Willem Kuiper: Voorspelbretels (Column 89)


Een kleine 20 jaar geleden werd ik gebeld door iemand van het computergebeuren binnen het PC Hoofthuis UvA. Zijn naam kon ik mij nog herinneren: Harm van Beek. (Voorlopig hoef ik mijnheer Altzheimer geen hand te geven.) Hij was mijn naam tegengekomen in een nieuwsbrief die op Internet verspreid werd. Of ik geïnteresseerd was? Nou dat was ik.
    Dankzij de inmiddels wegbezuinigde vakgroep ‘Alfa informatica’ beschikte het PCH over een kleine VAX, en die werd te weinig gebruikt. Het PCH was nog niet aan de beurt voor een PC voor elke medewerker. Dat kwam pas jaren later. In een voor het publiek toegankelijke ruimte stond een terminal en daar kon je inloggen. Hoe dat werkte, werd mij uitgelegd door Jeannet Bierling. Zij heeft mij leren e-mailen en FTP-en.
    Mijn naam was genoemd in een aflevering van de Internet-nieuwsbrief Neder-L. Die werd vanuit het Universitair Rekencentrum van de Katholieke Universiteit Nijmegen de wereld ingestuurd door Ben Salemans. Ben was onder andere geïnteresseerd in computers en letteren, en had vanuit die belangstelling kennis genomen van mijn proefschrift Die Riddere metten Witten Scilde, dat ik met WordPerfect, AskSam en Pascal als onderzoeksinstrumenten op de PC, verdedigd had in september 1989.
    Toen ik dankzij zelfgemaakte checklisten wist in welke volgorde ik welke commando’s moest invoeren – want die verschilden per programma – heb ik mij op enkele listservers geabonneerd. Om daar weer razendsnel mee op te houden. Die listservers waren Twitter avant la lettre. Als iemand die op de lijst stond iets ‘postte’ dan werd dat bericht bij alle aangesloten abonnees bezorgd. Meestal was de inhoud ‘sociaal’: waar je moet gaan eten als je daar en daar bent. Heel interessant maar niet voor mij.
    Neder-L was een verademing, want dat werd gemodereerd. Ben Salemans verzamelde berichten en publiceerde die in een bulletin dat aanvankelijk twee keer per maand verscheen, later drie keer. Daar kon je je gratis en voor niks op abonneren en zo werd je via e-mail op de hoogte gehouden van wat er zoal gebeurde binnen de (digitale) neerlandistiek.
    Eenmaal gewend stuurde ik ook wel eens een bericht in, en van het een kwam het ander: Ben vroeg mij of ik columns in Neder-L zou willen schrijven. Daar ben ik op ingegaan. Dit is de 89ste. Tot dan toe was ik redacteur geweest van Spektator, tijdschrift voor Neerlandistiek, maar de subsidiegever was van mening dat algemeen neerlandistieke tijdschriften hun tijd gehad hadden. Ook De nieuwe taalgids moest verdwijnen. Als ik dat per se gewild had, had ik kunnen toetreden tot de redactie van het nieuwe tijdschrift Nederlandse Letterkunde, maar dat heb ik nooit serieus overwogen. Ben ook niet gevraagd 😉 Ik zag meer in Neder-L en heb daar nooit spijt van gehad.
    Niet veel later hield ook Dokumentaal op te bestaan, voor mij een reden om Piet Verkruijsse te vragen zijn akademisch nieuws nu via Neder-L te verspreiden. En zo geschiedde. Naast Nijmegen waar Ben Salemans en Peter-Arno Coppen beeldbepalend waren, was er nu een dependance boven de grote rivieren.

Enkele jaren geleden zijn wij overgegaan op dit blog-formaat. Daardoor zijn wij wat lezers kwijtgeraakt, die nu Neder-L niet meer in hun e-mail inbox vonden, maar op Internet op zoek moesten gaan naar http://nederl.blogspot.nl/ Dat was voor sommigen te veel gevraagd. Moet ook toegeven dat de overgang door ons niet optimaal begeleid werd.
    Het was even wennen, maar nu ik weet hoe het werkt ben ik zo blij als blik met dit nieuwe ‘format’. Omdat ik niet aan Facebook en Twitter doe, heb ik geen volgers. Dat is duidelijk te zien in de Neder-L statistieken die ik dagelijks bijhoud. Ook zie ik dat er relatief weinig lezers zijn met een historische letterkundige achtergrond en belangstelling. De aandacht van de doorsnee Neder-L lezer lijkt toch vooral uit te gaan naar actueel taalgebruik.
    Wat dat betreft zou ik veel meer pageviews genereren met een koddig stukje over een Oranje attribuut dat mijn bovengemiddeld taalgevoelige echtgenote in ‘de’ Albert Heijn ontwaarde: voorspelbretels. Het is maar waar je de klemtoon legt. Als nu alle vrouwelijke fans een Bavaria-jurkje aantrekken en de mannelijke fans zich in hun voorspelbretels hijsen dan kan het over een paar dagen nog een leuke boel worden.

Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags , . Bookmark de permalink.