Die schat die de verkiezingen wint

In het Nederlands kun je, net als in de meeste andere talen binnen één taal vaak lastig terugverwijzen naar dezelfde persoon met een hele zelfstandignaamwoordsgroep. Je kunt bijvoorbeeld niet goed zeggen:

– Alexander Pechtold denkt dat ze de leider van D66 gaan uitnodigen voor hun feestje. (raar) 

Althans, zolang Pechtold zelf de leider van D66 is, klinkt die zin raar (zodra de politieke verhoudingen veranderen wordt hij volkomen acceptabel).
Je zegt dan liever Pechtold denkt dat ze hem gaan uitnodigen. (Ook de naam herhalen werkt zeer vervreemdend: Pechtold denkt dat ze Pechtold gaan uitnodigen.)

Er is één uitzondering: het werkt veel beter als de zelfstandignaamwoordgroep een positieve of negatieve karakterisering van de persoon geeft, een zogenoemd ‘epitheton’:

– Pechtold denkt dat ze die gek gaan uitnodigen voor hun feestje.  

– Pechtold denkt dat ze die schat gaan uitnodigen voor hun feestje.

Gisteren kreeg ik via de mail het proefschrift dat Pritty Patel de afgelopen jaren schreef aan het MIT in Cambridge. Het gaat over dit soort zinnen (maar dan met Sarkozy in de plaats van Pechtold) in een groot aantal verschillende talen.

Ik kreeg de afgelopen jaren af en toe een lange lijst met dit soort zinnen in het Engels, die ik dan vertaalde en voorzag van mijn oordeel. In haar proefschrift schrijft Patel dat het Nederlands veel meer mogelijkheden biedt voor dit soort zinnen, en hoewel ik lang niet haar enige Nederlandstalige informant was, voel ik me daar een beetje verantwoordelijk voor.

Toch zijn er wel beperkingen. Je kunt zo’n epitheton niet uitbreiden: meer dan die of dat en een zelfstandig naamwoord kan eigenlijk niet:

Pechtold denkt dat ze die schat, die binnenkort de verkiezingen wint, gaan uitnodigen voor een feestje.

Die zin suggereert toch echt heel sterk dat Pechtold het over een andere schat heeft. Het is net alsof je, wanneer je iemand in een ingebedde zin nogmaals noemt, de tweede keer zo min mogelijk informatie wil geven. Er kan alleen maar iets staan met zo min mogelijk informatie. Het geslacht kun je eventueel noemen (daar kun je met het verschil tussen hij en zij in onze taal nu eenmaal moeilijk omheen) en een korte kwalificatie kun je ook nog geven. Maar dan is het ook wel onherroepelijk afgelopen.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in taalkunde met de tags . Bookmark de permalink.