Flitsquiz: welke neerlandici gedenken we de komende week?

Goedemorgen beste Koen Rymenants, Cefas van Rossem en andere vrienden van de verscheiden neerlandici! De lijst met geboorte- en sterfdagen heeft een nieuwe impuls gekregen door een geheimzinnige e-mailcorrespondentie met Jan Noordegraaf en Joop van der Horst in de afgelopen week. Wat voor project werd er eind jaren tachtig van de vorige eeuw uitgevoerd op de UvA en waarom liep het dood? Wat ligt er allemaal verborgen op de zolder van Jan Noordegraaf? Wat hebben René Appel en Dik Zweekhorst met elkaar te maken? Het onderzoeksteam van Neerlandistiek werkt koortsachtig om de onderste steen boven te krijgen.

In de tussentijd weer een spannende aflevering van onze flitsquiz. Verderop in de week gedenken wij de geboortedag van een neerlandicus wiens naam lange tijd een begrip is geweest in brede kring. Misschien omdat zijn zoon, eveneens een bekend neerlandicus, een biografie over hem schreef, maar toch vooral om het monumentale werk, dat zich als een Chinese muur over de decennia uitstrekte.

De vraag van deze week is: wie was deze neerlandicus en over welk werk gaat het?

 

Geplaatst in quiz | 3 Reacties

Hier vind je alles over Zwarte Piet en over meigroen

Door Marc van Oostendorp

Vandaag leid ik jullie eens even rond door de bibliotheek van het Meertens Instituut.

Geplaatst in column, vlog | Getagged , | Een reactie plaatsen

Gratuit gezeik over A.F.Th. van der Heijden

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (1/60)

Door Marc van Oostendorp

Memo 2016-06-25 06-47-05 +0000President Tsaar schreef ik gelijk op met de ontwikkelingen in de werkelijkheid,” zegt A.F.Th. van der Heijden vandaag in NRC Handelsblad. “op een aanvankelijk ongemakkelijke, tastende manier: iets geheel nieuws voor me.”

Het is daarom passend dat het feuilleton in de krant verschijnt. Zo kunnen wij van het publiek het verhaal op onze beurt ongemakkelijk, tastend lezen, gelijk op met de werkelijkheid. Om dat te eren wil ik deze zomer net als de schrijver ‘iets geheel nieuws doen’: dag-aan-dag meelezen met President Tsaar op Obama Beach. Vandaag stond de eerste aflevering in de krant <hier>.

Náást dat interview met Van der Heijden. Lees verder

Geplaatst in column, letterkunde | Getagged , , | 2 Reacties

Gedicht: Albert Verwey – Sint Joris en de draak

SINT JORIS EN DE DRAAK

Ik zag u eens, mijn koning, toen de muur
Spleet en in de enge cel, nu maatloos groot,
Stondt gij wiens diadeem om ’t voorhoofd sloot
En beide uw ogen waren sproeiend vuur.

En met uw lans troft gij den draak, ’t onguur
Gedrocht, karbonkel-ogig: door dien stoot
Sprong ’t bloed zwart-rood en spoot omhoog en vloot
Gelijk een stroom en daar ik staar en tuur

Windt hij door groene weiden en de stad
Rijst aan zijn boord en schepen wieglen er
Vol schat en volk naar de ondergaande zon.

Ik zat als op een heuvel en ik kon
Den schemer zien die oprees, vaag en ver –
En ’t was alsof ik in uw schaduw zat.

Albert Verwey (1865-1937)
Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged | Een reactie plaatsen

Ik had zoiets van: “Lang leve de van-citaties!”

Door Gillan Wijngaards
(student Nederlandse Taal en Cultuur, Leiden)

Ze zijn vaak een onderdeel van de top 10 grootste taalergernissen onder Nederlanders. Zinnen als Ik had zoiets van: “Nee dankjewel!” of Toen zei ik van: “Eindelijk” zijn volgens velen geen prachtige voorbeelden van de Nederlandse taal. Toch worden ze, ondanks de ergernissen, door iedereen overweldigend veel gebruikt: man en vrouw, rijk en arm, hoogopgeleid en laagopgeleid. Maar waarom? Wat is de functie van deze eigenaardige, gehate constructie? Iedereen die de zogeheten van-citaties onnodig vindt zou toch eens goed moeten opletten waarom en hoe ze eigenlijk gebruikt worden, want er zijn genoeg redenen voor het gebruik. Open daarom uw taalpuristische hart en omarm dit lelijke eendje van de Nederlandse taal.

Nog een jaar

De oorsprong van de van-citaties ligt waarschijnlijk bij de Engelse ‘I was like’– constructie. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , | Een reactie plaatsen

Mijn spade lent’

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (77)
Het Nederlandse sonnet bestaat 451 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Het bijvoeglijk naamwoord spade (‘laat’) heeft zijn doodsstrijd nog lang weten te rekken. Inmiddels is het geloof ik verdwenen: ik geloof niet dat iemand het ooit op Facebook heeft gebruikt, tenzij misschien om een oude dichter aan te halen. Jan Jacob Lodewijk ten Kate bijvoorbeeld, die een vertaling maakte van een sonnet van Milton:

Milton op zijn drie-en-twintigste verjaardag

De dief der jeugd, de vlugge tijd, ontstal
Mij op zijn wiek mijn drie-en-twintig jaren.
Mijn dagen vliên–‘k zocht vruchtloos overal:
Mijn spade lent’ doet bloem noch knop ontwaren.

Mijn uiterlijk misleidt: ‘k zal haast mij scharen
Bij ’t mannenkoor, naar mijner jaren tal;
Maar heb ik ook die geestes-rijpheid al,
Die vroegontwikkelden bij zich ervaren?

’t Zij schittrend of gering, ’t zij vroeg of laat,
Mijn krachten ook vervullen eens heur maat,
En doen mij ’t pad van mijn bestemming loopen,

Waarheen de tijd en ’s hemels wil mij drijft.
Blijf ik mijn roeping trouw–Gods Trouw ook blijft:
Mijn toekomst ligt voor ’s Meesters oogen open.

Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , , | 3 Reacties

Gedicht: Mustafa Kör – Café Flanders

Ben jij liefde is de debuutbundel van Mustafa Kör.

 

CAFE FLANDERS

Een stoffige biljaar omzoomd
door een dozijn kraaien van mannen

Tattoos schreeuwen om het hardst
geuzennamen, zwevend als trillende
gedachten ballonnetjes door een waas
van rook en bier

Hoegaardens wit op spiegels
vol gefermenteerde vliegen feces
Vlaams grijs op wegdek
in mijn hoofd bezingt
Raymond twee meisjes

Opklaringen en buien tongen
dat het een levenslust is als ik
tegen een plataan ingeblikt
sterf voor het gloort in mijn land

Mustafa Kör (1976)
uit: Ben jij liefde (2016)
Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged | Een reactie plaatsen

Te verschijnen: Een nieuwe editie van Felix Timmermans’ Pallieter

Timmermans-PallieterVolgende week verschijnt een nieuwe editie van Felix Timmermans’ Pallieter bij Uitgeverij Polis, bezorgd door Wendy Lemmens en met een nawoord van Kevin Absillis. In een paradijselijk landschap geniet Pallieter als een nieuwe Adam gulzig van het leven. Op een dag ontmoet hij zijn Eva, die Marieke blijkt te heten. Zij houden van elkaar en hun liefde wordt bezegeld met een drieling. Wanneer zijn ongerepte vallei aan de industrie en het grote geld wordt geofferd, trekt Pallieter met zijn gezin de wijde wereld in.

Pallieter (1916) is een verrukkelijke ode aan de natuur, het volle leven en de universele broederschap. Lees verder

Geplaatst in pas verschenen | Getagged , , | Één reactie

Pas verschenen: Taal is business

Taalisbussiness-429x600We merken allemaal in ons dagelijks leven dat de impact van de internationalisering en de wereldhandel ook effect heeft op de communicatie en de wijze waarop nieuwe producten en diensten ons worden aangereikt. Het belang van taal en – vaak erg gespecialiseerde – communicatie is onmiskenbaar voor de economie. Maar hoe kan taal nu verbonden worden met business? Wat zijn de uitdagingen, en dan vooral de talige uitdagingen, waarmee bedrijven en instellingen te maken krijgen? En hoe gaat een multiculturele samenleving om met informatievoorzieningen? In dit boek toont Frieda Steurs, hoogleraar terminologie en taaltechnologie, met tal van voorbeelden uit verschillende domeinen aan dat de taalindustrie een feit is geworden.

Lees verder

Geplaatst in pas verschenen | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Met Lambert van den Bos naar de kerken van Napels

Door Ton Harmsen

SpaccanapoliWie naar het buitenland gaat koopt een reisgids. In de zeventiende eeuw was dat niet anders. Er waren gidsen voor allerlei landen, variërend van praktische handleidingen (type Lonely Planet) tot beschrijving van kunst en cultuur (Agon cultuurgids). Italiëgangers – handelaars, studenten, geleerden, geestelijken en militairen – reisden over de Alpen of per boot, en bezochten Milaan, Florence, Venetië en Rome. Napels was veel minder in trek, misschien vond men het te ver of te onveilig. Het was niet zo dat men geen belangstelling had voor de oude en rijke hoofdstad van het koninkrijk Napels, want de gidsen bevatten vaak een uitvoerige en euforische beschrijving van de schoonheden ervan. In ieder geval geldt dit voor de Wegh-wyser door Italien, die voor het eerst verscheen in 1657. Vier jaar later kwam een vermeerderde en geïllustreerde editie uit, en weer vier jaar later de derde druk van dit werk van Lambert van den Bos, de orangistische Dordtse conrector die een van de meest productieve auteurs van zijn tijd was. Zijn boeken, veelal vertalingen en compilatiewerken, maken allerlei kennis toegankelijk voor het Nederlandse publiek. Hij vertaalde als eerste Don Quichotte in het Nederlands, hij schreef lofdichten op de Oranjes en hun veldheren, en schreef of redigeerde talrijke historiewerken. Hij was goed thuis in de contemporaine geschiedenis van Napels: zijn vertaling van Giraffi’s Napelsche beroerte (1652) over de opstand van Mas Anjello (1647) bracht Thomas Asselijn in 1668 tot het treurspel Op- en ondergang van Mas Anjello, of Napelse beroerte. Zelf schreef Van den Bosch ook zeven treurspelen, waarvan er enkele door Ceneton zijn uitgegeven.

Lees verder

Geplaatst in column, cultuur, edities, letterkunde | Getagged , | Een reactie plaatsen