Paffenrode’s treurspel over Willem van Arkel

Door Ton Harmsen

Veldslagen, belegeringen van steden en strooptochten van legers: de literatuur staat er vol mee. Het beleg van Maastricht van 1673 (de stad is vaker ingenomen) is op minstens twee plaatsen terug te vinden in de literatuurgeschiedenis. Op 24 juni 1673 sneuvelde daar de graaf van Artagnan, die eeuwig voortleeft in De drie musketiers van Alexandre Dumas. Franse troepen namen daarna de stad met grof geweld in. Het standbeeld van d’Artagnan is een literaire bedevaartplaats voor toeristen uit de hele wereld. Eén dag eerder sneuvelde aan de andere zijde jonkheer Joan van Paffenrode – misschien als laatste geveld door een musketkogel van d’Artagnan. Ook hij neemt een voorname plaats in in de literatuurgeschiedenis, maar omdat hij geen standbeeld heeft kan hij helaas niets betekenen voor de Maastrichtse horeca. De vernieuwde belangstelling voor zeventiende-eeuws toneel zal hier wellicht verandering in brengen.

Paffenrode werd in 1618 in Gorcum geboren als zoon van jonkheer Jacob van Paffenrode, de lokale drost, en Wilhelmina van Arkel, die uit een oud adellijk geslacht stamde. Hij zette zijn titel ‘Vrijheer van Gussigny’ luister bij door carrière te maken in het leger: hij nam deel aan veldtochten van Frederik Hendrik, en legde de eed van kapitein af; in 1652 werd hij benoemd tot commandeur van het garnizoen van Arkel, en hij eindigde (letterlijk) zijn loopbaan als commandant van een regiment. Maar hij is vooral beroemd gebleven als letterkundige: alle literatuurgeschiedenissen behandelen zijn werk. Lees verder

Geplaatst in column, edities, letterkunde | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Spookklinkers

Door Marc van Oostendorp

Gisteren mocht ik samen met mijn Italiaanse collega Edoardo Cavirani de wereldberoemde Manchester Phonology Meeting openen met een lezing over spookklinkers. Je hebt zulke klinkers – je hoort ze niet, maar ze geven allerlei signalen af dat ze er wel degelijk zijn – in allerlei talen en Edoardo en ik zijn bezig daar een theorie over te ontwikkelen. Hij gaf wat voorbeelden uit Toscaanse dialecten en ik mocht iets vertellen over enkele Nederlandse voorbeelden.

Er zijn bijvoorbeeld allerlei dialecten – zowel in Twente als rond het IJsselmeer als in de buurt van Gent – waarin je de slotmedeklinker van ik geloof niet uitspreekt als een f, maar als een v. Nu eindigen woorden in geen enkel Nederlands dialect ooit in een v als ze worden uitgesproken, zo min als ze uitgesproken ooit bijvoorbeeld op een z eindigen. Dat heeft iets te maken met het feit dat je je stembanden laat trillen als je een v en een z moet uitspreken en dat doen wij liever niet aan het eind van een woord. Dus zijn zelfstandig naamwoorden als geloof en wees in het meervoud weliswaar geloven en wezen, maar kies je in het enkelvoud voor de naastliggende klanken, f en s. Dat fenomeen heet verscherping.

Lees verder

Geplaatst in column | Getagged | Een reactie plaatsen

Gedicht: Maarten van der Graaff – Lijst met rituelen

• Maarten van der Graaff is een van de Nederlandstalige dichters op Poetry. Bezoek Poetry met korting.

Lijst met rituelen
Voor CAConrad

Overgiet een grijze Kadett met cognac.
Ga in de grijze Kadett naar Umbrië.
Stap in Umbrië uit de Kadett.
Begraaf een gedicht van Pasolini
onder een kurkeik of een jeneverbes.

Er blijft iets ongezegd.
Vernietiging heeft ons gekozen,
vernietiging heeft zich geopend.

Overgiet de grijze Kadett met siroop.
Reis in de grijze Kadett naar een loofbos.
Voer daar de leer- of werkstraf uit
van een vreemde.
Begraaf een gedicht van Dickinson. Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged | Een reactie plaatsen

Die vergaderinge der historien van Troyen : Hoofdstuk 12

Die vergaderinge der historien van Troyen,

ghecompozeert ende vergadert vanden eerbaren man
meester Roelof die Smit,
priester ende cappelaen van mijn zeer geduchtighe here,
mijn here den hertoghe van Bourgongen, Philipus,
int jaer .M.CCCC. ende .LXIIIJ.

zoals gedrukt door Jacob Bellaert te Haarlem in 1485

Boek I, Hoofdstuk 12

Verantwoording

Geplaatst in edities, letterkunde | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Etymologie: zwelgen

Door Michiel de Vaan

zwelgen ww. ‘zich te buiten gaan’

zwelgenOudnederlands farsuuelgit ‘verzwelgt’, farsuelge ‘verzwelge’ (Wachtendonckse Psalmen, 901–1000), Middelnederlands swelgen (swalch, geswolgen) ‘doorslikken, verslinden’ (1240), gesuelgen ‘doorslikken’ (1265–1270), ghesuelch ‘keel’ (1276–1300), verswelghen ‘doorslikken, opslokken’ (1265–1270), Suelghemast toenaam ‘die voedsel verbrast’ (1270).

Vnnl. swelghen ‘gulzig opeten of -drinken; doorslikken’ (1516), variant swilghen (1582); afgeleiden betekenissen ‘brassen, losbandig leven’ (1573), zwelgen in ‘baden in, opgaan in’ (1814). Dialectvarianten zwalgen (WVla.), zwilgen (OVla., WBrab.).

Verwante vormen: Mnd. swelgen, Oudhoogduits swelgan, swalh, -swolgan, Mohd. schwelgen, MoWFri. swolgje, Oudengels swelgan, MoE swallow ‘doorslikken’, Oudijslands svelga (sterk ww.), svelgja (zwak ww.) ‘inslikken, verslindenʼ.

Lees verder

Geplaatst in taalkunde | Getagged , | Een reactie plaatsen

Oog in oog met verloren gewaande auteursportretten

Voor haar onderzoek naar literaire canonvorming in de achttiende eeuw bestudeert promovenda Lieke van Deinsen (RU) het Panpoëticon Batavûm, een bijzondere achttiende-eeuwse verzameling auteursportretten. Ongeveer tachtig van de oorspronkelijk bijna driehonderdvijftig portretten zijn tegenwoordig in het Rijksmuseum te zien. Waar veel van de overige portretjes zijn gebleven is vooralsnog een raadsel.

Vorige week stond Lieke in een Amsterdams antiquariaat oog en oog met twee verloren gewaande portretjes uit het Panpoëticon Batavûm. Het gaat om de zeventiende-eeuwse econoom-dichter Adam van Lintz en de achttiende-eeuwse Zeeuwse schrijver Joan Steengracht. Met name het portret van Joan Steengracht was een grote vondst: tot op heden was er geen schilderij van deze man bekend.

In oktober lanceren Lieke van Deinsen, Ton van Strien en Timothy De Paepe een website waar een digitale reconstructie van het Panpoëticon is te vinden. Verschillende Nederlandse en Vlaamse onderzoekers zullen de veelal vergeten auteurs met een kort artikel bijzetten in deze achttiende-eeuwse literaire canon.

Klik hier voor meer informatie over Liekes onderzoek bij het Rijksmuseum en de aankomende website.

Naamloos1 Naamloos2

Joan Steengracht (links) en Adam van Lintz (rechts).

Geplaatst in letterkunde | Een reactie plaatsen

Variatie en verandering van het Latijn

Door Marc van Oostendorp

coverWe spreken in de Lage Landen misschien sinds 2500 jaar een taal die je Nederlands kunt noemen, of een voorloper van het Nederlands. Maar het Latijn wordt in onze streken ook al zo’n 2000 jaar gesproken. En natuurlijk, het is altijd een minderheidstaal geweest, maar lange tijd was het wel de taal van een minderheid die cultureel, economisch en politiek de dienst uitmaakte. Bovendien had je overal in Europa dergelijke elites.

Het boek Latijn. Cultuurgeschiedenis van een wereldtaal van Jan Bloemendal, onderzoeker aan het Huygens Instituut, geeft een redelijk handzaam en toegankelijk overzicht over de geschiedenis van de taal – van het allereerste begin, als de streektaal van Latium, het gebied rond Rome (het tegenwoordige Lazio) tot aan de huidige tijd, waarbij de nadruk overigens wel ligt op de periode vanaf 200 jaar voor het begin van onze jaartelling tot en met het Neolatijn van de Renaissance. Hij beschrijft hoe de taal een wereldtaal kon worden: niet eens zozeer doordat de Romeinen aan de veroverde gebieden die taal oplegden alswel doordat het voor de inwoners van die gebieden simpelweg handig was om met de overheersers over handel en recht te kunnen praten; hoe de taal bij het instorten van het (West-)Romeinse rijk als het ware onderdook in de kloosters en de kerken, maar daarmee ook de taal van de intellectuele elite werd. En hoe het tijdens de Renaissance het geluk had nu weer als de taal van de moderne tijd te worden beschouwd.

Lees verder

Geplaatst in recensies | Getagged , , | 2 Reacties

Gedicht: Willem Wilmink – Kruidenier Niessink schepte met gemak

• Onlangs verschenen: Handig literatuurboek – voor mensen met meer verstand dan opleiding, een door Guus Middag bezorgde keuze uit de stukken die Willem Wilmink schreef – met veel liefde, enthousiasme en kennis van zaken – over boeken en schrijvers.

Kruidenier Niessink schepte met gemak
enorme slierten zuurkool in een zak.
Hij gaf mijn buurmeisje en mij een keer
plaatjes cadeau, doorzichtig en heel teer,
het ene rood, het andere groen. Of blauw?
Op beide plaatjes stond een boerenvrouw,
trots, in zowat dezelfde keuken, maar
legde je die plaatjes op elkaar,
dan werd het één tafereel, zo echt, zo diep,
alsof je zelf dwars door die keuken liep.

Geschiedschrijvers blijven datzelfde doen:
steeds een nieuw heden op het oude toen,
en het verleden wordt zo klaar als glas
en dieper dan toen ’t zelf nog heden was.
Men varieert de plaatjes eindeloos:
Romeinen, Grieken, ridders, farao’s,
of, ’t allermooiste toch, de eigen jeugd,
waarvan ons misschien nog wel veel meer heugt
dan er ooit was, in ’t wijde vergezicht
van de ene prent die op de andere ligt.

Willem Wilmink (1936-2003)
uit: Javastraat (1993)

Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged | Een reactie plaatsen

Symposium ‘Neerlandistiek met stijl’

30 september 2016, 10:00-17:15 uur
Universiteit Leiden

Symposium ter gelegenheid van het afscheid van
Arie Verhagen als hoogleraar Nederlandse Taalkunde aan de Universiteit Leiden

Deze zomer bereikt Arie Verhagen de pensioengerechtigde leeftijd. Voor Arie betekent dat geen definitief afscheid van de Universiteit Leiden en daarom zal hij nog geen afscheidscollege geven. Wel komt er een einde aan zijn hoogleraarschap Nederlandse Taalkunde – een leerstoel die hij vanaf 1998 bekleedde. Om dit bijzondere moment niet onopgemerkt voorbij te laten gaan, organiseren wij op vrijdag 30 september een symposium over een onderwerp dat Arie nauw aan het hart ligt: stilistiek in de Neerlandistiek. Lees verder

Geplaatst in evenementenagenda | Getagged , | Een reactie plaatsen

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XVIII: Van Vicenza tot Genève

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Geplaatst in edities | Getagged , , | Een reactie plaatsen