Gedicht: E. du Perron – Bij wijze van haat

Bij wijze van haat

Dit is de bank, hier komen de oude mensen,
deez’ dag is schoon, ook voor ’t verkalkt gebeent.
Hier gaan wij zitten, dromerig vereend,
en hun oud hart zal doodlijk ons verwensen.

Hun oude hart, dat nimmer wou verflensen:
’t kent haat en liefde en bloedt nog – en dat meent
te kloppen voor elkaar tot het versteent!
Laat hen doorstromplen, pruttelen en drenzen.
Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged , | Een reactie plaatsen

Liederen van Bredero in een Haarlems handschrift uit 1611

Door Ad Leerintveld

Veel literair werk uit het begin van de zeventiende eeuw is ontstaan in het clubverband van de rederijkerskamer. Bredero was vanaf 1611 lid van de Amsterdamse kamer ‘D’Eglentier’.

Helaas zijn er van Bredero maar bitter weinig eigenhandig geschreven teksten overgeleverd. Garmt Stuiveling heeft ze in zijn Memoriaal van Bredero gereproduceerd. Beroemd is Bredero’s bijdrage van 4 juli 1618 in het album amicorum van Ernst Brinck.

Maar ook handschriften uit het begin van de zeventiende eeuw die niet door Bredero zelf zijn geschreven, kunnen ons iets leren over deze grote Amsterdamse dichter. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , | Een reactie plaatsen

Kust andere borsten en denkt aan de mijne

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (185)
De laatste 14 afleveringen van deze reeks zijn gewijd aan 14 gloednieuwe, speciaal voor deze reeks geschreven sonnetten door hedendaagse Nederlandse en Vlaamse dichters.

Door Marc van Oostendorp

Queeste

Valencia lokt hem naar haar kathedraal
ontbloot voor zijn ogen het hart van de stad
haar gotische poort en haar heilige graal
die eenmaal gevonden geen waarde meer had.

Hij hangt de toerist uit en kuiert langs pleinen
die aangenaam stralen in laatwinterlicht
kust andere borsten en denkt aan de mijne
die wit zijn en heilig en altijd uit zicht.

En ik die al veertien jaar woon in gezangen
mijn liefdesverklaringen schreef in de wind
vanwaar raak ik plots in de ban van dit wrange

besef dat ik mij op een tweesprong bevind?
En hoe kom ik af van dit bange verlangen
naar rijtjeshuis, echtgenoot, kind?

(Mieke van Zonneveld)

Wie sommige hedendaagse dichters flink bang wil maken, moet ze vragen om een sonnet te schrijven. Mijn plan om het aan veertien van hen ook echt te vragen, bleek menige virtuele angstige blik op te leveren: moesten ze nu per se aan het rijmen gaan? Zou ik niet boos worden als het metrum niet helemaal lekker liep? Soms stuurde iemand me een paar weken voor de deadline nog een noodkreet: zo’n strakke vorm, dat ging echt niet lukken.

Steeds liet ik de bedrukten weten dat mijn vraag alleen maar was om een “sonnet” en dat ik ervan uitging dat niemand beter weet wat dat precies voor een ding is, aan het begin van de eenentwintigste eeuw, dan de dichters. Het einde van deze lange, lange reeks is vooral een onderzoek naar wat dichters nu nog denken bij het gedicht. En zoals jullie de komende weken zullen merken: met rijm of metrum heeft dat weinig te maken. Het enige vaste aan de vaste vorm zijn, zo lijkt het wel, de veertien regels. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , , , | 2 Reacties

Gedicht: Dana Hokke – Zaliger & Kenmerk

Zaliger

Ik wens mij de dood niet
een langzame leegte
van weten
afweziger leven,

noch een steen mijn hart
zinkend in duister
onverhoeds
wijder golvend.
Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Repertorium van teksten in het Handschrift-van Hulthem (1999) nu downloadbaar

Door Karina van Dalen-Oskam

In 1999 publiceerden Greet Jungman en Hans Voorbij het Repertorium van teksten in het Handschrift-van Hulthem: hs. Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België, 15.589-15.623 bij Uitgeverij Verloren. Een papieren boek voor de inleidende teksten, met achterin een CD-rom met het Repertorium. Hier waren alle mogelijke gegevens te vinden over alle teksten die deze ‘Nachtwacht van de Middelnederlandse letterkunde’ bevat: de plaats van de afzonderlijke teksten in het handschrift, hun opschriften, incipits, explicits en afrondingsformules, een parafrase van hun inhoud. Ook bood het Repertorium gegevens over de auteurs van de teksten, tekstsoort, vorm en omvang en nog veel meer.

De verleden tijd in deze zinnen is bewust gekozen: de cd-rom is op de meeste hedendaagse computers niet meer te lezen. Om het Repertorium opnieuw toegankelijk te maken heeft het Huygens ING de data en de software van de cd-rom opgeslagen in een zogeheten ‘virtual machine’. Iedereen – ook zij die de cd-rom niet hebben – kan deze virtual machine nu downloaden via de website van het Huygens ING, waar een stap-voor-stap instructie is te vinden. Uitgeverij Verloren heeft het boek met inleidende teksten nog steeds in voorraad, en biedt het een nieuwe generatie gebruikers van het Repertorium aan voor de vriendschappelijke prijs van 10 euro – zie de website van Verloren

Geplaatst in cultuur, letterkunde, nieuws, websites | Getagged , | Één reactie

Appollonius van Thyro : Hoofdstuk 9

Die schoone ende die suverlicke historie van Appollonius van Thyro

Kritische editie van het enig bewaardgebleven exemplaar
[Middelburg, Planbureau en Bibliotheek van Zeeland, signatuur 1108 C 43]
van de druk van Christiaen Snellaert, Delft 1493,
in combinatie met een diplomatische editie van de Latijnse brontekst uit de Gesta romanorum, zoals gedrukt door Gheraert Leeu te Gouda in 1480.

Hoofdstuk 9

Bij wijze van inleiding

Alle gepubliceerde hoofdstukken, met hier en daar een verbetering, als één pdf-bestand.

Geplaatst in edities, letterkunde | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Slimme slaven en knullige knechten

Door Ton Harmsen

De Romeinse komedie (waarvan Plautus en Terentius de belangrijkste auteurs zijn) beschikt over een vast arsenaal aan personages. De oude man (senex) is vaak  knorrig, vermogend en gierig. Zijn zoon is vaak onbezonnen, onstuimig en verliefd. Het arme meisje, de geliefde van de zoon, blijkt later een uitstekende schoondochter te zijn. De oude dokter stelt vaak een verkeerde diagnose, en de klaploper praat iedereen naar de mond die hem mee wil laten eten. De meest bijzondere rol is weggelegd voor de slaaf: in zijn optreden toont hij niet de minste serviliteit. Hij is intelligent en ad rem. In komedies over gedwarsboomde liefdes staat hij aan de kant van de zoon en lost hij diens moeilijkheden op door zijn brutale, sluwe en doortastende optreden.

Lees verder

Geplaatst in edities, letterkunde, websites | Getagged , , , | Één reactie

Nasynchroon

Door Marc van Oostendorp

Voor het eerst gaat een serie voor volwassenen nagesynchroniseerd worden op de Nederlandse tv. Wat betekent het dat die serie uit Duitsland komt?

(Bekijk deze video op YouTube.)

 

Geplaatst in video, vlog | Getagged | 3 Reacties

Vacature: promovendus ‘Between Dutch and French: A quantitative analysis of language choice, 1500-1900’.

Bij het Leiden University Centre for Linguistics (LUCL) start in het najaar van 2018 het project Pardon my French? Dutch-French Language Contact in the Netherlands, 1500-1900, gefinancierd door NWO. Een van de deelprojecten heet Between Dutch and French: A quantitative analysis of language choice, 1500-1900. Het onderwerp is taalkeuze in het dagelijks leven van meertalige individuen. Specifieke aandacht zal uitgaan naar bronnen uit het dagelijks leven, zoals brieven, dagboeken en publieke media.

Lees verder

Geplaatst in vacature | 2 Reacties

Gedicht: Désanne van Brederode – Kwijt

Uit Verzonnen grond, het poëziedebuut van schrijfster Désanne van Brederode.

Kwijt

Er raakte iets onvindbaar. Leek het op licht?

Ik ben het vergeten. Het sloop weg, hoewel het voetloos was.
Het verpulverde, maar zonder stoffelijk te zijn geweest.
Het smolt onder mijn voeten, terwijl ik nog steeds bleef staan,
recht overeind. De lucht bleef lucht, hooguit
verdween het hemelse eruit, het ruisen van veren,
de opspattende glans van gras en planten,
de geurige allure van een nog ongevallen regen.
Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged , , | Een reactie plaatsen