Age: Oratie Els Stronks, dinsdag 10 januari 2012, Universiteit Utrecht

Loden letters, digitale dartels

Academiegebouw, Universiteit Utrecht, dinsdag 10 januari 2012, 16.15 uur

De net uitgebrachte film Nova Zembla is bewijs voor de stelling die verdedigd wordt in de oratie van Els Stronks, hoogleraar Vroegmoderne Nederlandse letterkunde aan de Faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht: er zit toekomst in de combinatie van historische teksten en digitale technieken. De film laat een nieuwe omgang met oude verhalen zien, een herlezing van een historische tekst met behulp van digitale technieken.

De 3D-technieken waarmee filmmaker Reinout Oerlemans groots uitpakt, dienen de heldenmoed van de overwinteraars op Nova Zembla bijna tastbaar te maken voor modern publiek. Die heldenmoed is legendarisch geworden dankzij het zestiende-eeuwse reisverslag van Gerrit de Veer en een twintigste-eeuwse schoolplaat van de door de Gouden Eeuw gefascineerde J.H. Isings. De schoolplaat van Isings maakte op Oerlemans een onvergetelijke indruk. En zo hebben we nu via een lange lijn van tekstuele en visuele tradities een moderne film waarin de reis van Willem Barentsz. geadverteerd wordt als ‘Hollands heldenepos’, en waarin digitale effecten voor een nieuwe onvergetelijke sensatie moeten zorgen.

Hoever kunnen deze ontwikkelingen – ontstaan uit de opkomst van digitale technieken – reiken? In Stronks’ oratie wordt betoogd dat het vak van de literatuuronderzoeker verrijkt en verbreed kan worden door digitale technieken, als we in het universitair onderwijs meer aandacht aan digitale geletterdheid besteden. Onderzoekers van historische teksten zouden voldoende vertrouwd moeten zijn met digitale technieken om kwaliteitsstandaarden van digitalisering te bepalen, om optimaal gebruik te maken van de bestaande mogelijkheden, en om mee te denken over toekomstige ontwikkelingen.

Als we historische teksten en digitale technieken weten te combineren, kunnen historische teksten blijvende toegang tot relevante kennis en ervaring uit het verleden bieden. Kennis bijvoorbeeld over de invloed die verhalen over historische helden op een samenleving kunnen uitoefenen. Of kennis over de macht vaneen enkel goed gekozen woord: op het juiste moment gevonden en opgeschreven, kan zo’n woord onze werkelijkheid gaan sturen en vormen.

Of kennis over het aanpassen aan nieuwe media. Op dit punt is er sprake van een interessante parallel tussen onze tijd en de Gouden Eeuw. In de eerste eeuwen na de uitvinding van de boekdrukkunst konden voor het eerst op grote schaal teksten worden gedrukt en gelezen. Het lezen van oude drukken geeft nu een sensatie van traagheid en stabiliteit, opgeroepen door het besef dat elke loden letter met de hand werd gezet. Maar indertijd waren uitgevers, drukkers, schrijvers en lezers driftig op zoek naar grip op de speelse mogelijkheden van dat nieuwe medium. Een situatie die zo verdacht veel lijkt op onze zoektocht naar digitale geletterdheid, dat zij ons mogelijk kan helpen die zoektocht richting te geven.

Dit bericht is geplaatst in geen categorie met de tags . Bookmark de permalink.