Col: I wish for a puppy.

"Waarom zouden lezers van regionale kranten en De Telegraaf, kijkers van Ik Hou van Holland, The Voice of Holland, Boer Zoekt Vrouw en Flikken Maastricht zich bewegen in een omgeving met steeds meer Engels?" Het is een interessante vraag die de journaliste Marcia Luyten stelt in de opiniebijlage van NRC Handelsblad van gisteren (pagina 1, pagina 2). Helaas geeft ze geen antwoord op die vraag.

Wat voor voorbeelden heeft ze van dat Engels? Het gaat vooral om reclame. Esprit heeft borden met de tekst I wish for a puppy, maar er is alleen een oppervlakkig begin van een analyse: de samenleving wordt commerciëler, en de taal van de commercie is het Engels. Volgens Luyten leidt het gebruik van het Engels in onze samenleving tot ‘vervreemding’. Om die reden doet ze een oproep tot radicale ‘taalpolitiek’. Als we maar "zouden durven", dan "zouden we bevorderen dat het Nederlands met nadruk en liefde zou worden gebruikt; door winkeliers die uitverkoophouden [in plaats van sales] en door een premier die zegt dat een minister zijn eigen afweging kan maken" in plaats van zijn mind opmaken.

Het is moeilijk te geloven dat iemand zoiets serieus naar voren brengt. De maatregelen die nodig zouden zijn om te bepalen hoe bedrijven of individuele politici zich al dan niet uitdrukken, zouden draconisch zijn en zich moeilijk verdragen met een democratische samenleving. Luyten gaat dan ook verder niet in op de precieze implementatie van haar voorstel.

Ondertussen is haar oorspronkelijke vraag daarmee nog steeds niet beantwoord. Hoe komt het dat zoveel bedrijven en enkele politici zich in het Engels uitdrukken? Waarom pikken de mensen dat? En waarom zijn mensen minder tolerant tegenover het Arabisch en het Turks?

Er is weinig reden om te denken dat ‘de commercie’ het Engels met geweld aan ons opdringt. De commercie heeft weinig belang bij het Engels of enige andere taal. Wanneer er enorm gemor zou ontstaan, zou ‘de commercie’ zich heus wel aanpassen.

Het valt op dat veel van de slogans die Luyten meldt zo oppervlakkig zijn. Een zin als I wish for a puppy bevat niet veel cruciale informatie die nodig is bij het kopen van een truitje. Het is denk ik ook niet voor niets dat de tv-programma’s en de kranten die Luyten noemt allemaal in het Nederlands zijn (afgezien in een enkel geval van de titel). Er worden in Nederland geen Engelstalige tv-programma’s gemaakt.

Het Engels heeft in onze samenleving niet veel meer dan een decoratieve functie. Het maakt dat je product er leuk en hip uitziet, maar wat het betekent, doet er niet toe. Dat is ook meteen een groot verschil met de talen die PVV-stemmers (volgens Luyten) wel verafschuwen, zoals het Arabisch en Turks, die een veel duidelijker rol spelen in het dagelijks leven van veel mensen.

Tegen het Engels op de reclameborden verzetten de mensen zich niet om dezelfde reden waarom ze zich niet verzetten tegen het feit dat de modellen op de reclameposters irreëel mooi zijn: het heeft met hun dagelijks leven weinig te maken en het raakt ze daardoor niet. De kijkers van The Voice of Holland delen de zorgen van Marcia Luyten niet en dat lijkt me terecht. Voor een “gedurfde” taalpolitiek zoals zij voorstaat, is geen reden.

Marc van Oostendorp

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW) en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in geen categorie. Bookmark de permalink.