Waarom mensen sneller praten als je ouder wordt

De afgelopen weken mocht ik in Leiden een Studium Generale geven. Wat komen daar toch leuke mensen op af! Over het algemeen wat oudere mensen die alle tijd en geduld hebben, die vriendelijk naar de spreker glimlachen terwijl hij praat maar niet bang zijn om na afloop ook wat kritische vragen te stellen!

Tijdens de vragenronde aan het eind kwam één aspect, dat ik tijdens de colleges helemaal niet behandelde, steeds weer terug. Iedere keer was er wel iemand die vroeg of het waar was dat Nederlanders steeds sneller zijn gaan praten. Matthijs van Nieuwkerk werd erbij gehaald, de zaal leek het erover eens, ja, er wordt steeds sneller gepraat in Nederland, binnenkort komt de dag dat jongeren hun zin afhebben voordat ze hem begonnen zijn, dan is de taal een neutrino geworden, maar ik kon weinig anders zeggen dan dat zoiets moeilijk te meten is: of men op de tv in de afgelopen 50 jaar wat sneller is gaan praten valt misschien nog te doen wanneer je voldoende oude opnamen vindt — helaas is er heel veel weg van 50 jaar geleden —, maar hoe bepaal je hoe snel mensen vroeger spraken?

Na afloop van de laatste lezing kwam er gelukkig een heer naar voren met een waardevolle suggestie, een emeritus-hoogleraar medicijnen. De heer had onderzoek gedaan naar de werking van het gehoor en hij legde uit dat tijdens het ouder worden het gehoor gaandeweg trager wordt: de haarcellen die de luchttrillingen op moeten vangen worden strammer, en daardoor worden klanken die elkaar snel opeenvolgen minder makkelijk te onderscheiden.

Het is nooit echt onderzocht, zei de heer, maar het ligt voor de hand dat de gedachte dat iedereen sneller gaat praten gehoorbedrog is: naarmate we ouder worden luisteren we langzamer.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie. Bookmark de permalink.

10 reacties op Waarom mensen sneller praten als je ouder wordt

  1. Harry Perton schreef:

    In oude radio-opnamen van bijvoorbeeld Colijn, De Geer en koningin Wilhelmina hoor je ze heel langzaam en nadrukkelijk en goed articulerend spreken. Maar dat was de sprekers ook ingegeven door de praktijk bij het spreken voor een menigte in de buitenlucht, zonder veel geluidsversterkende middelen.

  2. Ja, dat sprekers in het openbaar vroeger langzaam spraken, dat is wel zeker. De vraag is hoe het in het privé-verkeer toeging.

  3. Anoniem schreef:

    Ook al zou het zo zijn dat het gehoor tijdens het ouder worden trager wordt, dan nog of juist daarom zou het van fatsoen en goede manieren getuigen als mensen die iets in het openbaar te vwertellen hebben, dat rustig en goed articulerend doen.
    Tijdens mijn aktieve loopbaan diende ik ook vaak mondeling en telefonisch te communiceren.
    Ik deed dat bedaard en goed articulerend omdat de praktijk mij leerde dat ik anders mijn boodschap moest herhalen.
    Momenteel is het kennelijk modieus en kek om zo snel mogelijk te spreken waarbij mompelen ook nog toelaatbaar is.

  4. Anoniem schreef:

    Anoniem Mar heeft gelijk. Toen ik 40 jaar geleden als docent aan een mavo les gaf, naar een gehoorspecialist ging, omdat ik vond dat ik de lieve jeugd van toen moeilijk kon verstaan, antwoordde hij me na een grondig onderzoek: Uw gehoor is niet perfect, maar leer de jeugd maar duidelijk en rustig te spreken, dan leert u ze misschien meer dan enkele Duitse rijtjes te kunnen opzeggen. Gehoorapparaten was ik nog niet aan toe.

  5. Anoniem schreef:

    Puur dom geklets.

    Waarom lijden ze bij de Nederlandse zenders in Vlaanderen dan niet aan de ratelziekte en wel in Hilversum? De Brusselse en Hilversumse omroepen worden ouderen met dezelfde oren beluisterd. Vergelijk het VRT-journaal met net NOS-journaal.

    Vlaamse omroepmederwerkers ARTIKULEREN en in Hilversum is men vergeten; daar brabbelt men binnensmonds een dialect dat het midden houdt tussen Goois, Leids en Rotterdams.In Vlaanderen spreekt men Nederlands en bij de NOS en de publieke omroepen een lelijk Hollands dialect.

    Zij alle Vlamingen dan hoogbejaard, omdat ze vroeger wel zonder ondertitels naar Hilversumse uitzendingen keken en nu (terecht) ondertitels nodig hebben.

  6. Anoniem schreef:

    Puur dom geklets en smoesjes van mensen die het uit luiheid verdommen om hun lippen te bewegen.

    Waarom lijden ze bij de Nederlandse zenders in Vlaanderen dan niet aan de ratelziekte en wel in Hilversum? De Brusselse en Hilversumse omroepen worden door ouderen met dezelfde oren beluisterd. Vergelijk het VRT-journaal met het NOS-journaal.

    Vlaamse omroepmedewerkers ARTIKULEREN en in Hilversum is men dat vergeten wat dat is; daar brabbelt men binnensmonds een dialect dat het midden houdt tussen Goois, Leids en Rotterdams. In Vlaanderen spreekt men Nederlands en bij de NOS en de publieke omroepen een lelijk Hollands dialect.

    Zijn alle Vlamingen dan hoogbejaard, omdat ze vroeger wel zonder ondertitels naar Hilversumse uitzendingen keken en nu (terecht) ondertitels nodig hebben.

  7. Ik begrijp uw reactie niet. Wie zijn die mensen die het 'verdommen om hun lippen te bewegen'. Niet de arts die mij aansprak, dat verzeker ik u. Ikzelf geloof ik ook niet, ik beweeg mijn lippen zelfs erg graag. Trouwens, al die mensen die te snel praten, die zullen dat toch ook niet uit luiheid doen?

    Dat Vlaamse omroepmedewerkers anders spreken dan hun Nederlandse collega's zal niemand ontkennen – maar die observatie dreigt weinig bij aan de vergroting van ons inzicht in de vraag of we nu sneller spreken dan vroeger.

  8. Coen Winkelman schreef:

    Enkele onderzoeken kunnen enig licht werpen in deze discussie. De gemiddelde spreeksnelheid bij volwassenen is 4,4 lettergrepen per seconde (R.Boey, 2000), deze komt overeen met een prettige 'luisterbaarheid': sneller spreken wordt door de gemiddelde luisteraar als vermoeiend ervaren. Snel sprekende docenten bijvoorbeeld verliezen dan gemakkelijk de aandacht van leerlingen/studenten. Interesse in het onderwerp, voorkennis, concentratievermogen en intelligentie zijn variabelen bij de luisterbaarheid. Voor degene die bijvoorbeeld op het puntje van zijn stoel naar zijn favoriete snel sprekende cabarettier luistert zal weinig grappen missen, ook al lacht hij met de massa mee als de clou hem ontgaat…
    Mijn professionele oren constateren eveneens een verloedering van de gesproken taal, het zit een beetje in de jachtige tijdgeest. Door het hoge spreektempo vallen veel lettergrepen weg: ministeries worden misteries – niet geheel bezijden de waarheid…- politici wordt politie en politie wordt pliesie. Veel nieuwslezers en weerlieden vergeten de klemtoon op de betekenisdragende woorden te leggen en hebbende voorkeur voor voorzetsels: '…en de temperatuur komt BIJ het vriespunt IN de buurt'. Bij mediatrainers leven deze aspecten kennelijk niet, hier is nog veel winst te halen!

  9. Anoniem schreef:

    Beste Coen Winkelman,

    Ik ben erg geinteresseerd in het 'concept' luisterbaarheid. Wanneer je mij op eventuele bronnen kunt wijzen dan houd ik me zeer aanebvolen. Vooral de link met het onderwijs, de docent dus, is iets waar ik veel over wil weten.

    Bij voorbaat dank,

    Gosse Romkes (tweedegraads lerarenopleiding)

    g.romkes@hr.nl

  10. Anoniem schreef:

    Het is nog steeds te volgen maar het kost veel energie om gesproken tekst te begrijpen. Iets minder snel voor elke spreker op podium. Op tv graag ondertiteling.

Reacties zijn gesloten.