Gedicht: Gaston Burssens – Jodelende Tyrolers

Jodelende Tyrolers

Als de Tyrolers jodelen
het halali het halalo
niet als de foxtrot Alleluia
maar als het halali
maar als het halalo
maar als het halali op den bergtop
maar als het halalo in het dal
jodelende echo van alp tot alp
niet als de foxtrot Alleluia
op den bergtop
in het dal
overal in het dal
waar meiden zijn
overal waar tyroolsche meiden zijn
daalt geen avondrust
daalt in het dal geen avondrust

Jodelende echo van alp tot alp
avond van jodelende alpen
daalt in het dal geen avondrust
al klept het Angelus
een klokje ’t Angelus
klepelklaar het Angelus
in het dal overal
waar tyroolsche meiden zijn
meiden zijn
en jodelende Tyrolers.

Gaston Burssens (1896-1965)

Geplaatst in gedicht | Getagged , | Een reactie plaatsen

Lotte Jensen over Verlichting in de Letteren

Eerder deze week gaf Lotte Jensen (Radboud Universiteit Nijmegen) een lezing in Eindhoven over ‘Verlichting in de Letteren’.  De Verlichting was de tijd waarin het ‘licht’ van de rede doorbrak en de mens mondig werd door zijn eigen verstand te gaan gebruiken. Door de opkomst van het Verlichtingsdenken veranderde het wereldbeeld ingrijpend op religieus, politiek en cultureel vlak.

Ook de literatuur was volop in beweging. Jensens lezing biedt een inkijkje in het licht dat Nederlandse verlichte schrijvers uit de achttiende eeuw wilden verspreiden. Ze bespreekt onder meer Heimen Dullaert (‘Aen myn uitbrandende kaerse’), Constantijn Huygens (‘Oogentroost’), Hiëronymus van Alphen, Nicolaas Simon van Winter en Pierre Kemp.

 

Geplaatst in letterkunde, video | Getagged | Een reactie plaatsen

Galien Rethore : hoofdstuk 42

De historie van Galien Rethore

Hier beghint die seer schoone wonderlijke historie van den aldervromsten campioen Galyen Rethore met oock die aldermeeste bloetstortinghe der Kerstenen ende der heydenen, geschiet op den Ronchevale, doer die verradereie vanden alder valschsten verrader Gouweloen.

Zoals gedrukt door Willem Vorsterman te Antwerpen [1520-1525?]

Hoofdstuk 42 (lees-editie)

Hoofdstuk 42 (studie-editie)

Hoofdstukken 1-42 (epub editie) – Hoofdstukken 1-42 (pdf-editie)

Facsimile van de druk: EHC Antwerpen 812424

 

Geplaatst in edities, letterkunde | Getagged | Een reactie plaatsen

Het begrijpen van de vorm. Interview met Jos Biemans, deel 3

door Viorica Van der Roest

Gisteren vond aan de UvA het afscheidscollege plaats van Jos Biemans, sinds 2004 bijzonder hoogleraar in de Wetenschap van het handschrift in relatie tot de beschavingsgeschiedenis, in het bijzonder van de Middeleeuwen (500-1500). Ter gelegenheid daarvan op Neerlandistiek.nl een interview met hem, in drie delen.

Gisteren verschenen deel 1 en deel 2 van dit interview.

Dus nu ga je met pensioen. Wat zijn je plannen voor de komende tijd?

Vroeger had ik een lijstje met plannen tot áán mijn pensioen, eentje met plannen voor na mijn pensioen, en ik had een lijstje van dingen die ik na mijn dood wilde gaan doen. Die laatste reeks plannen, die heb ik nu aan anderen doorgegeven, en de plannen voor na mijn pensioen ga ik met anderen samen uitvoeren, om dat lijstje toch zo veel mogelijk af te maken. Want het wordt ook tijd om wat meer in gezinsverband te gaan doen. Mijn vrouw en ik willen al jaren een keer een deel van Italië gaan bekijken waar we nog nooit geweest zijn, en dat is nu al vier jaar uitgesteld, omdat er vanwege het werk geen ruimte voor was.

Er zijn ook nog dingen die ik moet afmaken, dingen die ik heb beloofd. Lees verder

Geplaatst in codicologie, letterkunde | Getagged , | Een reactie plaatsen

Stammenstrijd

Publicatie van dit stuk ging gisteren mis. Dit is een nieuwe poging  

Door Marc van Oostendorp

Een van de vele dingen die we de afgelopen weken hebben kunnen leren is dat je prof. dr. Willem Otterspeer niet boos moet maken, want de man zal niet ophouden met zijn visie op de werkelijkheid te geven totdat iedereen verdoofd in de touwen hangt. Een van zijn geliefkoosde strategieën in zijn strijd om duidelijk te maken dat de eerste door hem zelf samengestelde commissie achteraf uit volkomen incompetente leden bestond (en dat er niets mis was met de kwaliteit van het proefschrift) is dat er sprake is van een ‘richtingenstrijd’ en dat de door hem zelf aangeschreven commissieleden dus onverhoeds ineens allemaal tot de verkeerde richting bleken te behoren. Dat schreef hij in ieder geval deze week weer in de NRC

Dat argument blijkt te werken, heb ik de afgelopen dagen gemerkt. Vooral op geesteswetenschappers die de discussie niet van nabij hebben gevolgd of die in een heel andere discipline zetten werkt het argument enorm kalmerend: ah ja, natuurlijk, stammenstrijd. Nee, dan ben je uitgepraat, dat moet je natuurlijk niet hebben. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , | 2 Reacties

In memoriam Ben Peperkamp (21 april 1959 – 18 november 2017)

Door Johan Koppenol, Anne-Fleur van der Meer en Nelleke Moser (Literatuur en Samenleving, Vrije Universiteit)

Op 18 november 2017 overleed in het VUmc, aan de gevolgen van een longembolie, prof.dr. Ben Peperkamp, onze hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Vrije Universiteit. Wij zijn onthutst en verslagen door dit plotselinge verlies.

Ben werd geboren in Den Haag op 21 april 1959, maar hij groeide op in katholiek Brabant. Als jongetje mocht hij regelmatig zijn school verzuimen om misdienaar te zijn, omdat hij zo mooi vroom kon kijken – hij vertelde graag over de rijksdaalders die hem dat opleverde. Ben ging Nederlandse Taal en Letterkunde en Algemene Literatuurwetenschap studeren  in Utrecht. Na zijn afstuderen in 1987 begon hij daar aan een promotietraject en ook na het voltooien zijn dissertatie, bleef hij werkzaam aan de Universiteit Utrecht als docent, hoofddocent en senior onderzoeker.

In 2007 werd hij hoogleraar aan de VU. Ben begon zijn VU-loopbaan aan een traditionele opleiding Nederlandse taal en cultuur. Een aantal jaren na zijn aanstelling besloot de Faculteit Letteren  van de Vrije Universiteit te kiezen voor een model van brede bacheloropleidingen. Het werd een ingrijpende operatie, waarbij oude opleidingen verdwenen en samengevoegd werden in nieuwe constellaties. Zo ontstond in 2013 de opleiding Literatuur en Samenleving / Literature and Society. Het was Ben die met een enorme denk- en daadkracht de kar trok om de vereiste omslag mogelijk te maken. De website van de nieuwe opleiding is prachtig en terecht was Ben daar heel trots op: het is voor een belangrijk deel zijn werk. Lees verder

Geplaatst in In memoriam | Getagged | Een reactie plaatsen

Gedicht: Jan Glas – De man die goede pakken droeg

Uit Het waaide er, de nieuwe bundel van Jan Glas.

De man die goede pakken droeg

Ik deelde het bed met een man die goede
pakken droeg, schoenen om voor op de knieën
te gaan. Zijn oortjes had hij volgestopt met muziek.
In een voorjaar groeide een struikje verstandige
opmerkingen uit zijn mond. Het struikje
werd een boom en de man verdween in de grond. Lees verder

Geplaatst in gedicht | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Ambassadeur van het vak. Interview met Jos Biemans, deel 2

door Viorica Van der Roest

Vandaag vindt aan de UvA het afscheidscollege plaats van Jos Biemans, sinds 2004 bijzonder hoogleraar in de Wetenschap van het handschrift in relatie tot de beschavingsgeschiedenis, in het bijzonder van de Middeleeuwen (500-1500). Ter gelegenheid daarvan op Neerlandistiek.nl een interview met hem, in drie delen.

Vanochtend verscheen deel 1 van het interview.

We hadden het al even over het belang van de combinatie tussen Neerlandistiek en handschriftenkunde. Heb je het idee dat meer Neerlandici dat inmiddels begrijpen?

Nee, niet echt. De Neerlandistiek heeft het natuurlijk ook moeilijk nu, en dat is heel jammer. Het is voor de beoefening van de middeleeuwse letterkunde een lastige tijd, nog lastiger dan voor de moderne letterkunde. Ik vind dat universiteiten weer de expertisecentra moeten worden die ze ooit waren. Al die mensen die opgeleid worden en vervolgens niets meer doen met hun vak, worden naar de universiteit gelokt omdat de bestuurders de inkomsten nodig hebben. En dan hebben ze ook nog de studieduur verkort. Lees verder

Geplaatst in codicologie, letterkunde | Getagged , | Een reactie plaatsen

Dageraad

Door Michiel de Vaan

dageraad zn. ‘het aanbreken van de dag’

Vroegmiddelnederlands dageraet v. (1249), dageraid (1270–1290), dagerraet (1276–1300), dagraet (1291-1300), Dagheraet als bijnaam (1293), Middelnl. dagereit (1451–1500, Holland), Nieuwnl. dageraet m. (1572), daechraet (1599), dageraad (1793). Het behoud van dage- in de standaardtaal is vanaf de 17e eeuw vrij unaniem en in zoverre opvallend, dat de verwachte ontwikkeling tot daagraad al in 1599 wordt gevonden.

Verwante vormen: Middelnederduits dagerāt, dagerait, dagerēt, dāgerōt v., Oudhoogduits tagarōt m. ‘dageraad’, tagarōta v. ‘dageraad; avondschemering’, Middelhoogduits tagerât v., Oudengels dægrēd, dægrǣd o. ‘dageraad’, Oud-IJslands dagrāð o. ‘gunstig tijdstip’. Het woord werd ook als persoonsnaam gebruikt, bijv. in Ohd. Tagarat, OS Daghared, OE Dægred, al kan die ook onafhankelijk zijn ontstaan door het frequente voorkomen van Dag- en -Raad in Oudgermaanse namen.

Lees verder

Geplaatst in taalkunde | Getagged , | 5 Reacties

Stijl en taal, dichterlijke vrijheid en grenzen

De poëzie van Mustafa Kör

Door Fabian R.W. Stolk

Tot de plaatsen waartegen zich onze bezwaren richten en waarvan de overdenking uitwijst, dat de dichter er niet in geslaagd is precies onder woorden te brengen hetgeen hij bedoelde, kan men afwijkingen van de grammaticale vormen alleen dan rekenen, wanneer zij niet een kennelijk plastische of muzikale werking beoogen en ook werkelijk teweegbrengen, maar zonder nawijsbare en tot voordeel van het gedicht komende reden en noodzaak zijn toegepast.  (Donker 1946: 11)

Voor een poëzielezer kan het anno 2017 moeilijk zijn een taalfout te onderscheiden van welbewuste dichterlijke vrijheid. Taal verandert voortdurend, normen worden minder strikt, regels worden losser gehanteerd, Nederlandstalige dichters komen uit allerlei windrichtingen, taalgebieden. Dat was vlak na de Tweede Wereldoorlog wel anders, althans voor dichter en criticus Anthonie Donker, gezien zijn essay De vrijheid van den dichter en de dichterlijke vrijheid (1946).

Onze vrijheid nu is groter dan die van Donker. Maar ook hij onderkende dat de kracht van poëzie kan schuilen in talige aberraties, zeker wanneer die het de dichter mogelijk maken precies dàt uit te drukken wat hij/zij bedoelt. En poëzie, vooral goede (om in Donkers lijn te denken), kan de lezer bewust maken van de in het dagelijks leven vergeten rijkdom van de taal.

Toch zijn er dichters, ook dichters van belang, die fouten maken. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , , , , , | Een reactie plaatsen