kijkt veel kinderen aantoonbaar ineens weer intensiever naar het scherm.

Althans, ze doen het soms wel en soms niet. Afgelopen vrijdag hield Paula Fikkert, de leidster van het onderzoeksteam, een inspirerende lezing in Leiden. Ze liet zien dat er een vreemde asymmetrie is: kinderen die een paan zien die ineens taan genoemd wordt, kijken op. Maar kinderen die een taan ineens een paan horen noemen, laat dit geheel koud.

Diezelfde resultaten waren al eerder gevonden voor oudere kinderen, van ongeveer anderhalf jaar oud. Maar nu blijken dus heel jonge kinderen al een vreemd verschil te hebben tussen die twee klanken.

Hoe zit dat in elkaar? De hypothese van Fikkert en de haren is ongeveer dat de [p] een geprononceerder klank is dan een [t]. Een jonge kind dat paan geleerd heeft, heeft dus echt [pa:n] geleerd. Wanneer ze dan ineens [ta:n] hoort, hoort ze echt iets anders en begint dus op te letten.

De [t] beschouwen jonge kinderen eerder als een restklank. Wanneer een kind taan geleerd heeft, onthoudt het dus eerder zoiets als [Xa:n], waarbij ze voor X net zo makkelijk t invult als p. Het maakt haar daarom ook niet uit als ze een keertje paan hoort.

Volgens Fikkert heeft het misschien te maken met de inherente variabiliteit van de klanken: een [p] maak je maar op een manier: lippen op elkaar en dan een plofje. Een [t] kun je op meer manieren maken: het puntje van je tong, dat je erbij gebruikt, kun je iets meer naar voor of naar achter zetten en dan krijg je nog steeds een [t].

Hoe zulke jonge kinderen, die eigenlijk nog geen woord kennen, dat soort dingen allemaal al weten, blijft een raadsel. Fascinerende materie.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Paan Paan Paan… Taan!

  1. RHCdG schreef:

    de spiegel draait haar raad
    en het waterzaad paant paant paant…

Reacties zijn gesloten.