What’s in a name?

(door Sophie Reinders)



Je zult maar Henk of Ingrid heten. Zelfs hier in Lyon heb ik bij het horen van (een van) de namen meteen de associatie met het fictieve Nederlands echtpaar dat door Geert Wilders te pas en te onpas van stal wordt gehaald. Toen hij namens de Partij voor de Vrijheid zijn politieke programma presenteerde, stelde hij dat zijn partij het opneemt voor Henk en Ingrid, de “doorsnee Nederlanders”. Volgens De Telegraaf en RTL Nieuws wonen Henk en Ingrid in een koophuis in een Vinex-wijk, hebben ze twee schoolgaande kinderen, een modaal inkomen en allebei een baan. Ze maken regelmatig gebruik van hun auto en stemden ooit PvdA maar nu PVV. Henk en Ingrid vrezen dat ze minder kansen krijgen dan allochtonen en dat zij moeten opdraaien voor de economische crisis.
Eerder had Wilders het overigens over ‘Henk en Anja’ toen hij in een debat met Wouter Bos stelde dat “Henk en Anja zouden betalen voor Ahmed en Fatima”. Toen Wilders Henk en Ingrid aanhaalde in een later debat in de Tweede Kamer vroeg Mariëtte Hamer waar Anja gebleven was. Dit geeft al aan hoe willekeurig de namen Henk en Ingrid gekozen zijn. 

Het duo is vaak onderwerp van satire. Op http://www.henkeningrid.org/ wordt Henk en Ingrid, op een Loesje-achtige manier grappig bedoelde teksten in de mond gelegd en in een uitzending van Koefnoen werd het overlijden van Henk en Ingrid aangekondigd. Maar ook in serieuze berichten komen we de namen continu tegen: ‘Wilders legt rekening bij Henk, bij Ingrid en bij de AOW’ers’ (Trouw); ‘Henk en Ingrid poot uitgedraaid’ (AD); ‘Rutte vraagt zich af of Henk en Ingrid ‘prematuur’ in tweet Wilders wel begrijpen’ (de Volkskrant), enz. Hierdoor zal inmiddels vrijwel elke Nederlander de namen associëren met de boze, blanke PVV-stemmers.

Maar wat ‘betekenen’ de namen Henk en Ingrid eigenlijk? Als we ‘Ingrid’ in de Nederlandse voornamenbank van het Meertens Instituut intypen, vinden we de volgende omschrijving:

Scandinavische naam. Het eerste lid van deze naam hangt samen met de naam van de stamgod der Inguaeonen (zie ing- en vergelijk Engbert); het tweede element kan het Oudnoorse woord voor ‘schoon’ zijn. In de Germaanse mythologie was het een Walkurennaam. De naam kreeg mede bekendheid door de Zweedse actrice Ingrid Bergman (1915-1982).

En op http://www.behindthename.com/ Vinden we de volgende omschrijving van de naam ‘Henk’: GENDER: Masculine; USAGE: Dutch; Dutch short form of HENDRIK. En ‘Hendrik’ betekent volgens de voornamenbank:

Tweestammige Germaanse naam, een van de frequentste Germaanse namen. Het is moeilijk het eerste lid geheel bevredigend te verklaren […] het tweede lid betekent ‘machtig’ (zie -rik-). Na Hendrik de Vogelaar (gestorven 938) is het een veel voorkomende Duitse keizer- en koningsnaam. Zijn verbreiding heeft hij vermoedelijk gekregen door Hendrik II, de Heilige (1002-1024), stichter van het bisdom Bamberg in Beieren en van verschillende kloosters. […] In totaal zeven Duitse keizer droegen de naam. Ook elders kwam hij als vorstelijke en aanvankelijk vooral aristocratische naam veel voor.

Overigens is het wel opvallend dat de namen allebei rond 1960 op hun hoogtepunt waren. Henk en Ingrid zijn dus prototypische leeftijdsgenoten van Wilders (1963). In die zin zijn ze wellicht iets minder willekeurig gekozen dan gedacht (ook de eerder gekozen naam ‘Anja’ piekt rond 1960).

Kan het kwaad dat namen bepaalde associaties oproepen? In principe niet. Ik denk dat iedere aanstaande ouder bepaalde kindernamen wegens negatieve associaties vermijdt: ‘geen Janneke, er zat zo’n vervelende Janneke in mijn klas’; ‘nee, geen Jasper, want zo heette mijn vervelende ex met smetvrees’. Dit zijn onschuldige, particuliere voorbeelden, maar hoe pijnlijk het uit kan pakken als namen een connotatie krijgen die en masse – ook door de media – in stand wordt gehouden, werd de afgelopen weken duidelijk toen de 64-jarige Aziz Kara na elf dagen coma overleed aan zijn verwondingen na een geëscaleerde burenruzie. De verdachten heten Henk en Ingrid. Zoon Deniz Kara zei over de dodelijke vechtpartij: ‘Of het een racistische daad was weet ik niet. Wat ik wel weet is dat zij het op mijn ouders hadden gemunt puur vanwege hun Turkse afkomst.’
Als Henk en Ingrid Johan en Liselotte hadden geheten, hadden de media het schrijnende voorval waarschijnlijk afgedaan als een uit de hand gelopen burenruzie en waren wij het inmiddels al lang weer vergeten. Nu was het koren op de molen van columnisten en deden reaguurders er op blogs en twitter nog een lollig schepje bovenop. Elsevier kopte met ‘Henk en Ingrid verdacht van doodslaan Turkse buurman’ en Revu publiceerde het artikel ‘Hoe Henk en Ingrid Aziz doodsloegen’.
Bas Heijne schreef ooit in zijn column in NRC dat Geert Wilders is uitgegroeid tot een nationale obsessie. Maar, schrijft Heijne, als je doorvraagt bij voor- en tegenstanders dan blijkt dat die hem eigenlijk allemaal met een korreltje zout nemen. Hij is heus geen Hitler en zal ook niet alle moslims deporteren. Heijne vervolgt: ‘Dat is opmerkelijk: aan de ene kant de volledig ontspoorde taal van Wilders zelf, die losstaat van de werkelijkheid (in de naam van ‘benoemen’ natuurlijk), aan de andere kant de steile waarschuwingen tegen die taal van woede en ressentiment door zijn tegenstanders, met voortdurende verwijzing naar de jaren dertig en het opkomende fascisme. Intussen is het opkomend fascisme even ver weg als het Koranverbod.’ De reacties rondom het geweld tegen Aziz Kara waren gespeend van dat korreltje zout waar Heijne het over heeft. Zo lezen we een in een reactie op de site van Revu bijvoorbeeld:

En bedankt Wilders dat je met je giftige taal randdebielen en asocialen zover beinvloed hebt, dat dit soort primitieve en rampzalige voorvallen kunnen gebeuren! M’n innige deelneming naar het getroffen gezin!!!

Het lijkt mij voor de nabestaanden van de doodgeslagen Aziz Kara diep triest en onnodig kwetsend dat de zinloze dood van hun man en vader aangegrepen wordt om een politieke partij voor het blok te zetten. Maar het is een lastige kwestie. Enerzijds staat de PVV natuurlijk niet achter mishandeling een moord, anderzijds blijft het ontoelaatbaar dat Wilders racistische, xenofobe taal uitslaat en – daarbij flink geholpen door de media – een maatschappelijke groepering demoniseert en uitsluit. Daar past misschien geen relativisme, maar het kan geen kwaad af en toe – en zeker in dit geval – te bedenken dat Henk en Ingrid twee door Wilders vrij willekeurig gekozen namen zijn. In Shakespeare’s lyrische verhaal over “A pair of star-cross’d lovers” zijn de verliefde Romeo Montague en Juliet Capulet vanaf het begin verdoemd als leden van twee strijdende families en zegt Juliet:

“What’s in a name? That which we call a rose

By any other name would smell as sweet.” (II, ii, 1-2)

Oftewel: een naam is een artificieel en betekenisloze conventie en Juliet houdt van de persoon die “Montague” genoemd wordt, niet van de naam Montague en niet van de Montague-familie. 
Romeo verwerpt in het stuk zijn achternaam en geloften voor Juliet​​, ontkent zijn vader en wil in plaats daarvan “nieuw gedoopt” worden als minnaar van Juliet. De Henk en Ingrids in Nederland kunnen natuurlijk niet zomaar afstand nemen van hun naam, ze leven niet in fictie. Wat we als samenleving – inclusief de media – kunnen doen, is de associatie die Wilders consequent op de namen plakt, geen breder podium geven. Laten we ons bedenken dat voor de Zweden Ingrid eerder verwijst naar Ingrid Bergman dan naar een boze, blanke Nederlandse in een Vinex-wijk. Henk is voor velen een naam van koningen en vorsten, niet per se een licht kalende autochtone man uit Almere Buiten. Henk en Ingrid mishandelden Aziz Kara niet vanwége hun naam of dóór Wilders. Laten we niet te lang stilstaan bij de in principe betekenisloze namen, zodat er ruimte komt om stil te staan bij het zinloze geweld.


(Voor wie benieuwd is hoe Wilders met zijn taalgebruik het politieke debat ‘framet’, lees Jan Kuitenbrouwer De woorden van Wilders & hoe ze werkendat eindigt met een veertig bladzijden tellend lexicon van de meest gebruikte en meest opmerkelijke woorden van de politicus waaronder ‘het Kalifaat van de Multicul’, ‘overlegpaleizen’, ‘heimweeschotels’, ‘Rabat aan de Rijn’ (Rotterdam), ‘Islamisering’ en de recent aan het Nederlands idioom toegevoegde ‘kopvoddentaks’. Henks en Ingrids die zich niet kunnen vinden in associaties die dankzij Wilders aan hun namen kleeft, kunnen hier steun bij elkaar vinden.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , , . Bookmark de permalink.