Zomaar een gesprekje in crisistijd

(22 maart 2012; de sprinter van Amsterdam Zuid naar Leiden. Het treinverkeer is al de hele dag ontregeld. Een conducteur treedt de coupé binnen. Een reiziger kijkt sikkeneurig.)

-Goedenavond.
– Nee hoor, het is twee minuten voor zes, dus u moet zeggen: goedemiddag.
– Nee, ik wil zeggen: goedenavond!
– Heus, meneer, het klokje op mijn telefoon staat uiterst nauwkeurig afgesteld. kijk maar.
– Maar vind u het nu echt fijner als ik u voor twee minuten een goede middag toewens, dan wanneer ik uw hele avond van zes uur lang prettig wil laten zijn?
– U bent een wijsneus, wist u dat? Goedemiddag zeg je nu eenmaal tussen twaalf en zes, en goedenavond van zes tot twaalf.
– En wat zegt u daarna?
– Nou, goedemorgen natuurlijk. Wat moet je anders zeggen?
– Dus u zegt om half één ’s nachts al goedemorgen? Die morgen duurt dus twaalf uur? Waarom niet goedenacht?
Goedenacht zeg je als je maar bed gaat.
– Ook als u hele nacht hebt doorgewerkt en om kwart voor zes naar bed gaat?
– Als ik om kwart voor zes naar bed ga heb ik dus niet de hele nacht doorgewerkt.
– Wie is er hier een wijsneus? Met u valt niet te praten. Goedemiddag!
– U bedoelt goedenavond, het is inmiddels twee over zes.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie. Bookmark de permalink.