Een laconiek gevoel voor taal

Lang leve Frank Jansen

Als er een nieuw nummer van Onze Taal in de bus ligt, hoop ik altijd dat er een artikel van Frank Jansen in staat. De Utrechtse taalkundige is onlangs zestig geworden. In het septembernummer van Onze Taal viert hij die verjaardag met een artikel over de kunst van het schrijven voor ouderen. Dat begint zo:

Een tijdje geleden, toen ik nog onder de 60 was, viel mijn oog op een advertentie van een Duits kasteelhotel. Je kon er door een sprookjesachtig landschap wandelen naar het klooster Oybin, “dat u onder andere ook met de Zitauer smalspoorbaan kunt bereiken.” Een aanlokkelijk aanbod, maar waarom die nadruk op de verschillende wegen naar dat klooster? Pas enkele zinnen verder, over tuin- en borduurwerktentoonstellingen en de huur van nordicwalkstokken, had ik het door. De advertentie was voor ouderen, de wandeltocht waarschijnlijk alleen een prikkel tot weemoedig terugblikken, en het treintje een hele geruststelling.

Na zo’n eerste alinea ben ik verkocht – wanneer dat ook voor u geldt, kunt u hier een abonnement nemen. In de eerste plaats is de observatie volkomen origineel; nog nooit heeft iemand deze specifieke kunst beschreven: hoe je de oudere lezer met het terloops noemen van een treintje geruststelt zonder hem al te nadrukkelijk te wijzen op het feit dat hij met één been in het graf staat.

En als iemand al zo’n observatie zou doen, zou hij er niet zo over kunnen schrijven. Iedere zin is prachtig. De licht absurdistische detaillering van de tuin- en borduurwerktentoonstellingen draagt daar aan bij, het licht archaïsche van aanlokkelijk, en het een beetje absurdistische van toen ik nog onder de 60 was (alsof de schrijver inderdaad onlangs een grote kloof is overgetrokken, zonder smalspoorbaan).

Jansen schrijft al tientallen jaren voor Onze Taal en altijd op deze manier: laconiek, mild-ironisch en met een ongekend taalgevoel. Zijn stukken hebben dan ook vaak iets autobiografisch, al is het maar ver op de achtergrond. Het gaat over dingen die hem opvallen, en hem valt vaak iets op. Tot een jaar of vijftien geleden had Jansen een wekelijkse taalrubriek in het programma TROS Nieuwsshow, waarvoor hij bij wijze van spreken alleen maar de krant hoefde te lezen om de ene vondst na de andere te doen. En een tijdlang schreef hij prachtige stukken over de taal van kookboeken.

Sinds het succes van Paulien Cornelisse willen uitgevers weer graag taalboeken uitgeven. Wat vreemd dat er nog niemand op het idee gekomen is om een bundel samen te stellen met de mooiste, tijdloze stukken van Frank Jansen over taal. Wat zou ik dat graag lezen. En wat verheug ik me intussen nu alweer op de komende tientallen jaren Onze Taal, met nog veel meer moois.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.